‘Ik noem Boeddha gewoon chef’

Boeddha met een hanenkam. Doodnormale zaak in het tegendraadse boeddhisme van Frank Uyttebroeck. Zijn van oorsprong Amerikaanse stroming heeft nu ook in Nederland aanhangers. “Boeddha was zelf ook een rebel.”
Frank Uyttebroeck
Frank Uyttebroeck

Boeddha heilig? “Absoluut niet.” Wedergeboorte? “Hell no.” Dalai Lama? “Gewoon een herkenbare kop.” Frank Uyttebroeck (51) grijnst. Zijn grijze t-shirt spant om zijn afgetrainde schouders. Met zijn rode all stars gympen en spijkerbroek ziet hij er niet uit als de doorsnee boeddhist. Alhoewel, zijn hoofd is kaalgeschoren. Maar zelfs dat is “puur om cosmetische redenen” stelt hij snel.

Toch is Uyttebroeck serieus bezig met de leer van Boeddha. Als aanhanger van een geheel nieuwe stroom binnen het Boeddhisme probeert hij in Nederland de woorden van Boeddha voor iedereen toegankelijk te maken. Zonder rituelen, zonder bijgeloof. Het spreekt mensen aan die zelf ook worstelen met de vraag hoe ze het boeddhisme kunnen inpassen in hun westerse leven. In januari startte hij een meditatiegroep in Rotterdam, volgende maand begint een groep in Amsterdam. “Er blijven mails binnenstromen van mensen die me vragen om ook in hun stad komen.”

Twintig jaar geleden was Belgische Uyttebroeck nog een ander mens. “Ik was onhebbelijk, arrogant, koud en vervelend.” Hij had in die tijd een redelijke bekendheid als bassist en componist in Nederland. “Ik had een imago, en dat moest ik volhouden van mezelf.” Rond zijn twintigste verhuisde hij naar Rotterdam om aan het conservatorium muziek te studeren en aan zijn carrière als jazzmuzikant te werken. Tien jaar later kreeg hij voor het eerst een boek over de Dalai Lama te lezen. “Een bandlid had het voor de grap gekocht, ik las het ook maar gewoon uit verveling.” Het sloeg aan. “Ik dacht die vogel, de Boeddha, zegt precies wat ik denk en voel én heeft de kloten om het te zeggen.”

Hij werd fanatiek. Bloedfanatiek. “Ik leerde teksten uit mijn hoofd, oefende mezelf in bepaalde types meditatie.” Hij verdiepte zich in de dharma, de leer van Boeddha, en volgde retraites. “Ik snapte bij veel van de meditaties en rituelen niet eens wat het precies betekende, waarom in het moest doen. Maar ik wilde graag van imago wisselen. Van jazzmusicus naar orthodox Tibetaanse Boeddhist.”

Fout

“Een klassieke fout”, besefte hij toen hij Noah Levine ontmoette, de charismatische leider van ‘de Budda Punk beweging’ en volgens LA Times een van de meest invloedrijke boeddhistische leraren in Amerika op dit moment. “Ik woonde een retraite van hem bij, en dacht, dit is het. Zo moet het.” Met zijn tatoeages, punkkleding en criminele verleden brengt Levine de boodschap dat boeddhisme niets te maken heeft met religieuze gebruiken en culturele ladingen. Boeddha’s letterlijke woorden vormen de kern van de stroming. Uyttebroeck: “Levine is wars van gezag en structuur, wil alleen de puurheid en zuiverheid van de Boeddha’s woorden in de wereld van nu brengen. Niet al de versieringen en rituelen die bijvoorbeeld de Chinezen en Tibetanen eraan toegevoegd hebben.” En dan, met een glans in zijn ogen: “Een volkomen rebel.”

De stroming valt niet helemaal los te zien van de drie hoofdstromingen in het boeddhisme. Na Boeddha’s dood, ergens rond 500 voor Christus, waaierde een groep volgelingen van Boeddha uit naar Sri Lanka, Tibet en China. Daaruit zijn drie stromingen ontstaan, elk met eigen cultuur en rituelen. Het ‘American buddhism’ van Levine is pas begonnen in 2008 en lijkt nog het meest op de stroming vanuit Sri Lanka, de Theravada. Dat richt zich op persoonlijke verlichting, in tegenstelling tot het meer altruïstische Zenboeddhisme in China. Inmiddels zijn er meer dan 20 meditatiegroepen in Amerika. Ze noemen zichzelf ‘Against the Stream’. Uyttebroeck: “De naam is niet gekozen om eigenwijs te willen zijn, maar omdat de Boeddha zijn eigen leer “patisotagami” noemde, letterlijk vertaald “tegen de stroom in”. Tégen hebzucht, tegen haat, tegen egocentrische neigingen en gewoontes.

