- Nieuw Amsterdams Peil - http://napnieuws.nl -

Toch nog muziek in samenwerking Oost en muzyQ

Posted By Geertje Tuenter On februari 3, 2012 @ 17:00 In Algemeen, Nieuwsverhaal, Stad | No Comments

AMSTERDAM, 3 februari – Stadsdeel Oost en de eigenaar van muzyQ zijn het eens geworden over de toekomst van het muziekmakerscentrum. De eigenaar van muzyQ, Stichting Orfeos Studio, blijft eigenaar van het pand, mits ze binnen enkele jaren de hele hypotheeklast kunnen betalen. Eerder lukte dat muzyQ niet en moest het stadsdeel bijspringen.

Een oefenruimte in muziekcentrum muzyQ. Foto: MuzyQ

Een oefenruimte in muziekcentrum muzyQ. Foto: MuzyQ

Dat maken beide partijen vandaag bekend. Vorig jaar bracht het stadsdeel een bod uit op het centrum, waar oefenruimtes voor muzikanten worden aangeboden. Oost staat garant voor het muziekcentrum dat open ging in 2009. Het stadsdeel was daarom verplicht bij te dragen aan de hypotheek toen muzyQ dat in september 2010 zelf niet meer kon.

Dat bedrag is opgelopen tot zes ton. Het stadsdeel wilde het pand toen aankopen, maar het bod van 13,5 miljoen euro werd door Stichting Orfeos Studio geweigerd. Daarop stapte het stadsdeel in december vorig jaar naar de rechter.

De rechter adviseerde de beide partijen om met elkaar in gesprek te gaan. Dat wilde het stadsdeel niet tot een aantal dagen voordat de rechter uitspraak zou doen op 1 februari. Stadsdeelbestuurder Lieke Thesingh (Vastgoed, GroenLinks) noemt de overeenkomst “het beste voor beide partijen”. Als muzyQ ook op de lange termijn niet kan betalen, heeft stadsdeel Oost het recht het pand te kopen zonder tussenkomst van de rechter.

Directeur van muzyQ Chris de Jong is “opgelucht” over de uitkomst van de gesprekken tussen de gemeente en het muziekcentrum. “Eindelijk kan ik me voor de volle honderd procent inzetten voor het muziekcentrum.” In het begin zal muzyQ een “bescheiden deel” meebetalen, aldus De Jong. Wanneer muzyQ volledig op eigen benen moet staan, is nog onbekend.

Een onderzoekscommissie die de stadsdeelraad instelde, oordeelde in december vorig jaar dat voormalig stadsdeel Oost-Watergraafsmeer (nu stadsdeel Oost) grote financiële risico’s nam door garant te staan voor muzyQ. Het pand kostte 26 miljoen euro en daarmee viel de garantstelling meer dan twee keer hoger uit dan de 10 miljoen waar de deelraad mee had ingestemd. Een woordvoerder van stadsdeel Oost laat weten van de situatie “geleerd” te hebben. “We zullen een dergelijke constructie nooit meer aangaan.”

pixelstats trackingpixel

Jongeren uit bijstandsgezinnen de dupe van aanscherping Wwb

Posted By Gidi Heesakkers On februari 3, 2012 @ 16:58 In Algemeen, Nieuwsbericht, Stad | No Comments

Foto: verbeeldingskr8 (Flickr)

Foto: verbeeldingskr8 (Flickr)

AMSTERDAM, 3 februari – Amsterdamse jongeren uit minimagezinnen ondervinden negatieve gevolgen van de aangescherpte Wet werk en bijstand (Wwb). De nieuwe regels maken het voor hen moeilijker om aan het werk te gaan en veroorzaken spanningen in het gezin. Dat zegt jeugdhulpverleningsorganisatie Streetcornerwork.

Per 1 januari 2012 is de Wwb gewijzigd. Ouders en jongeren die samen in een huis wonen, ontvangen nu samen één bijstandsuitkering. De maatregel moet gezinsleden stimuleren om aan het werk te gaan en elkaar financieel te onderhouden. Om de hoogte van de uitkering te bepalen, worden de inkomens van alle gezinsleden meegeteld. Het inkomen dat thuiswonende kinderen ontvangen, betekent een korting op de uitkering van ouders. Studiefinanciering en loon uit leerwerktrajecten of bijbaantjes van studerende kinderen zijn uitgesloten.

Directeur van Streetcornerwork Robin de Bood signaleert dat ouders hun kinderen bij de gemeente in toenemende mate uitschrijven als inwonend. Zo kunnen zij hun uitkering blijven ontvangen. “Sommige kinderen gaan daadwerkelijk ergens anders wonen. Anderen wonen in de praktijk nog thuis, terwijl ze administratief zijn uitgeschreven. Of ze hoppen van bank naar bank bij vrienden.” Om hoeveel jongeren het gaat, kan De Bood niet zeggen. “Dat zijn we op dit moment aan het inventariseren.”

Ook de Dienst Werk en Inkomen (DWI) merkt dat de nieuwe Wwb “verhuisbewegingen” veroorzaakt. “Het is prima als risicojongeren bij een oom of tante met een stabiele thuissituatie gaan wonen. Maar heen en weer verhuizen, liegen over de woonsituatie of zelfs op straat belanden, is onwenselijk”, zegt een woordvoerder van het DWI. Volgens Streetcornerwork is het kwalijk als jongeren zich niet op een nieuw adres inschrijven en daarmee een postadres verliezen. Een postadres is nodig om hulp te krijgen van instanties.

De nieuwe Wwb-regels maken het volgens directeur De Bood niet aantrekkelijk voor jongeren om een laag betaalde baan te accepteren, omdat de ouders op hun uitkering kunnen worden gekort. “Zo’n situatie levert spanningen op in gezinnen die toch al niet probleemloos zijn.” De DWI kan zich bovendien voorstellen dat thuiswonende jongeren uit bijstandsgezinnen door de nieuwe regeling moeilijker kunnen sparen om uit huis te gaan.

Een woordvoerder van wethouder Andrée van Es (Werk en Inkomen, GroenLinks) laat weten dat de gemeente Amsterdam druk bezig is met het bestuderen van de effecten van de aangescherpte Wwb. “Het komende half jaar zullen we alle gevolgen in kaart brengen.”

pixelstats trackingpixel

‘Ajax moet werken aan homoacceptatie’

Posted By Haro Kraak On februari 3, 2012 @ 16:56 In Algemeen, Mooi, Nieuwsverhaal | No Comments

AMSTERDAM, 3 februari – De Amsterdamse voetbalclub Ajax moet meer doen om homoseksualiteit bespreekbaar te maken. Dat vinden de Amsterdamse D66-fractie en de John Blankenstein Foundation, die strijdt tegen homofobie in de sport. De stichting heeft bij Ajax aangeklopt om plannen voor homoacceptatie voor te leggen, maar Ajax wil alleen meedoen als andere clubs zich ook aansluiten.

Ajacied Christian Eriksen in actie tegen Spartak Moskou, maart 2011, foto: ???????? ????

Ajacied Christian Eriksen in actie tegen Spartak Moskou, maart 2011, foto: soccer.ru Wikimedia Commons

Gister werd in de gemeenteraad het dossier Gay Capital besproken. D66-raadslid Gerolf Bouwmeester merkte toen op dat er meer moet worden gedaan om het taboe op homoseksualiteit in de sport op te heffen en dat een grote club als Ajax daar een voorbeeldrol in moet spelen. Wethouder Van Es (GroenLinks, Integratie) reageerde hierop dat ze de kwestie zou bespreken met de burgemeester. Volgens de woordvoerder van Van Es klopt het niet dat de burgemeester en de wethouder besloten hebben om Ajax hier op aan te spreken, zoals eerdere berichtgeving vermeldt.

Ajax sloeg in december een slecht figuur toen geen enkele speler het boek “Het roze voetbaltaboe” van Dennis van Tuil in ontvangst durfde te nemen. Ze waren bang getreiterd te worden. Ajax greep niet in. “Dat is nou precies wat ik bedoel”, zegt Bouwmeester. “De club zou in zo’n geval moeten zeggen: ‘we nemen het boek met het hele team in ontvangst’.”

Karin Blankenstein, van de John Blankenstein Foundation, vindt ook dat er bij Ajax meer sturing van bovenaf mag plaatsvinden. “Wat kan je nou gebeuren als je een boek aanneemt?” Ajax zou homofilie zichtbaar moeten maken, vindt Blankenstein. Hoe dat precies moet is nog onduidelijk. Bouwmeester spreekt over voorlichting en het uitdragen van acceptatie. Blankenstein geeft aan dat de stichting nog zoekende is naar de juiste aanpak. “Het begint met het benoemen”, zegt ze. “Het is logisch dat iedereen welkom is, maar de club zou dat moeten benadrukken. Wit, zwart, homo of hetero: het maakt niet uit.”

Blankenstein wil vooral de beeldvorming rondom homofilie in het voetbal aanpakken. “Johan Derksen zegt: ‘als je uit de kast komt, wordt je kapot gemaakt’. Maar waar is dat op gebaseerd? Het stereotype is altijd: een homo kan niet voetballen, maar ook dat is nooit bewezen.” Zowel Blankenstein als Bouwmeester noemen het voorbeeld van ASV De Dijk, een voetbalclub in Amsterdam Noord. Daar wordt in samenwerking met de foundation openlijk gepraat over homofilie. “Bij het leger en de politie was het ooit ook onbespreekbaar”, zegt Bouwmeester. “Nu is dat wel anders. Voetbal is de laatste machoaangelegenheid waar homoseksualiteit nog taboe is. Dat moet anders kunnen.”

Ajax was niet bereikbaar voor commentaar.

Update 16:20, reactie Ajax: De club erkent dat het contact heeft gehad met de John Blankenstein Foundation en dat het niet ingegaan is op hun voorstel. Ajax heeft een breed uitgangspunt wat betreft discriminatie. De club is tegen alle vormen van discriminatie en maakt geen onderscheid tussen bijvoorbeeld racisme of homofobie. Daarom zijn ze erg selectief in hun keuze voor dergelijke initiatieven.

Enhanced by Zemanta [1]

pixelstats trackingpixel

“Je moet geen rare dingen doen met een museum”

Posted By Annemarie van de Vijsel On februari 3, 2012 @ 16:54 In Interview, Mooi | No Comments

Het Joods Historisch Museum krijgt per 15 maart een nieuwe zakelijk directeur. Liesbeth Bijvoet heeft naar eigen zeggen gevoel voor organisatie. De Amsterdamse blikt vooruit op haar nieuwe functie in de museumwereld.

Liesbeth Bijvoet, de nieuwe zakelijk directeur van het JHM. Foto: Jansje Klazinga

Liesbeth Bijvoet, de nieuwe zakelijk directeur van het JHM. Foto: Jansje Klazinga

AMSTERDAM, 3 februari – In het restaurant op de Zuidas dat één keer per jaar zijn eigen varkens slacht en dat zijn eigen aardperen kweekt, bestelt Liesbeth Bijvoet (48) een flesje Badoit. Ze kent de ober. “Een bijzondere plek is dit hè”, zegt ze. Het restaurant ligt pal naast Premsela, Nederlands Instituut voor Design en Mode. Daar is Bijvoet nu nog manager bedrijfsvoering. In maart verhuist ze naar het Waterlooplein, waar ze begint als de nieuwe zakelijk directeur van het Joods Historisch Museum.

U werkt nu in de mode- en designsector, een hippe en snelle sector. Is het Joods Historisch Museum niet te stoffig voor u?

“Erfgoed is hartstikke hip op het moment, het ligt aan de basis van het heden. Maar het Joods Historisch Museum is natuurlijk meer dan alleen erfgoed. We organiseren ook  tentoonstellingen over actuele onderwerpen.”

Maar bent u niet te zakelijk of te economisch ingesteld voor een traditioneel museum?

“Nee, daar lig ik geen moment wakker van.”

Heeft u naar deze functie gesolliciteerd?

“Niet actief. Ik werd gevraagd om te solliciteren. Toen ik van de functie hoorde dacht ik: ja, dat is eigenlijk wel een prachtige plek. En een promotie ten aanzien van het werk dat ik nu doe. Dan ben ik eigenlijk wel stom als ik daar niet op reageer.”

Wat is uw binding met de joodse cultuur?

“Ik zie de joodse cultuur als onderdeel van de Nederlandse en de Amsterdamse cultuur. Ik ben opgegroeid in Amsterdam Zuid, boven een orthodox-joodse familie. En ik heb op de Anne Frankschool gezeten.”

Wat zijn uw doelstellingen voor het museum?

“Het zou een beetje misplaatst zijn als ik een doelstelling voor het museum zou hebben. Alle musea en culturele instellingen in Nederland hebben dinsdag, as you will know, de beleidsplannen voor de periode 2013-2016 ingeleverd.”

Heeft u meegeschreven aan het beleidsplan?

“Nee, maar als ik het lees, krijg ik er zin in. In het realiseren van de inhoudelijke ambities van het museum. Financieel gebeurt er natuurlijk ook veel. Musea moeten van het kabinet steeds meer eigen inkomsten generen en verdienmodellen bedenken, het zogenaamde cultureel ondernemen. Dat is echt een politiek toverwoord. Het Joods Historisch Museum is daar voorstander van. De manier waarop ze er invulling aan geven spreekt me heel erg aan. Je moet geen rare dingen gaan doen als museum. Want dan denk ik: ja, daar ben je niet voor op de wereld gezet. Een museum moet doen waar het goed in is vanuit zijn eigen specialiteit.”

Wat moet zou een museum dan niet moeten doen?

“Je kunt natuurlijk feesten en partijen organiseren. Bruiloften, dat doen sommige musea. Dan loop ik door een museum en dan staat daar voor een schilderij een bruidspaar dat wordt gefotografeerd. Je moet ook geen discoavonden gaan organiseren omdat het lekker verdient. Dat is wel ondernemerschap, maar dat is geen cultureel ondernemerschap.”

De Hollandsche Schouwburg. Foto: Annemarie vd Vijsel

De Hollandsche Schouwburg. Foto: Annemarie vd Vijsel

“Het is de ambitie om van de Hollandsche Schouwburg een nationaal Sjoa Museum en herinneringscentrum voor de Holocaust te maken. Er ligt een haalbaarheidsonderzoek dat nog moeten worden besproken. Nieuwe ideeën over interactiviteit zullen daar vast ook in terugkomen. Het mooie van het Joods Historisch Museum vind ik zelf overigens dat je door vier synagogen loopt en dat voel je ook. Dat draagt echt bij aan de ervaring die je als bezoeker hebt.”

Hoe voelt dat dan?

“Ik kan niet nauwkeurig omschrijven hoe dat voelt. Maar eerlijk gezegd ga ik ook niet naar een museum zoals naar een kermisattractie. Dat je in een karretje stapt en dat je een ervaring hebt. Ik loop graag heel bewust door een museum. Je moet er zelf heel erg bij zijn.”

Denkt u dat jonge mensen zich genoeg aangetrokken voelen tot het Joods Historisch Museum?

“Ja, bijvoorbeeld met het JHM Kindermuseum. En er is een uitgebreid educatief programma opgericht. Het is de bedoeling om de hele trits van basis onderwijs tot wetenschappelijk onderwijs te bedienen.”

Loopt het Joods Historisch Museum niet het risico dat het publiek op een gegeven moment vergrijst?

“Ik weet niet of dat voor het Joods Historisch Museum meer een issue zal zijn dan voor andere musea. Het museum gaat over cultuur, hè. De gedachte is misschien dat de oorlog steeds verder naar de achtergrond verdwijnt. Maar dat is slechts één deel van het museum. Daarmee is natuurlijk niet het hele verhaal van de joodse cultuur verteld.”

Het Joods Historisch Museum had in 2010 ruim 130 duizend bezoekers, dat is minder dan de meeste musea in Amsterdam.

“Door de integratie met de Portugese Synagoge en de Hollandsche Schouwburg hopen we dat het bezoekersaantal groter wordt. In 2010 hadden we 230 duizend bezoekers voor de Hollandsche Schouwburg, de Portugese Synagoge en het Joods Historisch Museum samen. Daarvan waren er 45 duizend onderwijsbezoeken. Ik vind dat best veel hoor. Het is natuurlijk geen Anne Frank Huis.”

Het kabinet verhoogt de eigen inkomenseis voor musea van 17,5 naar 21,5 procent in 2016. Haalt het Joods Historisch Museum dit?

“Ja.”

Dus de bezuinigingen in de cultuursector leveren niet zoveel problemen op?

“Er komt misschien nog een extra bezuinigingsronde aan, want het kabinet gaat weer meer bezuinigen.”

Het museum wordt 10 procent gekort op de rijkssubsidies, net als de andere Rijksmusea. Als ik dat zo hoor, heeft het Joods Historisch Museum wel een luxepositie ten opzichte van andere Amsterdamse musea. Jullie zitten nog steeds in het langlopend subsidiestelsel.

