Column: De ‘dag van de ‘Lightrail’

Foto: charatersntoons.com, www.flickr.com
Foto: charatersntoons.com, www.flickr.com

De zon komt op, een nieuwe dag breekt aan. En dat is altijd wel de dag van iets. Of iemand. De NAP-redactie kiest iedere aflevering ‘de dag van…’ uit en laat hier haar eigenzinnige licht over schijnen.

Ik ben een fervent treinreiziger. Niet zomaar van elke willekeurige trein, maar van die paarse trein met spitse neus die je – als het meezit – in drie uur en zestien minuten van Amsterdam naar hartje Parijs rijdt. De Thalys. In mijn topjaar ging ik zo’n tien keer op en neer met deze trein. Met deze Hoge Snelheidslijn (HSL) heb je geen last van de check-in, files of bagage-overgewicht. Just sit back, relax and enjoy the ride.

Het interieur van de paarse trein werd ruim een jaar geleden volledig vernieuwd. De versleten rode stoelen (volgens de Thalysnieuwsbrief: collector items) werden aan de liefhebber geveild en vervangen door gloednieuwe roze stoelen. De eveneens roze ganglampjes, het wifi-netwerk en de geïntegreerde stekkerdozen aan het voeteneind maken het reiscomfort af. Kortom: of je nu wilt shoppen, moet werken in Antwerpen, Brussel of Parijs of deze column moet tikken, met de Thalys zit je helemaal gebakken.

Gelijktijdig met de metamorfose van de Thalys kwam een nieuw stuk spoor in gebruik in Nederland. Om de HS in HSL waar te maken. De trein stopt niet langer in Den Haag, maar snijdt vanaf Hoofddorp een stuk af, direct naar Rotterdam. Winst: een half uur. Kosten: 6,7 miljard euro, betaald door de Rijksoverheid.

De trein gaat in Nederland met 160 kilometer per uur niet zo snel als in België of Frankrijk waar de trein bijna twee keer zo hard mag. Maar een reistijd van ‘drie uur en nog wat’ klinkt altijd nog beter dan ‘bijna vier uur’.

De Thalysdirectie zag de schone stoelen, stekkerdozen, betaalde wifi en het half uur winst als aanleiding om de prijzen maar eens op te schroeven. Het roze reisplezier moet natuurlijk ook ergens van betaald worden. Voorheen kon ik een retourtje kopen voor vijftig euro. Nu kan ik, als ik heel veel geluk heb, voor zeventig euro heen en weer. Dan moet ik wel drie maanden vantevoren reserveren en doordeweeks reizen, want de weekenden zitten altijd vol. Van deze kaarten is slechts een gelimiteerd aantal beschikbaar, dus op = op. Je reisjes goed plannen en zoveel mogelijk apparaten opladen in de trein, zou de optimist zeggen. Maar dat ben ik niet. Ik schrok van deze prijsverhoging van veertig procent.

Toegegeven, zeventig euro voor een retourtje naar de stad van mijn liefde valt nog altijd mee. Ware het niet dat het een crime is om aan deze kaarten te komen. Meestal betaal ik daarom het normale begintarief van ongeveer vijftig euro voor een enkeltje. Dat maakt reizen naar Parijs geen goedkope hobby. Daarnaast heeft het vernieuwde spoor last van ‘kinderziektes’ en is de Thalys vaak ook vertraagd om andere, vage redenen die niets met kinderen te maken hebben. ‘Drie uur en nog wat’ wordt dan vaak alsnog ‘bijna vier uur’ of ‘vier uur en nog wat’.

Toch blijft het treinreizen veel aangenamer en milieuvriendelijker dan de auto of het vliegtuig. De veel te dure kopjes koffie, krijsende – daar zijn ze weer – kinderen en vertragingen daargelaten. Dat is de reden dat in Nederland en het buitenland ook steeds vaker in en tussen steden de lightrail rijdt. Het is een beetje het kleine, stadse broertje van de HSL. De lightrail is namelijk sneller dan een tram, en lichter en goedkoper dan een trein. Met de trein reizen is daarom misschien niet goedkoper of meer ontspannen, maar wel groener, duurzamer en efficiënter. En dat zeg ik niet alleen omdat het vandaag ‘Dag van de Lightrail’ is. Heus niet.