In Nederland zijn volgens de BOS, de boeddhistische omroep, ruim 170.000 boeddhisten, verenigd in 70 boeddhistische organisaties. Uyttebroeck, die regelmatig naar Amerika vliegt om lessen bij Levine te nemen, is de eerste die déze stroming nu naar Europa brengt. “Wij noemen ons hier Tegen de Stroom In. Of Europees Boeddhisme. Maar misschien moeten we nog een betere naam verzinnen.”

Geen zieltjes winnen

De aanhang is nog niet zo groot als in Amerika, maar voor een nieuwe beweging is er veel belangstelling voor. “De groep in Rotterdam bestaat uit zo’n 35 mensen, in Amsterdam en Utrecht verwacht ik ook zo’n aantal.” Moeite om meer zieltjes te winnen doet hij niet. “Ik heb niks met evangeliseren, je zult me nooit met foldertjes op een jaarmarkt zien staan. Zo deed de Boeddha het ook niet. Je beleeft boeddhisme met je mond dicht en praat er alleen over wanneer het je gevraagd wordt”.

De aantrekkingskracht ligt volgens Uyttebroeck onder andere in de simpliciteit. “We plaatsen boeddhisme in het hier en nu. We leren geen teksten in talen waar we niets van snappen , ontdoen het boeddhisme juist van heiligheid. Ik woon niet in China of Tibet. Ik ben gewoon een Belgische pummel.” Hij noemt Boeddha ook wel Sid, als afkorting van Siddharta, zijn naam. “Of gewoon chef.”

“Boeddha had zich een deuk gelachen als hij sommige boeddhisten beelden ziet vereren. Veel boeddhisten hebben zoiets van: Ik heb gehoord wat de Boeddha zei en nu maak ik daar mijn eigen verhaal van. Ik vind dat niet verkeerd, wel onverstandig. De motivatie is vaak hun ego, ze willen hun eigen ding doen en blijven daarin volharden.”

Het draait bij Tegen de Stroom In om de interpretatie van de woorden van Boeddha, de dharma. Uyttebroeck maakt een onderscheid tussen Boeddhist zijn, of de dharma volgen. “Ik doe dat laatste, ik wil de Boeddha’s woorden volgen.”

Asperger

Zo leert Uyttebroeck omgaan met de wereld. “Ik heb geleerd te accepteren dat er nou eenmaal lijden is. Shit happens. De vraag is: wat doe je er vervolgens mee?” Hij mediteert en oefent zich in vriendelijkheid en mededogen. “Daarin ben ik redelijk ver. Omdat je je eigen geest transformeert, heb je een positief effect op de buitenwereld. Ik denk als een boeddhist, dat merken mensen. Toch blijven er dingen waar ik tegen aan blijf botsen. Vaak mijn ego. Een shot egoïne noem ik dat, ik moet erop blijven letten.”

Vijf weken geleden ontdekte hij dat hij het syndroom van Asperger – hoogfunctioneel autisme – heeft. “Dat verhelderde veel. Ondanks mijn goede wil, bleef ik soms nog ongeduldig of snel geïrriteerd. Het leek alsof ik maar tegen dezelfde dingen zat aan te schoppen.” Dankzij de dharma en meditatie kan hij daarmee omgaan. “Ik blijf mijn hele leven waarschijnlijk last van sommige eigenschappen hebben, maar accepteer nu dat ik er niets aan kan doen.”

Hanenkam

Uiteindelijk streeft ook Uyttebroeck naar verlichting. “Wij passen bij stromingen binnen het boeddhisme die ook zo dicht mogelijk bij de woorden van de Boeddha willen blijven. Al zouden die de Boeddha niet zo snel met een hanenkam op een website zetten, zoals wij hebben gedaan. Of geassocieerd worden met punk.” De meditatieavonden van Tegen de Stroom In zien er wel weer traditioneler uit. Drie kwartier meditatieoefeningen, daarna een korte bespreking over een onderwerp. “Ik hou dan een kort praatje over de dharma en daarna gaan we over doorpraten. Zo nodig stuur ik bij als ik denk dat mensen iets in de dharma over het hoofd zien.”

Met zo’n houding verwacht je kritiek. Hij lacht. “Wantrouwen, dat wel. Ik krijg vaak van andere boeddhisten te horen: je moet niet tegen de stroom in gaan. Je moet met de stroom méé. Maar Boeddha was zelf juist ook rebel. Na even nadenken: “Weet je waar dat het best uit blijkt? Hij, de Boeddha, durfde in die tijd de mogelijkheid open te houden dat wedergeboorte misschien niet bestaat. Dat was waanzinnig gedurfd in die tijd, je moet echt kloten hebben om zoiets te zeggen.” Hij leunt triomfantelijk naar achter. “Daarin hoorde ik de rebel.”