“Als het goed is wel, maar je weet niet wat het advies van de Raad voor Cultuur zal zijn en wat daar de consequenties van zijn. De beleidsaanvraag is net verstuurd, daar moeten we nog ‘ja’ op krijgen. Een luxepositie zou ik nooit zeggen. Er wordt hard gewerkt en er staat een solide organisatie, maar je moet het wel steeds waarmaken.”

pixelstats trackingpixel

UvA-docenten blijven mogelijk toch aan

Posted By Teri Van Der Heijden On februari 3, 2012 @ 16:52 In Algemeen, Nieuwsbericht, Stad | No Comments

Logo UvA

AMSTERDAM, 3 februari – UvA-docenten klassieke talen David Rijser en Piet Gerbrandy behouden mogelijk toch hun baan. Frank van Vree, decaan van de Geesteswetenschappenfaculteit, laat weten dat er volgende week drie vacatures worden geadverteerd. “Dat opent perspectieven naar een oplossing.”

De door Van Vree genoemde vacatures komen beschikbaar in het nog op te richten Amsterdam Centre for Ancient Studies and Archeology (Acasa). “Interne kandidaten hebben daarbij voorrang”, zegt Van Vree. De opleidingen Klassieke Talen van de Universiteit van Amsterdam (UvA) en de Vrije Universiteit (VU) gaan ook onderdeel uitmaken van het Acasa.

Vorige maand werd bekend dat de docenten ontslag was aangezegd. Eén van de redenen was deze toekomstige samenwerking tussen de UvA en de VU. Vorige week vond een hoorzitting plaats over de kwestie, nadat de docenten tekenden bezwaar hadden aangetekend. Over de uitslag hiervan is nog niets bekend. Studenten kwamen ook in actie tegen het dreigende ontslag. Gisteren bood studentenpartij Mei decaan Van Vree de petitie ‘Behoud David en Piet’ aan, met meer dan 1200 handtekeningen.

Rijser en Gerbrandy zijn niet bereikbaar voor commentaar. Ze hebben afgesproken geen vragen van media te beantwoorden, “om de werkverhoudingen niet nog erger te verstoren”. Wel bevestigt Gebrandy dat er “het een ander aan het verschuiven is, wat enige hoop op een goede afloop geeft”.

pixelstats trackingpixel

Vuurwerk oorzaak brand Leger des Heils

Posted By Thomas Rueb On februari 3, 2012 @ 16:48 In Algemeen, Leven, Nieuwsbericht | No Comments

Leger des Heils (zwart-rood)

Harry Doef: "Ik wil er niet aan denken hoe het had kunnen aflopen." Foto: Thomas Rueb

AMSTERDAM, 3 februari – De brand die gisterochtend woedde in het Goodwillcentrum van het Leger des Heils is ontstaan door vuurwerksterretjes. Ze waren afgestoken door een jongetje van vier. Niemand raakte gewond.

Brandweer en politie rukten gisterochtend halfzeven massaal uit om een brand te blussen in het Goodwillcentrum in Amsterdam Noord. Harry Doef, manager bij het Leger des Heils: “Politie en brandweer weten ook: het is bij het Leger des Heils, dus er zijn veel kwetsbare mensen.” Twee appartementen van het voormalig klooster stonden in brand. De bewoners werden tijdelijk geëvacueerd.

Doef weet inmiddels wat de oorzaak van de brand was. “Een jongetje van vier heeft sterretjes afgestoken onder een bed in één van de appartementen. De matras is toen gaan branden.” Zijn twee jaar jonger zusje was er ook bij. Wat volgde was een korte, felle brand met snelle rookontwikkeling. “Het was schrikken, maar het viel uiteindelijk mee. Ik wil er niet aan denken hoe het had kunnen aflopen.”

De media verschenen kwamen in groten getale op de brand af. Het Parool en AT5 berichtten gisteren dat er vijf gewonden zijn gevallen. Niet waar, zegt Doef. “Er zijn vijf mensen door ambulancepersoneel onderzocht, om te controleren of ze geen last hadden van de rookontwikkeling, maar niemand was gewond.” Eén persoon werd naar het ziekenhuis vervoerd voor verdere controle. “Maar ook hij stond een uur later weer voor de deur.” Hij heeft de media hiervan op de hoogte gesteld, vertelt hij, maar tevergeefs. “Hun verhaal is blijkbaar interessanter dan hoe het echt gebeurd is.”

Het Goodwillcentrum in Amsterdam Noord is een opvangtehuis voor jonge moeders met een verstandelijke beperking. Het is één van de ruim veertig locaties van het Leger des Heils in Amsterdam. De jonge vrouwen wonen er met hun kinderen. De bewoners van de afgebrande appartementen zijn opgevangen door familie.

IMG_0939

Donderdagochtend woedde er brand in het Goodwillcentrum van het Leger des Heils. Foto: Thomas Rueb

pixelstats trackingpixel

“Ik mis een erotische nachtclub waar ik ook met mijn vrouw heen kan”

Posted By Lisa Van Der Velden On februari 3, 2012 @ 16:46 In Algemeen, Interview, Leven | No Comments

Het bestemmingsplan moet nog worden gewijzigd, maar hij heeft er alle vertrouwen in: deze zomer opent hij het eerste rooftoprestaurant in Amsterdam Centrum. Daarna zou horecaondernemer Bert van der Leden (o.a. Supperclub, Nevy, Nomads) graag een burlesque nachtclub neerzetten. “Ik vind het leuk om een van de eersten te zijn.”

Horecaondernemer Bert van der Leden. Foto: IQ Creative

Van der Leden (62) zit achterovergeleund op een stoel in zijn kantoor aan het Rokin, zijn handen achter zijn hoofd. Voor hem liggen twee telefoons op tafel. Aan de muur hangt een schilderij van een toiletrol. Gucci, staat er op het toiletpapier. Allereerst moet hem iets van het hart. “Ik vind het vervelend dat de horeca altijd negatief in de media komt. Dan wordt de euro gewisseld en hebben wij het verkeerd gedaan, dan schenken we weer water uit de kraan. Er is altijd wat. Maar er wordt nooit gezegd dat de gezamenlijke horeca de grootste werkgever van Nederland is, of de grootste werkgever in Amsterdam.”

Dan, ineens vrolijk: “Maar oké, waar gaan we het over hebben?”

Wat zijn precies uw plannen met het rooftoprestaurant?

“Bij Hoogland kun je straks over de hele stad heen kijken. Boven op het Rokin 75, dat is een mooi plekkie. Hoogland is eigenlijk alleen de werknaam, maar het begint te wennen. Onder het logo staat straks waarschijnlijk Terroir des Pays Bas. Van eigen bodem. We willen met producten uit Nederland gaan werken. Er zijn heel veel mooie Nederlandse producten, veel daarvan gaan naar de markt in Parijs. Mensen vergeten dat wel eens. De oesters, de mosselen, de kreeft uit Zeeland, maar ook mooie groentes. Er zitten rond Amsterdam veel biologische boeren. Daar willen we mee samenwerken. Ik heb er met mijn koks over gesproken en die vinden het allemaal heel spannend.”

Canvas zit ook op de bovenste verdieping. Wat maakt Hoogland uniek?

“In San Francisco en Berlijn zijn tientallen, misschien wel honderden rooftoprestaurants. In Amsterdam staat het concept nog in de kinderschoenen. Ik vind het leuk om één van de eersten te zijn.

“De gemeente is ook heel enthousiast over Hoogland. Het past in hun plannen met de zogeheten Rode Loper, waarmee Amsterdam de verslonsde entree vanaf het Centraal Station wil opknappen. De gemeente heeft zelfs Het Parool op mijn spoor gezet. Ik vroeg hen nog: ‘Vinden jullie het niet een beetje vroeg om met de media te praten, het bestemmingsplan is nog niet gewijzigd. Daar moeten jullie nog toestemming voor geven.’ Ze zeiden: ‘Nee hoor, we denken dat het wel goed komt.’”

Worden uw plannen altijd zo goed ontvangen of liep het ook wel eens minder soepel?

“Nee, eigenlijk nooit. Als ik het vergelijk met het buitenland dan denk ik dat wij niet mogen mokken over de overheid. Als je een redelijke vraag hebt, krijg je een redelijk antwoord. Ik heb het in het buitenland waanzinnig lastig gehad. In Rome pestte de overheid de Supperclub gewoon weg.”

Bij Nevy en Nomads wordt veel gebruik gemaakt van acties van kortingssite Groupon. Is dat een symptoom van de financiële crisis?

“Als je gebruik maakt van Groupon, dan denkt iedereen: ‘Het zal wel slecht gaan.’ Een collega noemde het ‘een economisch probleem in de etalage zetten’. Maar voor de crisis sprak niemand er zo over. Terwijl Groupon toen ook al bestond, en we aan dingen als de Restaurantweek en Dining City meededen. Ik vind Groupon een fenomeen. Wat anderen er ook van zeggen, ik vind het fantastisch.

“Kijk, ik zeg niet dat het heel goed gaat. Ik kan niet zeggen dat de crisis ongemerkt aan ons voorbij gaat, dat zou onzin zijn. Maar we zitten niet in de rode cijfers. Ik vind dat wij nog steeds mooie cijfers hebben, ook al zijn die naar beneden bijgesteld. Daar moet je in deze tijd wel bij glimlachen, want het gaat bij een hoop anderen natuurlijk niet goed. Maar ik hoor hier in Amsterdam eigenlijk weinig collega’s heel erg klagen. Ik denk dat het komt door het grootstedelijke.”

Wat mist Amsterdam nog?

Lange stilte. “Ik mis een nachtclub met een erotisch tintje. Dat zou ik willen neerzetten, maar wel iets waar ik ook met mijn vrouw heen kan. Dat bijvoorbeeld Erwin Olaf de wallpapers maakt. Erotiek gemaakt door een mooie kunstenaar. En dames in de bediening in een burlesque sfeer. Dat heb je in Londen en Parijs op hoog niveau. Daar schaamt niemand zich ervoor. Als ik daar met jullie naartoe ga wil ik dat jullie denken: ‘Wat is dit? Dit is goed!’ En niet: ‘Wat een vieze oude man.’”

pixelstats trackingpixel

“Ik vind het jammer als mijn opvolger geen vrouw is”

Posted By Martine Huijbregts On februari 3, 2012 @ 16:44 In Achtergrond, Mooi | No Comments

Sportbesturen worden vooral geleid door mannen. Dat was de conclusie van de talkshow Sport: een mannenwereld?, die vorige week donderdag plaatsvond. Klopt dat? NAP Nieuws maakte een rondgang langs Amsterdamse sportclubs.

Poster van de talkshow Sport: een mannenwereld?. Foto via VU Connected.

Poster van de talkshow Sport: een mannenwereld?. Foto via VU Connected.

AMSTERDAM, 3 februari – De sportwereld wordt gedomineerd door mannen. Dat was de stelling die Barbara Barend donderdag 26 januari voorlegde aan vier gasten tijdens de talkshow Sport: een mannenwereld? van VU Connected, die lezingen organiseert met maatschappelijke thema’s.
Gast Marijke Fleuren, adjunct-directeur van de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond (KNHB), presenteerde een duidelijke conclusie. De ledenaantallen bij sportclubs zijn redelijk gelijk tussen mannen en vrouwen. Maar in de besturen van sportclubs voeren mannen het hoogste woord.
Sinds 2005 wordt er in Nederland al gewerkt aan de verbetering van de positie van vrouwen in sportbesturen (zie kader). Vrouwen nemen bijna nooit de voorzittersrol op zich. Bovendien bestaan besturen voornamelijk uit mannen. In Amsterdam is dat niet anders, enkele uitzonderingen daar gelaten.

Secretaresse
Een klein uurtje zoeken op het internet levert een groot aantal Amsterdamse sportclubs op met vrouwelijke bestuursleden. Opvallend detail: veel van hen functioneren als secretaris. “Die functie schuurt toch het meeste tegen het vak van secretaresse aan”, zegt Sylvia Blommestein (48). Ze is al tien jaar secretaris bij de honk- en softbalvereniging Quick Amsterdam. “Voor zover ik weet hebben we hier altijd vrouwelijke secretarissen gehad.”Ook Loes Deutekom (29) is secretaris bij een sportclub. Deutekom gaf zich op toen ze hoorde dat de functie in het bestuur van Badminton Vereniging Amsterdam (BVA) vrijkwam. “IDe verdeling tussen mannen en vrouwen in het bestuur is bij ons redelijk gelijk”, zegt ze. “Maar badminton wordt dan ook gezien als een softe sport.” Collega Susan Suèr (33) van BVA Jeugdzaken onderschrijft dat. “We hebben eigenlijk altijd vrouwen in het bestuur. Badminton heeft nou eenmaal een zacht imago. Dat kan een oorzaak zijn voor de vrouwelijke interesse in een bestuursfunctie”, aldus Suèr, die ook optreedt als interim-voorzitter.
De bestuursbezetting van Quick Amsterdam is ook aardig verdeeld: vier mannen en drie vrouwen. Maar dat is eigenlijk wel logisch, denkt Blommestein. “Momenteel hebben we meer soft- dan honkbalteams, en softbalteams bestaan uitsluitend uit vrouwen.” Toch voeren mannen nog steeds de boventoon in sportbesturen, volgens Blommestein. “Vrouwen zijn zich vaak niet bewust van hun capaciteiten. Ze hebben echt een duwtje nodig.” Daarnaast denkt ze ook dat mannen in sportbesturen vaak haantjesgedrag vertonen. “Zeker in de voetbalwereld.”

Landelijke initiatieven
In 2005 startte het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB) al een pilot bij sportbonden om vrouwen te werven. Drie jaar later kaartte het Landelijke Netwerk Vrouwen in de Sport (LNVS) een tekort aan vrouwelijke bestuursleden bij sportclubs aan.
Ondanks deze initiatieven nemen er nog steeds minder vrouwen dan mannen plaats in sportbesturen. In 2011 publiceerde maandblad Opzij een top 100 van invloedrijke vrouwen in de sportwereld. In de top tien stonden twee vrouwelijke voorzitters. Francisca Ravestein (59) van de Nederlandse Basketball Bond stond op de negende plaats, Karin van Bijsterveld (31), de eerste vrouwelijke voorzitter van tennisbond KNLTB, eindigde op de vierde plaats. Het voorzitterschap is blijkbaar vooral een mannenfunctie.

Voetbalvrouwen
Amsterdamse voetbalclubs hebben inderdaad aanzienlijk meer mannelijke bestuursleden. SC Buitenveldert wordt zelfs alleen maar door mannen bestuurd. Voorzitter Marcel Geervliet: “We zijn wel op zoek naar vrouwen om bestuursfuncties te vervullen. Die hebben vaak een andere zienswijze dan mannen, wat erg prettig kan zijn.” Toch wil de interesse bij vrouwen volgens hem niet vlotten. “Mannen zijn toch meer betrokken dan vrouwen.”
Sophia Huijs (35) is secretaris bij ASV Arsenal. “Hiervoor zaten er nooit vrouwen in het bestuur”, zegt ze. Ze is door de leden van het vorige (mannelijke) bestuur gevraagd voor het secretarisschap. Huijs: “Ik ben lang betrokken geweest bij de club en kwam wel vaker in contact met het bestuur.” Ze merkt maar weinig van eventueel haantjesgedrag bij haar bestuurscollega’s. “Ik heb dan misschien weinig verstand van voetbal, maar ik ben wel goed in besturen. Dat waarderen ze.”
FC Blauw-Wit Amsterdam heeft al jaren een vrouwelijke secretaris. Gerda Verschuren (78) begon 48 jaar geleden als vrijwilliger bij de club. “In de kantine. Daarna begon ik ook stukjes te schrijven over de club. Toen ben ik gevraagd als secretaris.” Dat was uniek, volgens Verschuren. “Voetbal is echt een mannenwereld. Nu ook nog. Vrouwen zijn er maar weinig in geïnteresseerd. Maar er zijn sowieso steeds minder vrijwilligers te vinden bij sportclubs.”
Eigenlijk wil Verschuren stoppen als secretaris. “Ik ben 78, het wordt wel tijd. Maar ik kan geen opvolger vinden. De twee vrouwen die heb ik gevraagd sloegen het aanbod allebei af.” Ze zou het jammer vinden als haar opvolger geen vrouw is. “Maar ik snap het gebrek aan interesse wel. Je moet je mannetje staan in deze wereld.” Daar heeft ze zelf overigens nooit problemen mee gehad. “Ik ben echt de moeder van de club.”

pixelstats trackingpixel

Leeuwen begeven zich niet op glad ijs

Posted By Annemarie van de Vijsel On februari 3, 2012 @ 16:42 In Mooi, Nieuwsbericht | No Comments

De leeuwen zijn verplaatst uit dit verblijf, ook al kon het verwarmde water niet bevriezen. Foto: Annemarie vd Vijsel

De leeuwen zijn verplaatst uit dit verblijf, ook al kon het verwarmde water niet bevriezen. Foto: Annemarie vd Vijsel

AMSTERDAM, 3 februari – Dierentuin Artis neemt maatregelen tegen het bevroren water rondom de dierenverblijven. Het moet voorkomen dat de dieren via het ijs ontsnappen. Dit laat een woordvoerder van Artis weten aan NAP Nieuws. De sneeuwval van vandaag leidde nog niet tot extra maatregelen.

