Demeester: “Minder regels, en fata morgana’s loslaten”

Ann Demeester opent het debat over kunst en cultuuAMSTERDAM, NETHERLANDS - AUGUST 19:  Zack Neil...r in Amsterdam.

 Amsterdam – “Ik hoop dat er in de toekomst minder regels zijn. Dat er daardoor meer ruimte is voor spontane initiatieven op het gebied van kunst. Voor onverwachte dingen op onverwachte plekken.” Ann Demeester (1975) is sinds 2006 directeur van het Amsterdamse kunstcentrum de Appel.

De Vlaamse letterkundige is daarnaast door wethouder Carolien Gehrels (PvdA) aangesteld als kwartiermaker Kunst en Stedelijke ontwikkeling. In die functie moet zij het debat aanscherpen over de rol van kunst bij het uitbreiden van de stad en het revitaliseren van buurten.

“Amsterdam wil graag een creatieve stad zijn, maar de randvoorwaarden zijn niet goed”, zegt Demeester. “Initiatieven bloeden dood omdat je in een soort administratieve mallemolen komt en langs allerlei verschillende loketten moet om iets te realiseren.”

Samen met coördinator Samga Nguyen en stedelijk strateeg Kai van Hasselt inventariseerde Demeester in de tweede helft van 2009 de stand van zaken op het gebied van kunst en cultuur. Dit deden ze door gesprekken te voeren met zo’n vijftig sleutelpersonen, zoals directeuren van woningcorporaties, stadsdeelvoorzitters en planologen.

Het eerste advies dat ze de stad willen geven is het transparanter maken van de regelgeving. Er moet één loket komen waar mensen die iets met kunst willen doen terecht kunnen met vragen over benodigde vergunningen.

Ook moeten bestuurders anticiperen op de gevolgen van de nieuwe antikraakwet. “Die zal een grote impact hebben op kunst en cultuur in Amsterdam,” zegt Demeester. “Als kraken illegaal wordt, komen de broedplaatsen voor kunstenaars die de gemeente vaak tijdelijk realiseert, onder druk te staan.”

Bij leegstand zijn bedrijven niet meer gedwongen om een gebouw een tijdelijke functie te geven en daardoor is er minder ruimte voor kunst. Demeester: “Het onderhandelingstraject moet nu al worden ingezet, en er moeten keiharde afspraken worden gemaakt met corporaties.”

Culturele bouwstop
Het ontbreekt Amsterdam niet aan ideeën, maar veel daarvan komen maar niet van de grond. Eén daarvan is het Designmuseum aan de Zuidas.

Hoewel het daar volgens haar goed zou passen, is Demeester niet voor de komst van het museum. Zij wil een ‘culturele bouwstop’ afkondigen. Uit de gesprekken die zij en haar collega’s voerden kwam naar voren dat “we vooral trots moeten zijn op wat er nu is, en niet continu moeten dromen over fata morgana’s die nooit worden gerealiseerd. Dat kost alleen maar geld en energie. Houd vast aan de plannen die vastliggen en voer die uit. Je moet niet als een kind bij Sinterklaas steeds een ander cadeau uit willen pakken.”

Ook bekritiseert Demeester de verdeeldheid van het beleid over de verschillende stadsdelen. “Noord wil graag het nieuwe centrum zijn, maar de Zuidas ook. Dat kan niet in zo’n kleine stad. We zijn Londen niet. We hebben geen twintig boroughs nodig om dingen mogelijk te maken.”

Het advies van de onderzoekers is om alles wat belangrijk is voor de stad als geheel, zoals het Rijksmuseum en de Hallen, op centraal niveau aan te sturen. “Stadsdelen kijken vaak vooral naar wat lokaal belangrijk is. Dat zet een rem op stedelijke ontwikkeling.”

Wethouder Carolien Gehrels reageert nog niet op de knelpunten die Demeester en haar collega’s naar boven brengen. Tijdens de ‘S7Summit’ aanstaande maandag zal zij een inhoudelijke reactie geven. Uit de discussie komen wellicht punten naar voren die de gemeenteraad zal oppakken, aldus een woordvoerder.

Toekomstbeeld
Alle Amsterdamse huishoudens krijgen vanaf vandaag zeven plattegronden in de bus van de stadsdelen zoals die er vanaf 1 mei uit zullen zien. Op deze kaarten staat op drie niveaus aangeduid wat er aan kunst en cultuur te vinden is, wat er binnenkort open zal gaan en de “fata morgana’s”, projecten die zijn gelanceerd maar niet gerealiseerd of gelukt.

Op 1 februari vindt de ‘S7Summit’ plaats in conferentiecentrum de Bazel, een paneldiscussie waarin bestuurders wordt gevraagd hun mening te geven over bovenstaande conclusies.

Demeester realiseert zich dat het vanaf de zijlijn gemakkelijk praten is. Zichzelf en haar collega’s dicht ze een signalerende en stimulerende functie toe. “We geven aan wat er fout gaat en hoe het beter kan, maar kunnen er niet voor zorgen dat die weg effectief gevolgd wordt. Het moet door politici worden opgepakt.”

Reblog this post [with Zemanta]