De leeuwen zijn deze week “voor de zekerheid” in een aangrenzend verblijf geplaatst waar geen water omheen ligt. Aan het begin van de vorstperiode werd het water om hun eerste verblijf al verwarmd om bevriezing te voorkomen. Anders zouden de leeuwen via het bevroren water de muur kunnen bereiken die de afscheiding met het publiek vormt. De verwarming van het water vond de dierentuin deze week niet genoeg. Daarom verplaatsten ze de dieren. “Anders zouden de leeuwen kunnen ontsnappen en dat is natuurlijk niet de bedoeling,” zegt een woordvoerder van Artis.

Schrikdraad verhindert kamelen het ijs over te steken, maar ze zitten liever warm en droog. Foto: Annemarie vd Vijsel

Schrikdraad verhindert kamelen het ijs over te steken, maar ze zitten liever warm en droog. Foto: Annemarie vd Vijsel

In het water van andere verblijven moeten filters het water bewegen zodat het minder snel bevriest. Rond de kamelenweide is het ijs niet uitgehakt. In plaats daarvan is schrikdraad opgehangen, dat de dieren ervoor moet behoeden het ijs over te steken. “Ze zouden hun poten kunnen breken als ze het ijs op gaan.”

Veel dieren in Artis zijn door hun natuurlijke habitat gewend aan lage temperaturen. “Wisenten, Europese bizons, vinden dit weer fantastisch. Ze hebben een dikke vacht. Amoerpanters zijn ook goed bestand tegen de kou, in het wild komen ze voor in Noord-Rusland,” zegt de woordvoerder van de dierentuin. Dieren uit warme windstreken vinden de kou niet prettig. Giraffen en zebra’s zitten met deze temperaturen in hun binnenverblijven. De zwartvoetpinguïns uit Zuid-Afrika zijn wel gewend aan een beetje kou. “Maar als we merken dat ze allemaal in hun holletjes gaan zitten omdat ze het echt te koud hebben, brengen we ze wel naar binnen.”

De maatregelen van dit jaar verschillen niet erg van die van andere jaren. “Vorig jaar was het zelfs heftiger door het dikke pak sneeuw,” zegt de woordvoerder. Na de sneeuwval van vandaag zijn tot nog toe geen extra maatregelen genomen in Artis.

pixelstats trackingpixel

Red light district tour: “In zes minuten zorgen zij voor een lach op ons gezicht”

Posted By Merlijn Kerkhof On februari 3, 2012 @ 16:40 In Achtergrond, Algemeen, Reportage, Stad | No Comments

Foto: Rungbachduong (Wikimedia Commons)

Foto: Rungbachduong (Wikimedia Commons)

Met een gids over de Wallen wandelen is populair onder toeristen. Verschillende bedrijven bieden dergelijke tours aan. De politiek is niet onverdeeld enthousiast. De Amsterdamse CDA-fractie vindt dat de tours een te romantisch beeld geven van prostitutie. Nieuw Amsterdams Peil nam de proef op de som en liep een rondje mee door de rosse buurt.

AMSTERDAM, 3 februari – Bij het monument op de Dam staat een jongen met een bord in zijn hand. Op zijn hoofd draagt hij een bontmuts: het vriest. “Red light district tour?”, vraagt een vrouw. De jongen adviseert haar om nog even koffie te halen bij de Coffee Company, de tour begint om 19.15 uur. “Het is het veiligste gebied van de stad, toch durven veel mensen niet in hun eentje naar de Wallen”, vertelt hij. “Dat verklaart het succes van deze tours.”

De jongen met de bontmuts heet Alex, is 22 jaar en komt uit Sint Petersburg. Hij is de manager van de Nederlandse tak van Sandeman’s New Europe Tours, een organisatie die in grote Europese steden wandeltochten organiseert. “De gidsen zijn freelancers. Ze moeten energiek zijn en humor hebben.”

Sandeman’s New Europe Tours is een van de acht organisaties die walking tours door de rosse buurt aanbiedt op citymarketing-website Iamsterdam.com. In november 2011 leidde de aanprijzing van het Wallengebied op de website tot commotie in de gemeenteraad. “Het beste tijdstip om de fluorescerende rode gloed van de Wallen te zien is als de zon ondergaat”, stond er tot november bijvoorbeeld op de website te lezen.

De CDA-fractie vond de site promotie voor de Wallen. Fractievoorzitter Marijke Shahsavari en duoraadslid Diederik Boomsma schreven een opiniestuk in dagblad Trouw, waarin ze opriepen de promotie op de gemeentelijke website te staken. Iamsterdam.com wordt bekostigd door de gemeente Amsterdam en onder meer het Amsterdamse Toerisme en Congres Bureau en het Amsterdams Uitbureau.

Het CDA kreeg bijval van loco-burgemeester Lodewijk Asscher (PvdA). Twee maanden na de klachten van het CDA heeft wethouder Carolien Gehrels (Economische zaken, PvdA) actie ondernomen. “Reclame voor de Wallen is niet aan de orde”, schrijft zij in een brief aan de raadsleden.

Wat er concreet is veranderd: de informatie over de Wallen en rondleidingen in het gebied staan niet meer op de homepage van Iamsterdam.com, en de informatie over rondleidingen is korter en zakelijker geworden.

Maar wie “Red Light District” typt in de zoekbalk, vindt nog steeds 93 resultaten. De informatie over de Wallen staat in enigszins andere volgorde dan in november. Voorheen stond er dat “de meeste stereotypen over het gebied waar zijn” – er zijn sekswinkels, peep shows en bordelen. Dat is nu geworden: “sommige stereotypen over het gebied zijn waar”, met daarachter hetzelfde rijtje.

Van de eerste tien hits zijn acht nog steeds reclamepraatjes voor walking tours over de Wallen. De informatie bij een aantal van die tours is inderdaad wat ingekort, maar bijvoorbeeld bij de rondleiding van Sandeman’s New Europe Tours staat nog steeds: “Onze gidsen vertellen u de verhalen die de Wallen één van de interessantste en populairste attracties van Europa maken”.

Al noemt Gehrels het geen reclame meer, klanten weten de tours nog steeds zonder moeite te vinden. Bij de Coffee Company wacht inmiddels een groep van vijftien mensen voor een rondleiding van New Europe-gids Ged, die uit Manchester komt en sinds 2009 in het Wallengebied woont. Het merendeel van de deelnemers is in de twintig of begin dertig. Meer vrouwen dan mannen, veel stelletjes. De meeste geïnteresseerden vanavond komen uit Australië.

Ged spreekt zijn volgelingen toe: “We zullen veel vrouwen zien in bikini’s, maar neem geen foto’s van ze. Die vrouwen trekken zich niets aan van je camera, die maken ze zo kapot.” Hoewel er geen auto voorbij rijdt op de Dam, wacht het gezelschap netjes voor het rode verkeerslicht. Als de meute richting de Warmoesstraat loopt, vertelt Ged over de geschiedenis van de prostitutie in het oude Egypte en maakt hij zijn gevolg attent op de dvd’s met “oma porn”. “Oma is Dutch for grandmother.”

De zaken met lederwaren en pornofilms waar de groep langs wordt geleid, zijn volgens Ged slechts het voorspel. Iedereen is hier gekomen voor de vrouwen achter roodverlichte ramen. Op de brug bij de Oudezijds Achterburgwal weten de toeristen niet wat ze zien. Stiekempjes kijken ze in de richting van de dansende, bijna naakte prostituees. “Prostitutie is legaal in Nederland. Sinds begin dit jaar zijn de sekswerkers niet meer vrijgesteld van belasting”, vertelt Ged. “Veel vrouwen komen uit Oost-Europa. Het zijn seizoensarbeiders. Ze kunnen hier in korte tijd een vermogen verdienen.”

Dan komen de ramen met transseksuelen aan bod. Ged vertelt over de consumentenwebsites waarop prostituees worden gerecenseerd. Een pasgetrouwd stel scheidt zich van de groep af om een bezoek te brengen aan het Casa Rosso. De groep loopt nog een rondje om de Oude Kerk. Bij het Prostitutie Informatie Centrum (PIC) houdt Ged halt voor een laatste monoloog. “Deze vrouwen verdienen ons respect. In zes minuten zorgen zij voor een lach op ons gezicht.” En tot slot: “Always remember: it’s their career choice.

Diederik Boomsma, duoraadslid van het CDA, is niet blij met dit soort tours. De informatie is “echt schandalig”. Rondleidingen over de Wallen kun je niet verbieden, geeft hij toe, maar het is “des te belangrijker” dat de gemeente dan wel de waarheid over prostitutie duidelijk maakt op haar website.

Als blijkt dat Gehrels niet meer gaat doen dan de aanpassingen op de citymarketing-website, ziet Boomsma het liefst dat tour operators en reisgidsen door de gemeente “worden aangesproken” dat ze “de realiteit onder ogen moeten brengen van mensen die de Wallen bezoeken”. Het lijkt Boomsma een goed idee om een bord aan het begin van het Wallengebied te plaatsen: “Dear Visitor. Prostitutie is legaal in Nederland, maar bezoekers moeten zich ervan bewust zijn dat het onmogelijk is om zeker te weten in welke mate sekswerkers vrijwillig voor hun beroep hebben gekozen.”

Na bijna twee uur in de kou heeft de groep van Ged genoeg prostituees aan zich voorbij zien trekken. Aan het eind van de tour wacht iedereen een shotje Jägermeister.

pixelstats trackingpixel

“Lesbiennes hebben geen hoog aaibaarheidsgehalte”

Posted By Frank Huiskamp On februari 3, 2012 @ 16:38 In Algemeen, Interview, Leven | No Comments

Van Oosten (rechts) met de zondag uitgereikte Bob Angelo-penning. Foto: COC Nederland, Geert van Tol

Van Oosten (rechts) met de zondag uitgereikte Bob Angelo-penning. Foto: COC Nederland, Geert van Tol

Twintig jaar lang leidde Maria van Oosten het door haar opgerichte blad voor de lesbische en biseksuele vrouw  Zij aan Zij. In december vond ze het tijd het stokje over te dragen. Afgelopen zondag kreeg zij erkenning voor haar inzet voor de lesbische gemeenschap in de vorm van de jaarlijkse  Bob Angelo-penning van het COC. NAP sprak met haar over de lesbische gemeenschap, die minder zichtbaar is dan die van de homomannen. “Lesbiennes willen vooral niet in een underdogpositie komen.”

AMSTERDAM, 3 februariZe had een keer serieus overwogen een foto toe te voegen aan een persbericht. Bang dat er sprake was van stereotypering. “Zouden ze denken dat ik ook zo’n kort koppie ben?” Maria van Oosten zocht naar eigen zeggen vaak de media op om extra aandacht te vragen voor de lesbische en biseksuele vrouw, maar haar pogingen slaagden maar niet. “Erg eigenlijk, zo denken”, zegt de Amsterdamse lachend bij een kop thee in een café in de Jordaan over haar gedachte. “Maar goed, hè, je probeert wat.” Twintig jaar geleden richtte Van Oosten het blad Zij Aan Zij op. “Zowel voor radicale potten als de lipsticklesbo.” In december nam zij afscheid als hoofdredacteur, maar ze praat nog steeds in de wij-vorm als ze het over het blad heeft, dat inmiddels ZZ/This=Us heet.

Zondag ontving Van Oosten op de nieuwjaarsreceptie van de COC, de Nederlandse vereniging voor de integratie van homoseksualiteit,  de Bob Angelo-penning voor haar inzet voor lesbiennes en biseksuele vrouwen. Toch een beetje erkenning, vindt ze. Erkenning voor het werk voor een gemeenschap die lang niet zo zichtbaar is als die van de homoman. Een gemeenschap die ook lijdt onder stereotypering en een onderschatting van geweld, zo bleek uit onderzoek eind vorig jaar. “Ik denk dat heel veel lesbiennes niet zo graag in het zielige hoekje zitten.”

Wordt er een probleem gebagatelliseerd?

“Ik denk dat de lesbiennes soms zelf een houding hebben van ‘we redden ons wel, wij kunnen heus ons mannetje wel staan’. En dat is natuurlijk vaak ook wel zo. Daarmee vegen ‘ze’, ik generaliseer even vreselijk, veel dingen die niet goed gaan onder de tafel.”

Er zijn toch ook lesbiennes die wél moeite hebben met hun seksualiteit?

“Het grappige is dat je die vrouwen niet veel hoort. Zij zoeken niet echt hulp bij anderen. Dat is iets aparts van deze doelgroep, iets waarover ik me al twintig jaar verbaas. Er wordt niet snel moord en brand geschreeuwd en hulp ingeschakeld.”

Heeft u in die twintig jaar niet kunnen doorgronden waaraan dat ligt?

“Ik denk dat het te maken heeft met die houding van ‘wij zijn niet zielig’. Ze willen vooral niet in de underdogpositie komen.”

Maar is dat goed of slecht? Een deel van hen zal toch ook worstelen met problemen.

“Er is ook een deel dat er niet goed mee omgaat. Zo is uit onderzoek gebleken dat er relatief meer depressiviteit en eenzaamheid onder lesbische vrouwen is in vergelijking met heterovrouwen. Dat krijg je als je geen steun zoekt bij anderen.”

Homomannen en homogeweld domineren het nieuws. De lesbiennes lijken dusdanig doodgezwegen te worden dat je bijna denkt: oh, die hebben het veel makkelijker.

“Dat is niet zo. Ik vind het dus gek dat er bij een programma als Uit de Kast van Arie Boomsma geen enkel meisje zit. Dat is toch opmerkelijk. Ik denk dat heel veel meiden het nog steeds enorm lastig vinden om zichzelf te laten zien, om ervoor uit te komen. Dat heeft veel meer nog met onzekerheid en hulp durven vragen te maken.”

Er zijn vrouwen die bewust geen steun zoeken en vrouwen die dat wel willen, maar niet doen. Waarom doen zij dit niet?

“Dit is een heel subjectief antwoord hoor: ik denk dat de meesten zullen verwachten dat wanneer ze hulp inschakelen, er niet veel zal zijn.”

Er wordt vaak geen melding van geweld gedaan bij de politie om die reden en omdat de vrouwen denken niet serieus genomen te zullen worden. Zorgt de politie zelf voor dit beeld?

“Dat zou kunnen. Het is vast en zeker een keer gebeurd dat agenten die meldingen niet serieus hebben genomen. Ik heb ook weleens telefonisch aangifte gedaan van een aanranding. Dan niet als lesbienne of biseksuele vrouw, maar daarop werd ook heel laconiek gereageerd. Ik had serieus het idee dat ik stoorde tijdens een potje poker of zo. Dat geeft je niet zo veel vertrouwen. Misschien hebben die vrouwen ook wel zoiets. Lesbiennes doen het bijvoorbeeld ook niet lekker in de media. Die hebben geen hoge aaibaarheidsfactor, zoals veel homomannen dat wel hebben. Zij hebben een hoog knuffelgehalte.”

Hoe probeerde u in Zij Aan Zij iets aan het beeld van lesbiennes te veranderen?

“Je kunt proberen daarop enige invloed uit te oefenen. Door de schrijfstijl, door de manier waarop je lesbiennes presenteert. Leuke kop erboven, vrolijke zelfbewuste vrouwen in de artikelen en op de foto’s.”

Een beetje pr voor de lesbische gemeenschap dus? Maar daar wil je toch ook niet te veel nadruk op leggen?

“Je probeert te schipperen. Aan de ene kant willen we het lesbisch-zijn niet problematiseren. We willen ook geen niets-aan-de-handblaadje maken, want er is wel iets aan de hand. Maar het is een beetje op eieren lopen, de sterke en minder sterke kanten benadrukken. Daarover moet je het ook hebben. Je moet dingen die niet goed gaan niet onder het tafelkleed wegmoffelen. Maar dat is lastig.”

Enhanced by Zemanta [1]

pixelstats trackingpixel

De klok slaat… onder nul

Posted By Teri Van Der Heijden On februari 3, 2012 @ 16:36 In Algemeen, Column | No Comments

In iedere editie van NAP schrijft een van onze redacteuren een column over Amsterdam naar aanleiding van een tijdstip. Vandaag slaat de klok… onder nul.

Oudhollandse wintertaferelen, door Hendrick Avercamp. Foto: Wikimedia Commons

Oudhollandse wintertaferelen, door Hendrick Avercamp. Foto: Wikimedia Commons

“Wie is wethouder IJs?” Het was een serieuze vraag tijdens de stadsdeelraadvergadering Centrum deze week. Na enige verwarring werd vastgesteld dat de portefeuille IJs moest vallen onder die van de stadsdeelwethouder Openbare Ruimte. Aanleiding waren de zorgen over ruwe verstoring van prille ijsvorming op de grachten. Verwoesting van de vroege ijsvloer moest koste wat kost vermeden worden, meende D66-deelraadslid Thijs Kleinpaste. “Zou het niet geweldig als we straks kunnen genieten van Avercampachtige taferelen.”, mijmerde het 22-jarige raadslid, refererend aan de Oudhollandse schilder Hendrick Avercamp. “Een scène op het ijs in 2012.”

Amsterdam zou Amsterdam niet zijn als de verantwoordelijke wethouder geen regels had om zich aan te houden. De Amsterdamse ijscodes zijn vastgelegd in de zogenoemde IJsnota uit 1979. Een gewaardeerd document dat niets aan het toeval overlaat. Bij “beginnende ijsvorming” en voorspelling van vijf nachten “minimaal nachtvorst” gaat er een vaarverbod gelden. Meting van ijsvorming is uitbesteed aan Waternet. Weersvoorspellingen aan het KNMI. “Aanhoudende dooi” is het criterium voor opheffing van het vaarverbod, zo valt te lezen in paragraaf 2.2.1. Glashelder.

Toch ging het twee winters geleden gruwelijk mis met de beginnende ijsvloer op de Keizersgracht. Een onwetende rondvaartboot boorde zich genadeloos een weg door de jonge ijskristallen. Er was nog niet genoeg nachtvorst voorspeld om een vaarverbod af te kondigen. Het leidde tot diepe verontwaardiging en schriftelijke vragen aan het stadsdeelbestuur. Was het niet mogelijk om de brandweer het geruïneerde ijs te laten herstellen? En kon de rondvaartrederij aansprakelijk worden gehouden voor de geleden schade?

Een dergelijk debacle zou Amsterdam dit jaar niet weer overkomen. Na de warmste januarimaand in driehonderd jaar, beloofde februari wel winter naar Nederland te brengen. Het kwik was nauwelijks onder nul gedaald of schaatsfanaten drongen erop aan de IJsnota van kracht te laten worden. Hoe eerder hoe liever. De frustratie was groot toen het Waterschap afgelopen dinsdag wel de gemalen stillegde en een vaarverbod afkondigde, maar in de Amsterdamse grachten nog altijd het gebruikelijke vaarverkeer navigeerde.

“We doen constant metingen om te kijken of er al ijsvorming is”, verontschuldigde een woordvoerster van Waternet zich. Dik ingepakte mannen balancerend op de kade, die onophoudelijk verifiëren of het bruine grachtenwater nog steeds waterig is. “Maar het duurt in Amsterdam gewoon altijd langer.” Een zweem van wanhoop klonk door in haar stem. Hoe graag ze ook goed nieuws wilde brengen, de meetinstrumenten van de Waternetwerkers liegen niet.  En de IJsnota is onverbiddelijk: pas bij ijsvorming worden de vaarverbodsborden gehesen.

Het verlossende woord kwam gisteren. Waternet gaf groen licht en het vaarverbod ging officieel van kracht. Wethouder IJs kon opgelucht ademhalen. Kritische vragen over ontnomen schaatsplezier waren voorlopig afgewend. Geen boot zou Thijs Kleinpaste en andere schaatsminnende Amsterdammers nog beletten straks de ijzers onder te binden en een rondje Jordaan te schaatsen.

Zij het niet op de gewenste spiegelgladde ijsvloer. De IJsnota voorziet niet in maatregelen tegen sneeuw.

pixelstats trackingpixel

Cineville breidt uit

Posted By Arman Avsaroglu On februari 1, 2012 @ 17:00 In Mooi, Nieuwsbericht | No Comments

Logo CinevilleAMSTERDAM, 1 februari – Cineville gaat uitbreiden. Het Amsterdamse verbond van dertien filmtheaters wil nog dit jaar gaan samenwerken met filmtheaters in Rotterdam, Den Haag, Delft en mogelijk Utrecht. Dat bevestigt algemeen directeur van Cineville Niels Büller tegenover NAP Nieuws.

De uitbreiding van Cineville betekent dat houders van de Cinevillepas ook in de nieuwe steden terecht kunnen. Met die pas kunnen mensen voor een vast bedrag van 18 euro per maand ongelimiteerd films bezoeken in een bij Cineville aangesloten bioscoop. De theaters die bij de uitbreiding zijn betrokken zijn LantarenVenster, Cinerama en Worm (Rotterdam), Filmhuis Den Haag en Filmhuis Lumen (Delft).

Volgens Büller bevinden de uitbreidingsplannen zich in de afrondende fase. Hij hoopt in mei definitief van start te gaan in de nieuwe steden. Büller denkt met de uitbreiding een jonger publiek aan zich te kunnen binden. “Uit onderzoek onder onze bezoekers blijkt dat er veel behoefte is om die pas ook in andere steden te gebruiken. Dan gaat het bijvoorbeeld om studenten die in een andere stad dan Amsterdam wonen, maar hier wel studeren.”

Büller is niet bang dat de bezoekersaantallen in de nieuwe steden zullen tegenvallen. “We hebben een minimum aantal bezoekers dat we moeten halen om de uitbreiding rendabel te maken, maar dat aantal ligt vrij laag. Daarbij hebben de nieuwe theaters waarmee we samenwerken een dusdanig filmaanbod dat we ervan uitgaan dat de bezoeker zijn weg wel zal weten te vinden”.

Cineville begon in 2009 om de samenwerking tussen Amsterdamse filmtheaters te versterken. Op dit moment hebben meer dan 6500 mensen een Cineville-pas. In januari maakte NAP Nieuws bekend dat de bij Cineville aangesloten bioscopen in 2011 50.000 kaartjes meer hadden verkocht dan in 2010.

pixelstats trackingpixel

Pand 14 blijft toch open

Posted By Teri Van Der Heijden On februari 1, 2012 @ 16:58 In Nieuwsverhaal, Stad | No Comments

Pand 14. Foto: Nadine Spronk Fotografie

Pand 14 in Zuidoost. Foto: Nadine Spronk Fotografie

AMSTERDAM, 1 februari – Cultureel platform Pand 14 in Amsterdam Zuidoost mag toch openblijven tot 2014. Het pand waarin de tijdelijke broedplaats gevestigd is, dreigde dit jaar te worden gesloopt. Buurman McDonalds, eigenaar van de grond, wilde het terrein gebruiken voor parkeerplaatsen. Nu is de vervroegde sloop afgeblazen. Dat bevestigt een woordvoerder van Rijkswaterstaat, eigenaar van het pand.

Cultureel platform Pand 14 is een horecagelegenheid, organiseert optredens en tentoonstellingen, en biedt atelierruimte aan kunstenaars. Aan de initiatiefnemers was door Rijkswaterstaat in 2010 beloofd dat ze tot 2014 gebruik mochten maken van de ruimte, tot de verbreding van de naastgelegen A9 Gaasperdammerweg van start zou gaan. Op de belofte dat Pand 14 niet voor 2014 gesloopt zou worden, kwam Rijkswaterstaat afgelopen zomer terug. Reden: McDonalds, eigenaar van het perceel waarop het pand staat, had Rijkswaterstaat verzocht om Pand 14 eerder te slopen.

Fastfoodketen McDonalds beklaagde zich bij Rijkswaterstaat over “overlast” door activiteiten door Pand 14 en drong erop aan sloop te vervroegen. Dat bevestigt een woordvoerder van Rijkswaterstaat. Een woordvoerder van McDonalds ontkent geklaagd te hebben. De grond wil de hamburgerketen volgens Rijkswaterstaat gebruiken voor extra parkeerplaatsen. McDonalds onthoudt zich van verder commentaar.

De gemeente was niet blij met de vervroegde sloop van Pand 14. Volgens wethouder Maarten van Poelgeest (Ruimtelijke Ordening, GroenLinks) heeft Pand 14 een “pioniersfunctie” en draagt als broedplaats bij aan de “gewenste transformatie” van bedrijventerrein Amstel III. Hij ontkent dat Pand 14 voor overlast zorgt. Navraag door de wethouder bij politie leert dat er “geen meldingen van overlast” zijn, en na controle is gebleken dat de beveiliging van Pand 14 “in orde” is. De gemeente heeft formeel geen zeggenschap over het pand, maar desondanks heeft Van Poelgeest er bij Rijkswaterstaat op aangedrongen om Pand 14 pas in 2014 te slopen. Volgens de woordvoerder van Rijkswaterstaat waren de argumenten van de gemeente “overtuigend”, waarop besloten is 2014 toch als sloopjaar te handhaven.

Pand 14 kreeg afgelopen zomer een evenementenvergunning, die in feite een legalisering is van de activiteiten die al enkele jaren werden georganiseerd toen het pand nog gekraakt werd. De gemeente heeft het cultureel centrum gelegaliseerd, omdat het aansluit bij de plannen om Amstel III aantrekkelijker te maken. Dit bedrijventerrein, het gebied tussen de Amsterdam ArenA en academisch ziekenhuis AMC heeft al een tijd te kampen heeft met leegstand.

Pand 14 mag nu openblijven tot het pand gesloopt wordt om de uitbreiding van de A9 mogelijk te maken, zoals in de oorspronkelijke plannen is overeengekomen. De initiatiefnemers van Pand 14 zeggen blij te zijn met het resultaat. “Gelukkig is de gemeente zich ermee gaan bemoeien”, zegt Staas Lucassen, één van de initiatiefnemers. “Als kleine partij hadden wij het nooit gered.” Pand 14 maakt plannen om komende maanden uit te breiden, met meer doordeweekse activiteiten en opening van een terras in het voorjaar.

pixelstats trackingpixel

Meer daklozenopvang door winterkou

Posted By Lisa Van Der Velden On februari 1, 2012 @ 16:54 In Algemeen, Leven, Nieuwsbericht | No Comments

Foto: Alexander Leeuw

Foto: Alexander Leeuw

AMSTERDAM, 1 februari – Circa 190 dak- en thuislozen maakten afgelopen nacht gebruik van de Amsterdamse winterkouderegeling. Die ging zondag van start. De Geneeskundige en Gezondheidsdienst (GGD) verwacht dat het aantal dak- en thuislozen in de winterkoudeopvang de komende dagen zal stijgen.

Winterkoudeopvang is bedoeld voor alle dak- en thuislozen in Amsterdam die niet in staat zijn om onderdak te vinden bij aanhoudende kou. De regeling treedt in werking wanneer de gevoelstemperatuur meerdere dagen zowel overdag als ’s nachts onder nul ligt. De afgelopen nachten is het aantal dak- en thuislozen in de winterkoudeopvang flink gestegen, zegt Sanne van Meeteren, woordvoerder van de GGD. Zondag maakten 100 daklozen gebruik van de opvang, maandag waren dat er 140 en gisteren 190. “Hoogst waarschijnlijk bouwt dat zich de komende dagen op.”

Zodra de regeling in werking treedt bij extreme kou, kunnen dak- en thuislozen zich melden bij de GGD. Daar worden ze gescreend door sociaalpsychiatrische verpleegkundigen op hun zelfredzaamheid. Sommige aanvragers worden geweigerd. Tot nu toe waren dat er vijf. Volgens de GGD waren dat “toeristen die op zoek waren naar een gratis bed, of mensen die best een slaapplaats konden betalen”.

Als ze wel geaccepteerd worden, krijgen ze een overnachtingsplek toegewezen bij het Leger des Heils, HVO-Querido, de Volksbond of de Regenboog. Daarbij wordt rekening gehouden met de psychische gesteldheid van aanvragers. “Dak- en thuislozen met psychische problemen worden gecentreerd ondergebracht. Niet tussen de algemene populatie”, aldus Van Meeteren.

In de winter van 2010/2011 heeft de gemeente maximaal 339 mensen per nacht opgevangen tijdens de winterkou. Volgens Van Meeteren waren dat niet alleen daklozen, maar ook mensen die in een kraakpand zonder verwarming woonden, of mensen die in een caravan wonen.

Vorige week nam de Amsterdamse gemeenteraad een motie van GroenLinks, PvdA en de SP aan tegen een strikter toelatingsbeleid voor de winteropvang van daklozen. Het Amsterdamse college van burgemeester en wethouders wilde dat daklozen die korter dan drie maanden in Nederland verblijven alleen in noodsituaties toegang kregen tot de winterkoudeopvang, maar dat werd door de motie teniet gedaan.

Winterkoudeopvang bestaat naast reguliere nachtopvang. De gemeente Amsterdam kent gedurende het jaar 223 plekken in de nachtopvang. Deze bedden zijn het hele jaar beschikbaar.

Enhanced by Zemanta [1]

pixelstats trackingpixel

“Mijn museum is een rariteitenkabinet”

Posted By Martine Huijbregts On februari 1, 2012 @ 16:52 In Interview, Mooi, Profiel | No Comments

Van een zolderkamertje vol parafernalia tot een tatoeagemuseum: Henk Schiffmacher heeft eindelijk een thuis voor zijn curieuze verzamelobjecten. Vorig jaar november opende hij het Amsterdam Tattoo Museum. Maar het is nog niet af. “Ik zit nu te azen op een Koptische tattooshop.”

Henk Schiffmacher. Foto: Jesaja Hutubessy via Amsterdam Tattoo Museum.

Henk Schiffmacher. Foto: Jesaja Hutubessy via Amsterdam Tattoo Museum.

AMSTERDAM, 1 februari - Vanuit de naastgelegen ruimte klinkt luid gehamer en geboor. Het moge duidelijk zijn: het tattoomuseum van Henk Schiffmacher is nog onder constructie. En dat terwijl er al zo veel in het museum staat. De kunstenaar en tattookoning, die dit jaar zestig wordt, heeft in de loop der jaren heel wat tatoeageobjecten verzameld. “Dat zat allemaal in dozen. Het werd tijd dat de verhalen die erbij horen werden verteld”, zegt Schiffmacher. Wie denkt dat het alleen gaat om naalden en verschillende kleuren inkt, vergist zich. “Ik heb zo’n vies oud kussentje, waarop de Engelse koning George V nog is getatoeëerd.”

Dus ging Schiffmacher op zoek naar een museum dat zijn stukken wilde overnemen. “Maar alle geïnteresseerde musea kwamen tot dezelfde conclusie: ze wilden één stuk opnemen in hun collectie. De rest zou dan worden afgestoten.” En dat zou jammer zijn, want “dan zou je het karakter van de collectie geweld aandoen”, volgens Schiffmacher. “Ze zeiden: eigenlijk zou je zelf een museumpje moeten opzetten.” De vraag was: hoe dan?

De oplossing diende zich aan in de vorm van “mevrouw Jeannette.” Zij – Jeannette Seret, directeur van Partners aan het Werk – stelde voor om mensen via haar herintredingsbureau in Schiffmachers museum aan het werk te zetten.

Hoe bevalt het, om samen te werken met mensen die moeten leren opnieuw in de maatschappij te functioneren?
Schiffmacher: “Het is niet altijd makkelijk, zeker als je het niet gewend bent. De een doet het beter dan de ander. Van de week zat er iemand, die was apathisch. Je kon gewoon voor hem langslopen zonder dat hij met zijn ogen knipperde. Jeannette pikt die figuren dan uit. Ik zou het af en toe wat strenger willen doen.”
Terwijl hij vertelt, zit Schiffmacher wat te schetsen in zijn boek. Een kaars. “Mijn vader was slager en marinier, die gaf je op een gegeven moment wel een schop onder je reet. Maar goed, dat is niet aan mij, ik heb daar niet voor gestudeerd. Dat is een eigen beroepsgroep, die staat toch al op de tocht. Allemaal weg bezuinigd, samen met de cultuur en de kunst.”

Zijn tatoeages kunst dan?
“Het was al kunst voordat er kunst was, het is de moeder van de kunst. De eerste kunst die de mens maakte, maakte hij waarschijnlijk op zijn eigen lichaam. Vanwege de behoefte om zichzelf te onderscheiden van een dier, en van elkaar, van andere stammen. Tatoeages waren ook geheugensteuntjes bij het vertellen van verhalen. Maar tattoos pasten niet in de christelijke norm. Dus de dames en heren geloofsverspreiders hebben dat te vuur en te zwaard bestreden.”

Maar tegenwoordig zijn tatoeages toch vooral moderne fratsen van de jeugd?
“Welnee. De halve kunstwereld zit nu te borduren en wandkleedjes in elkaar te stikken, dat zijn ook naaldkunstenaars. En tegenwoordig is de performance, de daad van de kunst, heel belangrijk. Zelf houd ik nog wel van het resultaat van kunst. Als ik iemand zie die heel mooi is getatoeëerd, vind ik het wel leuk om zijn vel hier tentoon te stellen.”

Mag dat zomaar?
“Als iemand een been aanbiedt, gilt de chirurg het hele ziekenhuis bij elkaar dat hij daar niet aan meewerkt. Daarom zijn we momenteel bezig een soort donorcodicil voor tatoeages op te stellen. We hebben wel stukken huid in het museum. Vooral uit een periode waarin stukken mens buiten de kist werden gehouden om zo iemand later nog te kunnen identificeren.”

U schildert ook. Wat is het grootste verschil tussen een schilderij maken en een tatoeage zetten?
“Canvas beweegt niet, het lult niet tegen je, het geeft niet over. Huid zweet, huid moet helen, huid heeft last van zwaartekracht. Net zoals die fietstas waarin je twee jaar lang De Telegraaf bezorgt, de letters die erop staan worden dan ook uit elkaar gerukt.”

Schilderijen worden vaak als hogere kunst gezien, de tatoeage niet.
“Ik vind dat het precies omgekeerd is. De allerlaagste vorm van kunst, dan praat ik over de trench of jail art (kunst gemaakt door soldaten of gevangenen, red.), is voor mij het absolute summum in de menselijke uiting. Het heeft geen enkele commerciële drijfveer, is compleet gebaseerd op emoties. Dat wat iemand vol verdriet met zijn eigen tranen, eigen bloed, eigen sperma, eigen urine, eigen stront heeft gemaakt, om te communiceren, of om zijn liefde tentoon te spreiden, daar gaat helemaal niets boven. En het predicaat low brow dat daaraan hangt is dus bijna standrechtelijk strafbaar en verdient de kogel.”

Uw museum staat in een buurt met veel high brow musea, zoals de Hermitage. Heeft u dat expres uitgezocht?
“Een gebouw als dit is erg geschikt om lagere kunst te presenteren. Om het overdreven te zeggen, de museale wereld begint op de kermis, met rare collecties. Artis, dat hier tegenover zit, had vroeger een open tuin, de Blauw Jan. Daarin waren vreemde dieren te zien, zoals gordeldieren en struisvogels. Er werden ook geregeld mensen tentoongesteld: parasitaire tweelingen, hermafrodieten, the bird man, the mule head, the lobster lady. Een soort rariteitenkabinet. Mijn museum is dat ook.”

Schiffmacher weet veel van deze buurt. De geschiedenis van Artis, de verdwenen instituten, beroemde wetenschappers en kunstenaars die hier hebben gewoond: uren kan hij daarover praten. Voeg daar zijn kennis over de tatoeage aan toe, en hij zit een hele dag te vertellen. Maar daar heeft hij geen tijd voor, want er moet nog veel gebeuren aan het museum.

Ik las ergens dat u het rustiger aan wilde doen.
“Ja, dat lukt me natuurlijk voor geen fuck. Ik zou me het liefst bezig houden met publicaties over tatoeages. Het voordeel van schrijven is dat je met je pennetje en je papiertje in een ver land in het zonnetje kan zitten, met een cocktail.”
Maar voorlopig is Schiffmacher nog wel even bezig met zijn museum. “Ik mis nog zoveel. Ik wil nu graag een Koptische tattooshop hebben, een reizende Egyptische shop. Ik weet niet wat er met die traditie gaat gebeuren, met alle huidige verschuivingen en veranderingen in dat land. Voor sommige tatoeages is het ernstig tijd om op de Werelderfgoedlijst te belanden, want die staan onder druk.”

pixelstats trackingpixel

Nieuw voorstel ‘onvoldoendecompensatie’ UvA

Posted By Thomas Rueb On februari 1, 2012 @ 16:52 In Algemeen, Leven, Nieuwsbericht | No Comments

IMG_1793

Beeld: Thomas Rueb

AMSTERDAM, 1 februari – De faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam komt volgende week met een nieuwe versie van het omstreden onderwijs- en examenreglement. Dit concept stelt eerstejaarsstudenten Geesteswetenschappen van de Universiteit van Amsterdam in staat onvoldoendes te compenseren. De facultaire studentenraad gaat hier waarschijnlijk mee akkoord.

De faculteit Geesteswetenschappen (FGw) gaat eerstejaarsvakken van bachelorstudenten samenvoegen in vier clusters. Binnen zo’n cluster kan één vijf worden gecompenseerd met een zeven, volgens een voorstel van het faculteitsbestuur. Een student slaagt dan voor het cluster mits hij daar gemiddeld minimaal een zes voor heeft. In het oorspronkelijke voorstel gold de compensatieregeling voor het hele eerste jaar. Dit betekent dat studenten kunnen afstuderen met maximaal vier onvoldoendes op hun cijferlijst.

Volgende week komt het faculteitsbestuur van de FGw met een aanpassing op dit voorstel. Volgens de aanpassing is de compensatieregeling daarin alleen van kracht tijdens het eerste semester. Dat vertelt de voorzitter van de Facultaire Studentenraad, Jaap Oosterwijk. Dit betekent dat een student niet meer dan twee onvoldoendes kan compenseren.

In december gaf de facultaire studentenraad FSR nog een negatief advies uit over het oorspronkelijke voorstel. In een brief aan vice-decaan Jan Willem van Henten noemde zij het in de huidige vorm “onacceptabel”. Ook deze week uitten leden van de FSR felle kritiek. Sinead Wendt sprak van “diploma-inflatie”.

Oosterwijk verwacht dat de FSR akkoord gaat met het aangepaste voorstel. De aangepaste compensatieregeling is volgens Oosterwijk acceptabel. Wel zet de FSR vraagtekens bij de samenstelling van de clusters waarin gecompenseerd kan worden. “Het is ongehoord als je bijvoorbeeld vakken Grieks met vakken Latijn zou kunnen compenseren.”

Het is nog onduidelijk wat hierover in nieuwe voorstel staat. Decaan Frank van Vree verzekert dat er in het voorstel “voorzieningen zijn getroffen om alle heikele punten op te lossen”. Inhoudelijk wilde hij er niet meer over kwijt. De FSR moet binnen zes weken reageren. “Dit is een punt waarop onze instemming nodig is”, aldus Oosterwijk. Mocht de FSR het definitieve voorstel afkeuren, dan rest de UvA volgens hem een beroepsmogelijkheid bij de landelijke commissie Onderwijsgeschillen.

Op een aantal Nederlandse universiteiten is het compenseren van onvoldoendes in het eerste jaar al langer mogelijk, zoals de Erasmus Universiteit en de Universiteit Leiden.

Het voorstel is in Amsterdam alleen afkomstig van de faculteit Geesteswetenschappen. De andere faculteiten zijn volgens UvA-woordvoerder Paul Helbing niet van plan dit voorbeeld te volgen.

IMG_1795

pixelstats trackingpixel

Tagger Dr. Air is terug

Posted By Haro Kraak On februari 1, 2012 @ 16:52 In Achtergrond, Algemeen, Mooi | 2 Comments

De Jordaan wordt geteisterd door de teksten van een anonieme tagger. Puberale bekladding vinden buurtbewoners. Kunst van een pionier menen anderen. Een zoektocht naar de mysterieuze Dr. Air.

Een tag van Dr. Air, foto: Haro Kraak

Een tag van Dr. Air, foto's: Haro Kraak

AMSTERDAM, 1 februari – “Poep sex” staat er geschreven in het dunne laagje sneeuw op het dak van de auto. Kinderachtig, maar onschuldig kattenkwaad. De auto, die geparkeerd staat in de Palmstraat in de Jordaan, staat voor een huis met een grote tag op de muur. Met een spuitbus is in zwarte verf “Dr. Air” geschreven. Minder onschuldig dan wat schunnige teksten in de sneeuw. Een vierkante meter graffiti laten verwijderen kost al snel tachtig euro. Alleen in de Palmstraat heeft Dr. Air al meer dan tien tags gezet. Sommigen meer dan drie meter breed.

De graffiti brengt in de Jordaan grote ophef teweeg. Deze week lieten buurtbewoners in de media weten dat ze de bekladding zat zijn. Er is een beloning uitgeloofd van 150 euro voor de gouden tip die leidt tot het oppakken van de beruchte Dr. Air. De VVD Amsterdam heeft het College van B&W opgeroepen om de beloning te verdubbelen. De organisatie Stop Graffiti roept de buurtbewoners op om aangifte te doen bij de politie. Pas bij meerdere aangiften komt de politie in actie, laat Fred van actiegroep Stop Graffiti weten. Zijn garagedeur in de Bloemstraat is ook bespoten met de tag.

“De gemeente doet niets”, zegt een buurtbewoonster, “maar dat is ook niets nieuws.” Alleen bij openbare gebouwen maakt de gemeente de bekladde muren schoon, zoals bij het clubhuis van de Noorderspeeltuin, waar in december een Dr. Air-tag op de muur verscheen. Bij tags op particuliere gevels of garagedeuren is de schoonmaak voor eigen rekening. Dat kan flink in de kosten lopen. Volgens Fred, die liever niet met zijn achternaam in de krant wil, zou het “tonnen” kosten om de Jordaan weer op te schonen. En een schone muur of een nieuwe lik verf helpt niets, zegt hij. “De volgende ochtend staat er gewoon weer een verse tag op.”

Who the f*@$ is Dr. Air?

Tot op heden is niet bekend wie Dr. Air is. Hoogstwaarschijnlijk is hij een man van middelbare leeftijd. Hoewel de meeste buurtbewoners denken dat het om een jongere gaat die kattenkwaad uithaalt maakte Dr. Air reeds begin jaren ’80 furore in de Amsterdamse graffitiscene. Na jaren uit het straatbeeld verdwenen te zijn duiken de tags met zijn signatuur de laatste maanden weer steeds vaker op. Vooral in het noordelijke gedeelte van de Jordaan, tussen de Westerstraat en de Brouwersgracht, staan de muren vol met de herkenbare tag. Maar ook buiten de buurt is Dr. Air actief volgens Fred. “Ik ben de tag in de hele stad tegengekomen.”

Tag van Laser 3.14, foto: Laser 3.14

Tag van Laser 3.14, foto: www.laser314.com

Op internet wordt Dr. Air aanbeden. Veel sites publiceren foto’s van zijn tags. De Amerikaanse website complex.com noemt hem in een lijst van de “25 Greatest Amsterdam Graffiti Writers”. Hij staat bekend als één van de graffitipioniers van Amsterdam, samen met namen als Ego, Dr. Smurry, Trip en Walking Joint. Eén van de beroemdste Amsterdamse taggers van dit moment, Laser 3.14, noemt Dr. Air zijn grootste inspiratiebron. Laser 3.14, die anoniem wil blijven, is bekend van zijn poëtische en maatschappijkritische teksten op bouwschotten en stellages, zoals Why believe in a system that doesn’t believe in me en On my knees I drown in black. Hij schreef een bericht op zijn blog waarin hij zich enthousiast toonde over de opleving van Dr. Air.

Kunst of kitsch?

Laser 3.14 laat in een e-mail weten dat zijn eigen tags “een regelrechte hommage” zijn aan de “logoachtige manier van schrijven uit die periode”. Dat hij met zijn teksten op tijdelijke planken en bouwcanvas geen schade aanricht en Dr. Air dat wel doet interesseert hem niet. “Wat voor de één vernieling is, is voor de ander kunst.” Voor hem is Dr. Air een boegbeeld uit de tijd dat Amsterdam nog een tolerante stad was. “Vroeger zat de stad onder de graffiti, maar damn wat zat er een goede sfeer in. Mensen leken, in mijn belevenis, aardiger en stonden meer open voor elkaar”, zegt Laser 3.14. “Nu is de stad zogenaamd schoon en aangeharkt, maar de openheid van vroeger is ver te zoeken. De sfeer is erg grimmig.” Volgens hem is graffiti het minst grote probleem waar de stad mee kampt.

Daar lijken de buurtbewoners in de Jordaan het niet mee eens. De meesten kennen de naam Dr. Air niet (het is immers nauwelijks te lezen uit de tag), maar erkennen de problematiek wel. Wat er moet gebeuren weten zij ook niet. “Maar ik sta niet voor mezelf in als ik die vent te pakken krijg”, zegt een bewoner wiens voordeur in januari is beklad. “Als je wilt weten wie het is kun je beter ’s nachts terugkomen”, zegt hij. Dat is wellicht niet meer nodig. Fred van Stop Graffiti laat weten dat iemand hem verteld heeft beelden te hebben van de tagger in actie. Hij heeft ze nog niet gezien, maar is ervan overtuigd dat Dr. Air binnenkort ontmaskerd wordt.

drairmoza

pixelstats trackingpixel

Asscher wil Blue Labour

Posted By Alexander Leeuw On februari 1, 2012 @ 16:48 In Algemeen, Leven, Nieuwsbericht | No Comments

Glasman en Asscher in De Balie. Foto: Alexander Leeuw

Glasman en Asscher in De Balie. Foto: Alexander Leeuw

AMSTERDAM, 1 februari – Wethouder van Amsterdam Lodewijk Asscher (PvdA) betoogt een nieuw soort politiek. Deze politiek zou gemodelleerd zijn naar de Blue Labour-theorie van Lord Maurice Glasman. Asscher en Glasman spraken maandagavond  in Amsterdams cultuurcentrum De Balie. Glasmans Blue Labour pleit voor het benadrukken van het belang van interpersoonlijke relaties en persoonlijke verantwoordelijkheid. Het wil de economie terugbrengen tot kleinere, regionale niveaus.

Asscher zei dat de traditionele waarden verwaarloosd zijn. De nadruk moet meer op de mensen komen te liggen. “Er is teveel technocratie en er wordt te snel gezocht naar institutionele oplossingen.” De Labour-partij van Glasman kan gezien worden als de Engelse tegenhanger van de Partij van de Arbeid. Asscher omarmde Glasmans visie en de kritiek op het Labour-beleid van de afgelopen jaren. “Het is een sterke boodschap en een goede spiegel voor de maatschappij.”

Morele vragen, vindt Asscher, worden in de politiek te weinig gesteld en verliezen het meestal van pragmatische, technocratische overwegingen. Asscher sprak over Project 1012, het project van de gemeente om de Wallen te decriminaliseren. “De claim was dat het toerisme zou dalen. Maar wat is er belangrijker? De Hongaarse seksslaaf van negentien of de voordelen voor het toerisme?” Politiek moet in Asschers optiek morele vragen niet vermijden; er moeten politieke discussies gevoerd worden over in hoeverre mensen verantwoordelijk gehouden worden voor hun daden.

Er moeten volgens Asscher meer oplossingen worden gezocht in de persoonlijke sfeer. Dit in plaats van institutionele oplossingen. De wethouder illustreerde dit met een verhaal van een vader die zijn inboedel dreigt te verliezen door de schulden van zijn zoon. “De reflex is dan om de schulden te betalen en daarna de rest op te lossen. Maar dat is verkeerd. Er moet gekeken worden of de jongen niet ergens kan werken, bij een familielid bijvoorbeeld, waardoor hij meer inzicht kan krijgen.”

Lord Maurice Glasman - Foto: Alexander Leeuw

Lord Maurice Glasman - Foto: Alexander Leeuw

Asscher nam Glasmans theorie van regionale banken over en paste deze op het scholenbeleid toe. Door mensen meer inspraak en macht te geven in het schoolbeleid, zouden ze meer interesse krijgen. “Mensen worden dan trots op de scholen.” Glasman sprak op soortgelijke manier over regionale banken. Door regionale banken de voorkeur te geven boven grote, landelijke banken komt de verantwoordelijkheid volgens Glasman bij het individu te liggen. “Deze vorm van kapitalisme zou de democratische instituten versterken.”

Zowel de Labour-partij als de Partij van de Arbeid zijn op zoek naar een nieuwe visie. Uiteindelijk gaat het volgens Glasman om patriottisme, de wil om het land beter maken. Hij wordt in de Britse pers een “guru” genoemd voor de Labour-partij en diens leider, Edward Milliband.

Enhanced by Zemanta [1]

pixelstats trackingpixel

Artistieke zzp’ers: wie zijn het?

Posted By Annemarie van de Vijsel On februari 1, 2012 @ 16:46 In Interview, Mooi | No Comments

Een artistieke zzp'er aan het werk. Bron: Chapendra via flickr.com

Een artistieke zzp'er aan het werk. Bron: Chapendra via flickr.com

AMSTERDAM, 1 februari – Het aantal artistieke zzp’ers in Amsterdam is in tien jaar tijd sterk gegroeid, zo berichtte [2]NAP Nieuws vorige week. Wie zijn deze kunstzinnige zelfstandigen zonder personeel? NAP Nieuws portretteert vier ondernemende Amsterdamse creatievelingen.

Pieter Jan Glerum (25), Anoniem Anno Nu

Anoniem Anno Nu is een website waar kunstenaars hun werken kunnen laten liken via Facebook, zonder dat de naam van de kunstenaar bij het werk staat. “Sommige Facebookers komen vaak op de pagina om kunstwerken te beoordelen, anderen doen dat af en toe. Er staan ook een paar werken van mij op de site. Sommige worden helaas niet vaak geliked…”

Waarom ben je deze onderneming begonnen?

“Ik wilde naar de kunstacademie, maar ik wist niet of ik goed genoeg was. Ik was op zoek naar een toegankelijke plaats op internet waar ik feedback op mijn werk kon krijgen. Tot mijn verbazing bestond zoiets nog niet, dus heb ik zelf een onderneming opgericht. Tijdens mijn studie Kunst, Cultuur en Media in Groningen leerde ik bijna niets over ondernemen, maar in mijn familie en omgeving hebben veel mensen een eigen bedrijf.”

Hoe is het om zzp´er te zijn?

“De administratieve kant was in het begin lastig, ik moest er even aan wennen. Het hoort bij het artistiek ondernemerschap, het zou mensen niet moeten belemmeren om zzp’er te worden.”

Wil je in de toekomst als zzp’er blijven werken?

“Ik wil zeker verder in de ondernemerswereld. Als ik op straat loop, zie ik veel mogelijkheden om op een creatieve manier geld te verdienen. Door het bedenken van app’s bijvoorbeeld. Anoniem Anno Nu doe ik buiten de kantooruren, het levert financieel nog niets op. In de toekomst wil dat wel. Ik wil kunstkopers en kunstenaars direct met elkaar in contact gaan brengen. Daar kan ik op een gegeven moment aan gaan verdienen.”

Linda Koene (27), Stichting Creatief Initiatief

Stichting Creatief Initiatief organiseert kunstprojecten en maakt tentoonstellingen in de openbare ruimte of op een bijzondere locatie in Amsterdam. Momenteel is in de gangen van de Hermitage het werk van acht jonge Vlaamse kunstenaars te bewonderen, geïnspireerd op de tentoonstelling ‘Rubens, Van Dyck & Jordaens’. Het is een van de projecten van de stichting Creatief Initiatief. “Het is een spannend project. Zij zijn beginnende kunstenaars en samen kunnen we onderzoeken hoe je een interessante tentoonstelling opbouwt.”

Waarom ben je deze onderneming begonnen?

“In 2008 wilden twee oud-studiegenoten en ik een kunstproject doen in samenwerking met stadsdelen. Daarvoor moesten we een officiële onderneming oprichten. We werken nu alle drie als zzp’er voor de stichting. Ook wilde ik na mijn opleiding Visual Art and Design Management in Utrecht een portfolio opbouwen. Dat doe ik met projecten voor de stichting. In die opleiding leer je tentoonstellingen maken, maar ook de administratieve kanten van het kunstenaarschap. De artistieke zzp’ers waarmee we samenwerken in onze stichting kan ik daarom ook helpen met de administratie.”

Wil je in de toekomst als zzp’er blijven werken?

“Ik kan nog niet leven van het werk voor de stichting alleen. Daarnaast zal ik moeten blijven werken als galerieassistent, zeker gezien de bezuinigingen in 2013. Waarschijnlijk zal de stichting minder opdrachten krijgen van bijvoorbeeld de stadsdelen. Hun budgetten worden immers ook kleiner. De bezuinigingen zullen zelfstandige beeldende kunstenaars hard treffen. Zij kunnen moeilijker in dienst van een bedrijf werken dan bijvoorbeeld grafisch vormgevers. Het wordt moeilijk om als beginnend beeldend kunstenaar rond te komen wanneer de WWIK vervalt. Hoe meer je naast het kunstenaarschap moet werken, hoe minder tijd je hebt om je verder te ontwikkelen om uiteindelijk helemaal van de kunst te kunnen leven.”

Won Tuinema (30), World of Won

“Ik fotografeer en maak films in opdracht. Voor grote filmklussen stel ik een crew samen van andere freelancers. Fotografieklussen doe ik veelal alleen.”

Waarom ben je deze onderneming begonnen?

“De reden van oprichting van World of Won is de Handelsregisterwet uit 2008 waardoor je verplicht werd een onderneming te gaan voeren. Overigens vind ik ‘onderneming’ een te groot verzamelwoord voor een specifiek beroep. Het is nu, mede door de technologische minirevolutie, voor iedereen mogelijk om creatieve werkzaamheden naast een betaalde baan te hebben. Iedereen met een digitale spiegelreflex is opeens fotograaf, de wildgroei is enorm. Men verliest oog voor vakmanschap en inhoudelijk werk. Hoe weet men tussen al die zzp’ers de vakman te onderscheiden van de hobbyfotograaf die af en toe bijverdient?”

Wil je in de toekomst als zzp’er blijven werken?

“Ik blijf zeker zelfstandig bezig met film en fotografie. Al bekijk ik nu alles wel meer met een ondernemende blik dan vroeger. Als freelancer bouw je bijvoorbeeld geen pensioen op en als fotograaf heb je geen eigen bedrijf met verkoopwaarde, dus moet ik toch op een andere manier mijn oudedagsvoorziening regelen. Mijn uiteindelijke doel is een onderneming beginnen op het gebied van film en fotografie met een verkoopwaarde voor later en voldoende inkomsten voor nu. Dan kan ik eindelijk vrij werk gaan maken.”

Kathelijn Voets (25), Generation YOU

Generation YOU brengt creatieve zzp’ers in contact met bedrijven. Zo’n zestig tot tachtig zzp’ers staan er ingeschreven, voornamelijk grafisch ontwerpers en webdesigners.

Waarom ben je deze onderneming begonnen?

“Ik heb Generation YOU opgericht omdat ik zag dat kunstenaars vaak moeite hebben zichzelf te verkopen. Daarnaast willen kopers vaak relatief weinig neerleggen voor een kunstwerk. En zzp’ers doen vaak opdrachten die goed zouden zijn voor hun portfolio, maar waar ze niet altijd voor betaald worden. Als bemiddelingsbureau kunnen we ons harder opstellen om een eerlijke prijs voor hun werk te krijgen. Tijdens mijn studie Business Administration met de richting Ondernemerschap aan de VU werd ik al enigszins voorbereid op het starten van een eigen bedrijf.

Hoe is het om te werken met zzp’ers?

“Artistieke zzp’ers komen in aanraking met veel facetten van het ondernemerschap, maar ze zijn liever vooral met de kunst bezig.

Ik hoor vaak van studenten van de kunstacademie dat ze niet worden opgeleid als ondernemer. Sommigen zien de zakelijke kant in het begin als belemmering. Daar speel ik nu op in door hen te helpen bij onder meer het administratieve werk en bij de promotie.”

pixelstats trackingpixel

Vijftien jaar cel voor moord op ‘goede vriend’

Posted By Anna Vossers On februari 1, 2012 @ 16:44 In Algemeen, Nieuwsbericht, Stad | No Comments

Amsterdam, 1 februari – Stefano L. (20) is maandag veroordeeld tot vijftien jaar gevangenisstraf voor moord op zijn vriend Quincy (16). De toen achttienjarige L. schoot in september 2010 vijfmaal op het slachtoffer na een woordenwisseling over een gebroken duim.

Foto: Alvimann (MorgueFile)

Foto: Alvimann (MorgueFile)

De rechter rekent het de verdachte extra zwaar aan dat hij het leven van zijn ‘vriend’ op een “onvermoeds moment”, na een “futiele ruzie”, beëindigd heeft. Wel is er strafvermindering toegepast, omdat de verdachte op het moment van de moord “nog niet volledig uitgerijpt” was: hij was op het moment van het delict pas 18 jaar. De rechter heeft hem vijftien jaar onvoorwaardelijke celstraf opgelegd.

De vrienden hadden op 2 september 2010 ruzie gekregen. De verdachte vond dat Quincy ervoor had gezorgd dat L.’s duim was gebroken bij een scooterongeluk eerder die week. Hij was gefrustreerd dat Quincy hem niet financieel wilde compenseren voor de gebroken duim. In een huis in Amsterdam vuurde L. vervolgens minimaal vijf kogels af op het slachtoffer, waarschijnlijk met een omgebouwd gaswapen. De jongen overleed dezelfde dag in het VU Medisch Centrum.

Volgens de rechter heeft Quincy de verdachte tot het laatste moment vertrouwd en zou hij na de schoten nog hebben gevraagd of het echt waar was dat zijn ‘maatje’ hem had neergeschoten. L. ontkent schuld.

Ondanks de ontkenning van L. acht de rechter de moord bewezen. In een afgetapt telefoongesprek in straattaal tussen L. en een derde vriend, kort na de moord, beschuldigt die vriend L. van de moord.

Twee mensen waren getuige van de moord. Een andere persoon verklaarde dat L. hem vlak na de moord had bezocht en zou hebben gezegd dat hij iemand had neergeschoten.

pixelstats trackingpixel

Utrechtse Paper Dome naar Amsterdam Noord

Posted By Martine Huijbregts On februari 1, 2012 @ 16:42 In Mooi, Nieuwsbericht | No Comments

AMSTERDAM, 1 februari – Het tijdelijke theater Paper Dome verhuist in maart van Utrecht naar Amsterdam Noord. Het gebouw, een ontwerp van de Japanse kunstenaar en architect Shigeru Ban, moet weg uit de wijk Leidsche Rijn om plaats te maken voor een nieuw bouwproject. Waar in Amsterdam Noord de Paper Dome komt te staan is nog niet bekend.

De Paper Dome. Foto: Cultuur19.

De Paper Dome. Foto: Cultuur19.

Aanvankelijk zou de Paper Dome, die bestaat uit een constructie van 700 kartonnen kokers en een wit polyesterdoek, worden gesloopt. De gemeente Utrecht wilde het gebouw echter behouden. In Utrecht bleek er geen plaats te zijn voor de Paper Dome. Daarop ging de gemeente op zoek naar geïnteresseerden om het gebouw voor een lage prijs over te nemen. Wel moest de nieuwe eigenaar de kosten van afbraak, transport en wederopbouw voor zijn rekening nemen. Stadsdeel Amsterdam Noord had de overname als eerste rond.

Volgens een woordvoerder van Amsterdam Noord kon het stadsdeel de Paper Dome voor een “symbolisch bedrag” overnemen. “Het is een mooi, licht gebouw”, aldus de woordvoerder. “Bovendien is het stadsdeel al langer bezig met plannen voor een tijdelijk theater.” Of de Paper Dome ook daarvoor gebruikt gaat worden, is nog niet bekend. “Dat voorstel moet eerst nog worden goedgekeurd door de Raad. Hopelijk wordt het voorstel in april besproken.”

De Paper Dome werd in 2004 in Utrecht geplaatst op initiatief van kunstprogramma Beyond. Het was de eerste culturele voorziening in de Leidsche Rijn. De theaterprogrammering was in handen van kunst- en cultuurorganisatie Cultuur19. Op de plek waar nu de Paper Dome staat moet het Leidsche Rijn Centrum komen, het tweede stadscentrum van Utrecht.

pixelstats trackingpixel

Braakliggende kavels in Amsterdam: ruimte voor creativiteit

Posted By Kick Hommes On februari 1, 2012 @ 16:40 In Algemeen, Stad | No Comments

Amsterdam, 1 februari – Bouwprojecten in Amsterdam lopen door de economische crisis vertraging op. Er is geen geld bij corporaties en de overheid om dure gebouwen neer te zetten. Braakliggende kavels worden nu aan buurtbewoners en initiatiefnemers aangeboden om het gebied tijdelijk een nieuwe bestemming te geven.

Braakliggende terreinen in Amsterdam: ruimte voor creatief gebruik

Braakliggende terreinen in Amsterdam: ruimte voor creatief gebruik. foto:rood.amsterdam.sp.nl

De gemeente Amsterdam ziet graag dat braakliggende kavels een tijdelijke functie krijgen. Zo werd in overleg met het stadsdeel Nieuw-West op 26 januari een avond georganiseerd om bewoners te laten nadenken over een braakliggend stuk terrein aan de Sloterplas. Ook wordt 3,6 hectare van het Zeeburgereiland voor één euro tien jaar verhuurd aan iemand met een creatief idee. “Op sommige terreinen is flink gesloopt om erop te bouwen en dat heeft soms pijn gedaan in de buurt. Het zou mooi zijn om de mensen de ruimte tijdelijk terug te geven”, zegt Barbara Ponteyn, planoloog van de Dienst Ruimtelijke Ordening (DRO).

“Iedereen met een goed initiatief kan in aanmerking komen om een kavel tijdelijk in te vullen”, zegt Ponteyn. “Er is geen gemeentelijk beleid dat bepaalt dat er hier een moestuin moet komen en daar een natuurspeelplaats.” Het restaurant/café Hannekes Boom langs het IJ en het Magneetfestival op het Zeeburgereiland in augustus en september 2011 zijn voorbeelden van initiatieven die tot op heden tot stand zijn gekomen. “Ook zijn we bijvoorbeeld bezig met een doolhof van bamboe in Amsterdam Zuidoost”, zegt Ponteyn.

Amsterdam heeft ongeveer 150 hectare braakliggend terrein. Deze kavels liggen voornamelijk bij Zeeburg, IJburg, de ZuidAs, Nieuw-West en bij station Sloterdijk. Plekken waar de grote bouwprojecten van de stad door geldgebrek niet meteen door kunnen gaan. 25 hectare (26 kavels) is direct beschikbaar voor creatieve initiatieven. Zeventig hectare komt mogelijk binnen een paar jaar vrij. 52 hectare is inmiddels ingevuld met tijdelijke initiatieven.

In juni 2011 publiceerde de Dienst Ruimtelijke Ordening een kaart van braakliggende kavels in Amsterdam. “Zowel vanuit de samenleving, de wijkaanpak als de gemeentepolitiek was er een roep voor een kaart met meer gegevens”, zegt Ponteyn. “De kaart is gemaakt om geïnteresseerden te laten zien waar er braakliggende terreinen liggen, hoe het staat met de beschikbaarheid van de stukken grond en met wie er contact opgenomen kan worden voor plannen.”

Foto: gisdro.nl

De braakliggende kavels in Amsterdam. Groen is direct beschikbaar Foto: gisdro.nl

Het doel van de gemeente is volgens Ponteyn om de kwaliteit van de leefbaarheid van de stad te verbeteren. “Een kavel waar een tijdelijke invulling voor is, is altijd beter dan dat een kavel braak ligt. Maar we willen de insteek echt ‘bottom-up’ houden: de initiatieven moeten vanuit de samenleving komen, niet vanuit de gemeente. En het feit dat de gemeente geen geld heeft speelt daarin wel mee, maar het is ook een manier om creativiteit in Amsterdam te stimuleren.”

Een belangrijk aspect is wel dat de initiatiefnemer wel zelf geld mee moet brengen. Ponteyn:  “er is geen gemeentelijk potje voor braakliggende terreinen. Er zijn wel zeer beperkte budgetten vanuit bestaande potjes als de wijkaanpak en de buurtbudgetten, maar daar moeten de stadsdelen over beslissen.”

De stadsdelen zijn verantwoordelijk voor de braakliggende terreinen in hun gebied. Adri Hofstra, projectmanager van het stadsdeel Nieuw-West, ziet graag dat er ideeën komen vanuit bewoners. “Nieuw-West maakt er een punt van en het is mooi dat er initiatieven komen. Wij gaan dan in overleg en kunnen dan de randjes van de regelgeving opzoeken van wat wel en wat niet mag. Veel geld om te helpen is er bijna niet.”

DRO is in overleg met het Rijk om de regelgeving voor de tijdelijk braakliggende terreinen te versoepelen, zegt Ponteyn. “We willen de regelgeving voor bijvoorbeeld de ontheffing van het bestemmingsplan voor deze terreinen verruimen van vijf naar tien jaar. Dus als je horeca op zo’n plek wil, maar in het bestemmingsplan staat dat mensen er moeten wonen, dan willen we een tijdelijke vergunning voor horeca makkelijker maken. Maar ook dat gaat in samenspraak met het Rijk.”

In 2011 zijn honderd initiatieven voor tijdelijk gebruik bij de stadsdelen ingediend, verspreid over veel verschillende kavels. De ZuidAs, waar zes kavels braak lagen en er vier zijn ingevuld, is volgens adjunct-directeur Robert Dijkmeester van het project ZuidAs heel aantrekkelijk. “Er komen hier veel mensen en we krijgen veel positieve reacties.” Een speciale commissie kijkt naar de initiatieven voor de kavels en kijkt naar of een plan bij de omgeving past. “We hebben nu hier een golfbaan, dat past goed bij de doelgroep.”

Toch zijn er ook gebieden waar er moeilijker initiatieven van de grond komen. Het gebied Teleport, rondom station Sloterdijk, is een ingewikkelder gebied om kavels te vergeven. “Sommige kavels staan al jaren leeg, vanaf het moment dat Teleport gestart werd. Die liggen nu eenmaal niet op de aantrekkelijkste plekken”, zegt Delphine van Wageningen, projectmanager van de regio Teleport.

Van de honderd initiatieven zijn er maar een aantal die uitgevoerd kunnen worden. “We kiezen natuurlijk zorgvuldig wat bij de buurt past”, zegt projectmanager van Nieuw-West Hofstra. Ook Ponteyn is het daarmee eens. “We bieden de ruimte om nieuwe dingen uit te proberen, maar mensen moeten wel een goed plan hebben.”

pixelstats trackingpixel

Meer mkb’s opgeheven binnen sector algemene diensten

Posted By Frank Huiskamp On februari 1, 2012 @ 16:38 In Algemeen, Leven, Nieuwsbericht, Nieuwsverhaal | No Comments

Nog steeds een hoog percentage opheffingen in de bouw, wel daalt het. Foto: Judy** via Flickr

Nog steeds een hoog percentage opheffingen in de bouw, wel daalt het. Foto: Judy** via Flickr

AMSTERDAM, 1 februari – Er zijn in 2011 meer middelgrote en kleine bedrijven in Amsterdam opgeheven binnen de sector van algemene diensten dan de jaren ervoor. In de bouwsector is er een lichte daling zichtbaar, maar blijft het percentage opheffingen hoog. Dat blijkt uit cijfers van de Kamer van Koophandel (KvK). Het totale opheffingspercentage van alle sectoren bleef constant op 5,8%.

In de sector van algemene diensten lag het percentage opheffingen over 20011 op 4,6%. De jaren ervoor schommelde het nog rond 3,5%. Tot de sector behoren onder andere onderwijs- en zorginstellingen. Over een verklaring hiervoor kon de KvK alleen speculeren. “Het zou wellicht snelle ontbindingen van nieuwe inschrijvingen kunnen betreffen”, aldus Dick Freling.

De bouwsector had ook in 2011 met een relatief hoog opheffingspercentage te maken. Dit lag  vorig jaar op 9,9%. “Ik zie de laatste drie maanden bouwbedrijven failliet gaan. De bouw had altijd aanbod genoeg om zich om te richten, maar is nu meer afhankelijk van de vraag”, zegt Matthé Ribbens, directeur van de ondernemersvereniging voor het midden- en kleinbedrijf Amsterdam (MKB). Middelgrote en kleine bedrijven hebben 250 of minder werknemers.

Het percentage opheffingen in de bouw is wel gedaald. In 2010 lag dit nog op 11,1%, in 2009 op 12,1%. Volgens Ribbens is het stijgende aantal zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) een mogelijke oorzaak voor de daling. “Ontslagen personeel  kan moeilijk in een andere sector gaan werken. Zij blijven dan in de bouw werkzaam als zelfstandige”, aldus Ribbens.

Het totale opheffingspercentage van middelgrote en kleine bedrijven in Amsterdam is de afgelopen drie jaar constant gebleven. “Amsterdam blijft een rijke stad, waar veel wordt geconsumeerd”, zegt Ribbens. “Maar de crisis zal nog zeker wel twee jaar voelbaar zijn in de stad.”

pixelstats trackingpixel

Haarlemmerstraat leukste winkelstraat van Nederland

Posted By Anne Hammers On februari 1, 2012 @ 16:36 In Mooi, Nieuwsverhaal | No Comments

AMSTERDAM, 1 februari -De Haarlemmerstraat en de Haarlemmerdijk zijn samen verkozen tot de leukste winkelstraat van Nederland. Met 4413 stemmen won de Amsterdamse straat vandaag de NLstreets award, de publieksprijs die jaarlijks wordt toegekend aan een Nederlandse winkelstraat. Het verschil met de nummer 2, de Gierstraat in Haarlem, bedroeg 57 stemmen.

De Haarlemmerstraat in Amsterdam via Flickr.com

De Haarlemmerstraat in Amsterdam via Flickr.com

Het was een nek aan nekrace tussen de nummers één, twee en drie op een lijst van vijf genomineerde winkelstraten. Dinsdsgmiddag was er een verschil van tien stemmen tussen de Haarlemse Gierstraat, de Haarlemmerstraat en de winnaar van vorig jaar, de Kleine Kerkstraat in Leeuwarden. In alle drie de steden werd er via sociale media en sites van de gemeente gelobbyd om zoveel mogelijk stemmen binnen te halen. De Gierstraat in Haarlem eindigde met 4356 stemmen op de tweede plaats. De Friese winkelstraat werd met 3651 stemmen derde.

Volgens Nel de Jager, winkelstraatmanager van de Haarlemmerstraat, is het niet makkelijk om stemmen te trekken. “Amsterdammers hebben al snel zoiets van ‘ach joh het zal wel’. In kleine steden als Haarlem en Leeuwarden is er vaak meer samenhorigheid”, zegt ze. Vorig jaar werd de Haarlemmerstraat met een verschil van 239 stemmen tweede tijdens de verkiezing.

Amsterdammers konden dit jaar kiezen tussen twee winkelstraten. De Beethovenstraat in Amsterdam Zuid behaalde met 2278 stemmen de vierde plaats. Volgens Jeannet van der Knaap van de winkeliersvereniging is er ook in de Beethovenstraat reclame gemaakt om zoveel mogelijk stemmen binnen te halen. Dat mocht niet baten. Van der Knaap denkt dat dit komt omdat de Beethovenstraat niet alleen bestaat uit kleine, zelfstandige winkeliers. “In onze straat vind je ook ketens, de straten die nu bovenaan staan bestaan voor 80 procent uit kleine winkels.”

Eva Ruijter van de website Nlstreets.nl die de award jaarlijks uitreikt, bevestigt dat de Nlstreets award er is om de winkelstraten met kleinere en afwisselende winkels onder de aandacht te brengen. Volgens haar profiteerden de winkeliers in de winnende straten de afgelopen jaren “enorm” van de media-aandacht. “Een zelfstandige winkelier heeft een beperkt reclamebudget, de award is een manier om publiciteit te krijgen.”

Wim van Ladesteijn relativeert het succes van de NLstreets award. Zijn schoenenwinkel Bojangles is gevestigd in de Kleine Houtstraat in Haarlem, die in 2008 en in 2009 werd verkozen tot beste winkelstraat van Nederland. “Het is hier zeker drukker door alle aandacht in de media.” Van Ladesteijn kan de verhoogde populariteit van de Haarlemse winkelstraat niet met omzetcijfers aantonen. “Het kan een positief en een negatief effect hebben. Klanten komen binnen en zeggen ‘dit is de place to be, hier moet ik zijn’ en dan lopen ze nog zonder tas de deur uit. Je winkel spreekt mensen aan of niet.”

De award wordt dit jaar voor de vierde keer uitgereikt en bestaat uit een feestelijke huldiging in het voorjaar. Behalve een prijs voor de beste winkelstraat is er ook een onderscheiding voor de beste winkel van Nederland. Een delicatessenzaak uit de Haarlemmerstraat behaalde de tweede plaats en verloor daarmee van een kledingwinkel, gevestigd in de Gierstraat in Haarlem.

pixelstats trackingpixel

De klok slaat… 22:22, alweer

Posted By Haro Kraak On februari 1, 2012 @ 16:34 In Algemeen, Column, Mooi | No Comments

In iedere editie van NAP schrijft een van onze redacteuren een column over Amsterdam naar aanleiding van een tijdstip. Vandaag slaat de klok – voor de zoveelste keer – 22:22.

Foto: Haro Kraak

Foto: Haro Kraak

Dat gebeurt mij weer. Het houdt nooit op. Overal en altijd zie ik diepere lagen. Patronen, verbanden, sjablonen, complotten. Toeval bestaat niet. Ik weiger te geloven dat alles zonder reden gebeurt. Ik voel dagelijks hoe van hoger hand met mijn lot gespeeld wordt. Vanochtend weer. Ik werd wakker. Mijn wekker had ik om 8:30 gezet. En wanneer ontwaakte ik? Precies, om 8:29. Zo gaat het dus altijd.

Na het ontbijt las ik de krant, waarin ik vijftien keer het woord “steevast” tegenkwam. Nog zoiets. In een opiniestuk stond het woord “rapaille”. Ik pakte mijn woordenboek erbij en zag dat het gepeupel betekent. Gedurende de dag zag ik het woord nog vier keer. Dat bestaat toch niet? Nog nooit van een woord gehoord hebben en het dan vijf keer op één dag tegenkomen. Ik zeg het je, ze spelen met me.

Toen de krant uit was en ik klaar was om naar mijn werk te gaan, keek ik nog een laatste maal op mijn telefoon. 11:11. Ik negeerde het idiote getal en stapte op de fiets. Op mijn werk dronk ik een kop koffie. Die deed al snel zijn werk. Iets te snel. Mijn hoofd raasde en mijn darmen gierden. Ik rende naar de WC, plofte neer op de bril en ontspande mijn spieren. Bijgekomen van de acute ontlading greep ik naar de wc-rol. Een leeg kartonnetje bungelde om de ijzeren houder. Niks aan de hand, rustig blijven, die dingen gebeuren.

Ik loste de papiernood op door met mijn broek half over mijn billen bij de dames te buurten. Met lichte tegenzin waste ik daarna mijn handen met water. Zeep is niet te vertrouwen. Wat je allemaal niet kunt doen met die kleverige melkachtige substantie, ik wil er niet eens aan denken. De mens is van nature slecht, dat wisten de oude Chinezen al. Het tegendeel is sindsdien nooit bewezen.

Achter mijn bureau vond ik wat rust. Hoewel het internet een bron van achterklap, samenscholing en complottheorieën is, maakt het mij altijd kalm. Al surfend dutte ik weg. Een vreemde beltoon die uit mijn zak kwam wekte mij. Ik greep naar mijn telefoon en kon niet anders dan concluderen dat iemand mijn telefoon van stil had gezet. Het was mijn huisgenoot die belde. Of hij mijn laptop even kon gebruiken. Dat mocht. Was het wachtwoord nog steeds “puffdaddy”? Was hij gek geworden? Dat soort dingen zeg je toch niet over de telefoon? Iedereen weet dat er geen enkel land is waar er zoveel wordt afgeluisterd als in Nederland.

Een paar uur later had ik eindelijk wat werk verzet. Ik moest nog wat geld overmaken en pakte mijn e.dentifier erbij. Ik drukte mijn pinnummer in op het apparaatje en er verscheen een nummer op het beeldscherm. 6667 7776. Even moest ik lachen. Ik ben niet goed met cijfers, maar ik zou zweren dat ik de codes van internet bankieren zou kunnen kraken. Er zit altijd een patroon in. 1404 1044. Zie je het?

Om acht uur was ik klaar met werk. Ik had de lunch overgeslagen dus ik moest snel even wat eten. De snelste en goedkoopste hap was de FEBO om de hoek. Ik liep langs de automatiek en bestelde bij de man achter de kassa een broodje kroket. Hij keek me vermoeid aan en wees naar de luikjes op de muur. Of ik daar niet een kroket uit kon trekken. Ik legde de man uit dat er tal van kwajongens zijn die daar twee euro ingooien, het luikje open doen, een ecstasypil tussen het broodje verkruimelen en het dan weer keurig terugleggen. En dan kijken wat er gebeurt. Om mijn punt kracht bij te zetten wees ik de man op het groepje pubers dat tegenover de snackbar om een scooter heen stond. Ze hadden het duidelijk op mij gemunt.

Met de eerste hap brandde ik mijn verhemelte aan de vers gebakken kroket. Die had ik aan kunnen zien komen. Thuis aangekomen liet ik me vallen op de bank en zette de tv aan. Een fijne verrassing: Jules Deelder was op De Wereld Draait Door. Het is altijd een kleine troost om andere getormenteerde zielen aan te horen. Maar het mocht niet baten. De aftiteling verscheen al in beeld en Matthijs van Nieuwkerk rondde het gesprek af. Ik zuchtte, ik gaapte en ik liet de irritatie van me afglijden. Vredig viel ik in een diepe slaap. Totdat ik wakker schrok uit een angstdroom. Ik keek op mijn telefoon. 22:22. Dat heb ik weer.

pixelstats trackingpixel

Het verhaal achter het faillissement van Panama

Posted By Thomas Rueb On januari 27, 2012 @ 17:03 In Algemeen, Leven | 1 Comment

AMSTERDAM, 27 januari - Deze week vroeg het bedrijf achter de Amsterdamse club Panama faillissement aan. De club is vanaf 2006 verwikkeld in een juridische strijd tussen stadsdeel Oost en buurtbewoners van Panama. Volgens de club had een beperkt aantal buurtbewoners “zich vastgebeten in een slepende strijd om de club de wijk uit te krijgen”. De bewoners vertellen een ander verhaal. NAP Nieuws maakte een reconstructie.

Deze week vroeg de Amsterdamse club Panama faillissement aan. Foto: monosodium (morguefile)

Deze week vroeg de Amsterdamse club Panama faillissement aan. Foto: monosodium (morguefile)

Panama opende in 2001 als café-restaurant. Daarvoor kreeg de club een bijpassende horecavergunning (IV). Tussen 2001 en 2006 begon Panama steeds meer “discotheekactiviteiten” te ontplooien, die buiten de vergunning vielen, vertelt een woordvoerder van stadsdeel Oost. Het stadsdeel had wel oren naar een discotheek op die locatie. Zij kwam daarom in 2006 met een bestemmingsplan dat Panama voorzag van horecavergunning VI, bestemd voor discotheken. De illegale discotheekactiviteiten van Panama zouden op deze manier worden gelegaliseerd.

Hiertegen kwamen omwonenden in actie. Zij vochten het bestemmingsplan in 2007 voor het eerst aan voor de Raad van State.

Het pand van Panama aan de Oostelijke Handelskade in Zeeburg is een monument. Het is te overlastgevoelig voor het geluidsniveau van een discotheek. Dat bepleitten de buurtbewoners in 2007 voor de Raad van State. Ze kregen  gelijk, het bestemmingsplan werd vernietigd. Stadsdeel Oost besloot toen de discotheekactiviteiten van Panama te gedogen. Volgens een woordvoerder van het stadsdeel bleef de club in het bezit van horecavergunning VI en mocht de club haar discotheekactiviteiten voortzetten, “omdat legalisatie van de situatie werd verwacht”. Er werd gewerkt aan een nieuw bestemmingsplan om de horecavergunning te ondersteunen.

Dat kwam er in 2008. Weer stapten de klagers naar de Raad van State en weer kregen ze gelijk. Ook dit bestemmingsplan werd vernietigd. Een jaar later volgde een derde bestemmingsplan. Dat werd tevens door de klagers aangevochten. Die zaak kwam voor op 19 december 2011. Rechter Wim Deetman verweet het stadsdeelbestuur dat het “tien jaar lang de illegale activiteiten van uitgaanscentrum Panama [had] gedoogd terwijl er toch door bewoners voortdurend aan de bel is getrokken”. De uitspraak wordt binnen twee weken verwacht.

Ook de Gemeentelijke Ombudsman Amsterdam “rekent het het stadsdeel aan dat het over een periode van acht jaar een illegale situatie heeft laten voortbestaan”. In maart 2010 concludeerde hij dat er “een illegaal gedoogbeleid van illegale activiteiten is ontstaan”.


Hoge kosten

Vooral hoge juridische kosten hebben volgens de eigenaren de club de kop gekost. Mede-eigenaar van Panama René Vidal verklaarde deze week tegen Het Parool dat “een groepje van hooguit vijf bewoners” zich had vastgebeten in een slepende strijd om de club de wijk uit te krijgen. Volgens gebouweigenaar Michael van de Kuit heeft Panama ongeveer 250.000 euro aan juridische kosten “moeten inleveren”.

Tienduizenden euro’s aan waterschade veroorzaakt door een bouwproject van het stadsdeel droegen volgens Van de Kuit ook bij aan het faillissement. Sinds anderhalf jaar is het aantal parkeerplaatsen rond de club verminderd, wat Panama noodzaakte parkeergelegenheid in een nabijgelegen parkeergarage te huren voor “vele duizenden euro’s”. Het stadsdeel verklaart dat Panama nooit bezwaar heeft gemaakt over afgenomen parkeergelegenheid.

Terugkijkend heeft Panama zich verslikt in te hoge juridische kosten, geeft Van de Kuit toe. De inkomsten liepen de afgelopen tijd terug. “Als je een slecht jaar draait is 2,5 ton heel veel geld.”


De klagers

Anders dan Panama in de media zegt, hebben de klagers hebben nooit tegen Panama zelf geprocedeerd. Zij procedeerden tegen het stadsdeel. Panama sloot uit eigen beweging aan, verklaren ze. “Wij voelen ons valselijk beschuldigd”, vertelt een omwonende van Panama, die liever anoniem wil blijven. “De uitspraken van de Panama in de pers hebben ons zo verbaasd.” Volgens Panama-eigenaar Van de Kuit had Panama geen andere keuze dan zich in het proces tegen het stadsdeel te mengen. “Het stadsdeel faalde keer op keer in haar aanpak en wij voelden ons genoodzaakt om op te treden. Er was geen vertrouwen meer”, zegt hij.

Catharina Vasterling, woordvoerder namens de klagers, zegt ook dat een sluiting van Panama nooit het doel is geweest. “We hebben tegen het onzorgvuldig handelen van het stadsdeel geprocedeerd.” Het was de bewoners te doen om horecavergunning VI, de discotheekvergunning, die het stadsdeel volgens hen niet in het bestemmingsplan had mogen opnemen. “We zijn voor ons recht opgekomen.”

De groep procederende klagers is groter dan de “hooguit vijf” waar Panama melding van maakt. Catharina Vasterling spande de procedure aan namens 41 personen, volgens haar “ongeveer 90 procent van de directe omwonenden”. Daarnaast hebben vier andere omwoners individueel op eigen initiatief geprocedeerd.


Balu BV en uitspraak

Achter Panama zit het bedrijf Balu B.V., dat nu failliet is. Naast Panama bezat Balu een restaurant in Loosdrecht, genaamd Porto. Dit restaurant sluit volgens de website tevens zijn deuren. Dat de inkomsten terugliepen, strookt met gegevens van de Kamer van Koophandel van het nu failliete Balu B.V. Die laten zien dat het bedrijf sinds 2009 steeds meer van haar reserves moest snoepen. Balu B.V. was niet bereikbaar voor commentaar.

Binnen twee weken doet de Raad van State uitspraak over het derde bestemmingsplan. Al is de Panama failliet, er kan gewoon een nieuw etablissement in het pand gevestigd worden. Of dat een discotheek mag zijn, hangt af van de uitspraak. Gebouweigenaar Van de Kuit hoopt van wel: “Ik heb er alle vertrouwen in.”

Enhanced by Zemanta [1]

pixelstats trackingpixel

Fractievoorzitter GroenLinks Nieuw-West beticht van leugens

Posted By Merlijn Kerkhof On januari 27, 2012 @ 16:58 In Nieuwsbericht, Stad | No Comments

AMSTERDAM, 27 januari – Deelraadslid Serdar Akyol van GroenLinks Nieuw-West beticht zijn voormalige fractievoorzitter van leugens. Akyol stapte woensdag uit de fractie vanwege problemen met fractievoorzitter Avni Turgut en verschillende bestuursleden.

Volgens Turgut was de situatie in de fractie onhoudbaar, omdat Akyol vaak niet bij vergaderingen was, afspraken niet nakwam en zijn aandacht niet bij de politiek lag. Tegen Het Parool zei Turgut gisteren dat Akyol training was aangeboden om te leren hoe hij met zijn rol als volksvertegenwoordiger om moet gaan. “Leugens”, aldus Akyol.

Afbeelding: GroenLinks-logo

Afbeelding: GroenLinks-logo

Akyol is de tweede in nog geen jaar die de fractie verlaat na een ruzie. Turgut is het enige overgebleven lid van de fractie. In juni 2011 vertrok Martie Spork vanwege “een gebrek aan wederzijds vertrouwen”. Ze ging door als eenmansfractie. Ook Akyol geeft zijn zetel niet op en gaat zelfstandig verder.

Spork gaf vandaag te kennen dat haar vertrek destijds vooral te maken had met het optreden van Turgut. Ook is ze van mening dat de fractie geen goede begeleiding heeft gekregen. Volgens Turgut wordt er echter standaard coaching aangeboden, zowel door de partij als door de gemeente. “Of zij er gebruik van maken, dat is een tweede. Nu denk ik: hadden we het maar verplicht gesteld.”

Turgut noemde Akyol gisteren in Het Parool “licht ontvlambaar” en zei dat Akyol “snel boos en emotioneel wordt als hij kritiek krijgt”. Akyol is er niet blij met het commentaar en herkent zich bovendien niet in de kritiek. “Ik ben vrijwilliger, voetbaltrainer, ondernemer, ik heb personeel rondlopen. Als ik altijd boos zou zijn, dan zou mij dat toch nooit lukken?”, zegt Akyol, die zijn shoarmazaak in Nieuw-West verkocht om de schijn van belangenverstrengeling tegen te gaan. Voor Turgut was het noodzakelijk om in het dagblad de redenen van de breuk toe te lichten. “We moeten verantwoording afleggen aan onze leden en kiezers.”

“Begin december hadden we een fractievergadering. Akyol liep boos weg”, vertelt Turgut. “Hij dreigde toen al dat hij voor zichzelf zou beginnen. Ik heb toen meteen een bemiddelaar van de partij ingeschakeld.” Sinds december hadden de twee geen contact meer met elkaar. “Het bestuur en ik hebben wel initiatief daartoe genomen. Er zouden twee gesprekken zijn, maar bij het tweede kwam hij niet opdagen”, zegt Turgut.

Akyol bestrijdt dat hij wegbleef bij het gesprek. De partij verwijt hij niets. “Ze hebben genoeg gedaan om te bemiddelen. GroenLinks blijft mijn partij.” Om als eenmansfractie door te kunnen gaan, heeft hij wel zijn lidmaatschap opgezegd.

pixelstats trackingpixel

Daklozen in de Gelagkamer

Posted By Alexander Leeuw On januari 27, 2012 @ 16:56 In Algemeen, Leven, Reportage | No Comments

De Gelagkamer van het Corvershof - Foto: Alexander Leeuw

De Gelagkamer van het Corvershof, in de Protestantse Diaconie - Foto: Alexander Leeuw

Ook daklozen hebben wel eens juridische problemen. Daarom was deze week de officiële opening van het juridisch steunpunt voor dak- en thuislozen in de Protestantse Diaconie Amsterdam. Burgemeester Eberhard van der Laan hield een toespraak, af en toe onderbroken door daklozen die hun frustraties kenbaar maakten. Van der Laan reageerde streng maar nieuwsgierig. “Straks gaan we met z’n tweeën een sigaretje roken en praten we verder.”

AMSTERDAM, 27 januari 2012 – Een man met een witte baard, rood gewaad en een rode mijter verwelkomt de bezoekers. Hij heeft geen antwoord op de vraag waarom hij als Sinterklaas verkleed is. “Ik heb geen verblijfsvergunning”, zegt hij. “Ik wordt hij misschien het land uit gezet.” Achter zijn witte baard schuilt een stoppelbaard. Zijn ogen staan glazig. Hij vertelt dat hij financiële problemen heeft. De opening in de Protestantse Diaconie Amsterdam draait mensen zoals hij, daklozen met juridische problemen. Het weer is druilerig, grijs, met af en toe een verdwaalde regendruppel.

Caroline de Groot is de organisator van de feestelijke opening deze middag. Ze werd afgelopen oktober benoemd als ‘straatjurist’ voor het juridisch steunpunt. De Groot staat in een klein huisje in het hofje van de diaconie. Haar dochter helpt met het uitdelen van appelsap en erwtensoep. De komende drie jaar zal De Groot zich bezighouden met problemen waar daklozen veel mee te maken hebben.

Een belangrijk probleem is bijvoorbeeld de strikte toegangseisen voor maatschappelijke opvang, legt de Groot uit. “Voor maatschappelijke opvang moet je ernstige psychische problemen hebben of verslaafd zijn. Dat gaat niet voor elke dakloze op. Bovendien moet iedereen minstens twee van de afgelopen drie jaar aan Amsterdam verbonden zijn geweest. Dat is lastig te bewijzen voor een dakloze zonder administratie.”

Daarnaast hebben veel daklozen problemen bij het aanvragen van uitkeringen. “Mensen die hier ongedocumenteerd zijn, niet-Europeanen bijvoorbeeld, kunnen geen uitkering aanvragen of terecht bij de maatschappelijke opvang. Doen ze dat wel, dan lopen ze het risico dat ze het land uit worden gezet. Hier beroepen wij op ons beroepsgeheim, dus bij ons kunnen ze zich wel melden.” Ze voegt met nadruk toe: “je moet ‘ongedocumenteerd’ zeggen. ‘Illegaal’ klinkt te negatief.”

En dan zijn er nog de boetes. “Voor veel daklozen stapelen de boetes zich op. Iemand verliest zijn huis omdat hij geen geld heeft, maar krijgt vervolgens een boete omdat hij op straat slaapt.” Boetes voor openbare dronkenschap en urineren in het openbaar vindt De Groot onterecht. “Als je geen huis hebt, kun je niet even naar de wc.” Wat betreft openbare dronkenschap is ze ook begripvol: “Met dit weer kan ik me best voorstellen dat je af en toe wat wilt drinken.”

Dan loopt ze loopt naar het hoofdgebouw, de Corvershof, waar op de trap voor de ingang Jan Haver en de Straatklinkers spelen. Na nummers over Amsterdamse grachten en de Jordaan is het tijd voor de toespraken en de discussie.

De Gelagkamer van het Corvershof, vanaf de binnenplaats - Foto: Alexander Leeuw

De Gelagkamer van het Corvershof, vanaf de binnenplaats - Foto: Alexander Leeuw

In de Gelagkamer van het hoofdgebouw is De Groot de eerste spreker. In de chique, klassiek ingerichte kamer bedankt ze de organisaties die bij het steunpunt betrokken zijn: HVO Querido, de Regenboog Groep, de Belangenbehartiging Amsterdamse Dak- en Thuislozen, Je Eigen Stek, Stichting tot Steun en de diaconie. Ze vertelt ze dat iedereen dakloos kan worden. “Een enkele tegenslag als een echtscheiding of faillissement kan er voor zorgen dat alles fout gaat.”

“Of woningbouwverenigingen die je eruit willen gooien”, roept iemand die in de zaal zit. Sommigen mompelen instemmend.

“Of een verslaving!” roept een ander. Er moeten er een paar lachen.

“Je wordt er zo moe van”, gaat de eerste onderbreker verder. Hij heeft grijs haar, draagt een pluizige trui en twee sjaals. “Je sjokt achter mensen aan die worden betaald om je zogenaamd te helpen.”

Ineens rolt er een man op rollerskates langzaam langs het zittende publiek. Hij heeft een gitaar op zijn rug, een vormeloze hoed op zijn hoofd en skistok in zijn hand. “Ik ben al zes keer onderuit gedonderd.”

De man heet Rob Bril en hij is 52. Hij heeft net twee weken in de Bijlmerbajes gezeten. De kosten daarvoor zijn van zijn uitkering afgetrokken. Hij zat daar omdat hij op een openbare plek had geslapen. Hij zegt dat degenen die hem daar stopten een “boetebusiness” leiden.

De Groot maakt haar toespraak af. Van der Laan neemt de sprekersplek onder de kroonluchter in nemen. Hij vertelt dat hij vroeger als advocaat daklozen bijstond. “Ik vind het een eer om lid van de daklozenbond te zijn.” Ook hij wordt onderbroken door Rob Bril, die steeds harder gaat praten: “Ik had een prachtige cel hoor!”. Van der Laan maant Bril tot stilte door te zeggen dat dit een toespraak is en het debat nog moet komen. “Straks gaan we met z’n tweeën een sigaretje roken en dan praten we verder.”

Het debat dat volgt, bestaat grotendeels uit vragen en suggesties voor Van der Laan. Mark Räkers van de stichting Eropaf! stelt voor om sluitende afspraken te maken over wanneer woningcorporaties melden dat ze mensen uit hun huizen gaan zetten. “Nu kunnen woningcorporaties zelf kiezen of ze dat melden of niet.” Applaus volgt. Räkers biedt aan om zijn plan te komen toelichten. Van der Laan zegt dat hij “nieuwsgierig” is en verwijst Räkers door naar locoburgemeester Freek Ossel. Het is de tweede doorverwijzing. Dat VVD-wethouder Erik van den Burg “met een sociaal oog” naar een probleem ging kijken werd eerder lacherig in de zaal herhaald.

Een volgende spreker in de zaal, die wel een huis heeft, zegt dat hij een boete had staan voor liften en dat hij nu het risico loopt om uit huis gezet te worden omdat hij die boete niet kan betalen. De burgemeester stelt voor een fonds op te richten voor dergelijke problemen. Weer reageert Mark Räkers: “twee jaar geleden was er al een pilot-project begonnen om dit soort boetes te bevriezen. In plaats van een fonds op te richten zou er veel beter aan gedaan worden om dat plan door te zetten.”

Een laatste spreker krijgt de kans wat te zeggen: “Ervaring leert dat de praktijk meestal anders is dan het beleid. Er worden vrijheden genomen in de uitvoering die niet genomen zouden moeten worden. Dat moet beter gecontroleerd worden.” Daar wordt mee ingestemd en het debat wordt beëindigd. Van der Laan loopt naar buiten, door de motregen, de auto in. De sigaret met Rob Bril wordt niet gerookt.

Eberhard van der Laan - Foto: Alexander Leeuw

Eberhard van der Laan - Foto: Alexander Leeuw

Enhanced by Zemanta [1]

pixelstats trackingpixel

(G)een centje pijn: D66-fractievoorzitter Jan Paternotte

Posted By Kick Hommes On januari 27, 2012 @ 16:54 In Algemeen, Interview, Stad | No Comments

NAP maakt een rondgang langs de Amsterdamse fractievoorzitters. Vandaag: Jan Paternotte (27), sinds oktober 2011 fractievoorzitter van D66 en daarnaast masterstudent Europees Recht.

AMSTERDAM, 27 januari – Barre tijden in de Stopera. Amsterdam moest al ruim tweehonderd miljoen besparen, maar het was niet genoeg. In maart stemt de gemeenteraad over een extra bezuinigingspakket van honderdvijftig miljoen. Waar valt nog wat te halen? Wat kiest het college? Waarvoor strijdt de oppositie?

Waarop kan wat D66 betreft nog bezuinigd worden in Amsterdam?
Jan Paternotte: “De Rode Loper moeten we versoberen. Dat is een project voor het opknappen van de straat tussen Centraal Station en het Weteringcircuit, waar dertig miljoen heen gaat. De gemeente moet het gebied wel opknappen tot een mooie boulevard met bankjes en bomen, maar niet met heel dure materialen en grote frutsels die mensen niet in eerste instantie op zullen vallen. En er staan allemaal fonteintjes ingepland langs de route.”

Jan Paternotte. Foto: Jean-Pierre Jans

Jan Paternotte. Foto: Jean-Pierre Jans

Moet er worden bezuinigd op de Olympische ambitie?
“Natuurlijk. Ik denk dat we in Nederland taken moeten verdelen. Toen Amsterdam in 2010 de Giro d’Italia organiseerde had Rotterdam de Tour de France, waar toch wat meer mensen naar kijken. Rotterdam is de stad die zich profileert als sportstad, Amsterdam als cultuurstad. Dat is op zich een heel goede verdeling. Het probleem is dat Amsterdam nu meer geld uitgeeft aan de Olympische ambitie dan het Rijk nu doet. En als Nederland er niet achter staat, is de kans zeer klein dat de Olympische Spelen naar ons land komen.”

Dat geld is ook bedoeld voor ontwikkeling van sport in Amsterdam.
“Ja, dat is de draai die wethouder Van der Burg (sport, VVD) probeert te maken. Er gaat nu anderhalf miljoen naar de verbouwing van het Olympisch Stadion om dat klaar te maken voor het EK atletiek in 2016. En in 2016 gaan er in het kader van het ‘breedtesportprogramma’ heel veel jongeren in de VIP-lounge zitten kijken naar sport. Dat is eigenlijk helemaal niet zo goed want dat doen ze natuurlijk met popcorn. Ik geloof niet dat er minder jongeren zouden gaan sporten als wij het EK atletiek niet zouden organiseren.”

Wat vindt u van de bezuinigingen die de gemeente het afgelopen jaar heeft doorgevoerd?
“De gemeente bezuinigt op kunst en cultuur, een sector die juist geld oplevert. De cultuursector levert jaarlijks 500 miljoen euro welvaartswinst voor Amsterdam op. En misschien wordt op musea niet zo veel bezuinigd, maar wel op het grote aanbod van theaters, het Concertgebouw, het Nationaal Ballet, de Opera. Die bezuinigingen gaan uiteindelijk ten koste van de positie van Amsterdam als hoogwaardige cultuurstad.
“Veel andere landen stoppen juist in deze tijd van crisis meer geld in kunst en cultuur. Engeland is een goed voorbeeld, dat heeft de kunstbegroting opgevoerd als enige van alle begrotingen, omdat kunst en cultuur een goed promotiemiddel zijn.”

Amsterdam bezuinigt acht miljoen extra op de grote cultuurinstellingen.
“Ja, dat is erg. Het is vooral erg dat vorige week burgemeester Van der Laan zei dat Amsterdam vanuit het rijk een ‘grimmige wind’ voelt, maar dat Amsterdam tegelijkertijd net zo hard bezuinigt. Naar verhouding bezuinigt het Rijk met zeventig miljoen euro bezuinigingen maar ietsje meer dan Amsterdam. Wie is er dan grimmig bezig?”

Achter welke bezuinigingen die het college heeft doorgevoerd staat D66 wel?
“Wij staan volledig achter de bezuinigingen op personeel en organisatie. Alleen de gemeente slaagt er niet in om die door te voeren.”

Waarom niet?
“Dat is niet helemaal duidelijk, maar in 2011 hoefde de gemeente slechts 14 miljoen euro te bezuinigen op het eigen personeel. In september 2011 was daarvan nul gerealiseerd, nul miljoen. De VVD was in hun campagne voor het snijden in eigen vlees, maar wethouder Van der Burg (Personeel en Organisatie, VVD) zei in november in Metro nog dat hij er alles aan zou doen om niemand te ontslaan. Oftewel: de tegenstelling tussen de campagne en wat hij doet als wethouder, is gigantisch.
“Het probleem is misschien dat hij niet mag van zijn collegepartners, maar daarom zit het personeelsbeleid helemaal vast. De PvdA is natuurlijk bang om maatregelen te nemen die de SP asociaal zal noemen, zoals mensen ontslaan.”

Kan D66 invloed uitoefenen op voorstellen van het college?
“Ja, af en toe. Maar over het algemeen houden de collegepartijen elkaar in een soort houdgreep.
“Wat Amsterdam trouwens wel goed doet, is investeren in het basisonderwijs. Daar wordt niet op bezuinigd. Dat is ook heel verstandig, maar misschien zou er zelfs meer geld naartoe moeten. De Amsterdamse arbeidsmarkt is namelijk verdeeld in twee delen. Er is veel vraag naar hoogopgeleiden en weinig vraag naar laagopgeleiden, omdat er weinig productiearbeid is. Dat kan opgelost worden met meer beroepsopleidingen voor de onderkant van de arbeidsmarkt. Er is al een Schiphol College, maar zoiets willen wij voor meer sectoren. Horeca is daarvan een goed voorbeeld. De haven ook, er is geen Haven College bijvoorbeeld. De gemeente investeert daar niet in.”

Er was tot januari een Haven College, maar dat is dichtgegaan, omdat er geen vraag naar was vanuit het bedrijfsleven.
“Omdat er geen vraag naar was vanuit de haven? Serieus?” Paternotte pakt zijn iPhone en maakt een notitie. “Dat ga ik eens even met mijn woordvoerder bespreken.”

pixelstats trackingpixel

Article printed from Nieuw Amsterdams Peil: http://napnieuws.nl

URL to article: http://napnieuws.nl/2012/01/27/geen-centje-pijn-d66-fractievoorzitter-jan-paternotte/

URLs in this post:

[1] Image: http://www.zemanta.com/

[2] berichtte : http://napnieuws.nl../2012/01/25/%E2%80%9Cexplosieve-groei%E2%80%9D-aantal-artistieke-zzp%E2%80%99ers/

Copyright © 2009 Nieuw Amsterdams Peil. All rights reserved.