‘Een flauwe grap? Is dat flauw als in flauw eten?’

Steeds meer expats komen naar Nederland en kiezen er bewust voor om Nederlands te leren. Maar dan wel op een avondschool, want overdag kunnen ze niet.

“Er is vandaag een journalist bij ons die jullie mogelijk wat vragen gaan stellen, maar jullie mogen hem niet in het Engels antwoord geven.” Taaldocent Jan Hop (35) zet aan het begin van de les met een grote glimlach gelijk de toon. “Wie kan mij een aantal gevoelens in het Nederlands vertellen?”

Rondom de langwerpige tafel in het kleine lokaal zitten acht studenten klaar voor hun wekelijkse Nederlandse les. Eigenlijk kun je ze moeilijk studenten noemen. De Roemeense Florin (27) zit strak in het pak. Zijn manchetknopen glinsteren in het licht terwijl hij druk met Hop mee pent. Overdag werkt hij voor de Royal Bank of Scotland, maar onder de klanten en collega’s met wie hij werkt zitten veel Nederlanders. “Ik had de taal veel eerder moeten leren”, zegt hij, langzaam formulerend.” Ik woon hier nu al negen jaar. Maar ik werk de hele dag, dus ik heb nauwelijks tijd.”

Expats volgen Nederlandse les (Foto: Sam de Voogt)
Expats volgen Nederlandse les (Foto: Sam de Voogt)

Steeds meer expats
Hop werkt voor UvA Talen, het zelfstandige taleninstituut van de Universiteit van Amsterdam. Het instituut verzorgt vooral ‘s avonds taalles in het Nederlands, Frans, Spaans en Engels voor expats, hoogopgeleide mensen die voor hun werk langdurig in het buitenland verblijven.

Het aantal expats in Amsterdam lijkt toe te nemen, zegt Sietske van Tuin, maar precieze cijfers heeft ze niet. Van Tuin is woordvoerder van het Expatcenter, dat is opgericht door een samenwerkingsverband van de gemeentes Amsterdam, Amstelveen, Haarlemmermeer, Almere en de Immigratie en Naturalisatie Dienst (IND). Het Expatcenter is gevestigd aan de Zuidas en wordt elk jaar drukker bezocht. Van Tuin: “Een verklaring zou kunnen zijn dat het aantal buitenlandse bedrijven in onze regio toe blijft nemen.” In 2012 kwamen er 126 nieuwe buitenlandse bedrijven bij in Amsterdam. Een woordvoerder van de Dienst Onderzoek en Statistiek noemt de crisis als een verklaring. “Hoogopgeleide mensen uit Zuid-Europa komen hiernaartoe voor een baan. En sinds de grenzen zijn opengesteld komen ook steeds meer Oost-Europeanen deze kant op.”

Proactief
Tachtig procent van de Nederlanders spreekt volgens onderzoek van de Europese Commissie Engels. Toch is de kennis van het Nederlands belangrijker dan het lijkt, zegt Albert Both (43). Hij is oprichter van taalschool Talencoach. “Nederlanders doen alsof hun taal niet belangrijk is, maar dat is het wel, zeker bij het solliciteren naar een baan.”

Both vindt het normaal dat buitenlanders de taal willen leren. “Het is een normale wens om de mensen in je nabije omgeving te kunnen verstaan.” Maar hij geeft toe dat het lastig is. “De moeilijkste stap is om als buitenlander een proactieve houding aan te nemen. Nederlanders zijn trots op hun kennis van de Engelse taal, en onbewust willen ze dat laten zien door Engels tegen je te praten.”

Hamid is hard op zoek naar Nederlandse woorden (Foto: Sam de Voogt)
Hamid is hard op zoek naar Nederlandse woorden (Foto: Sam de Voogt)

Hamid Temraoui (35) werkt als commercieel medewerker voor een Marokkaanse bank. Zelf komt hij ook uit Marokko. “Voor mijn functie is Nederlands belangrijk”, zegt hij. Continue kijkt hij op zijn telefoon, waarmee hij fanatiek de Nederlandse woorden die Hop aan hem voorlegt opzoekt met behulp van Google Translate.

Bruggetjes
De meeste leerlingen in de les van Hop zitten nu op het niveau halfgevorderden 1, een van de vijf niveau’s van het staatsexamen Nederlands als tweede taal (NT2). Dat betekent dat ze al zo’n vijftig uur Nederlandse les hebben gehad. Die kennis wordt goed toegepast. Als Hop ‘geraakt worden’ opschrijft op het bord, reageert de blonde Faeröerder Annika (27) razendsnel. “Heeft dat dezelfde betekenis als: ‘I don’t care? Het raakt me niet?’”

Steeds weer leggen de leerlingen met hun hoge opleiding bruggetjes met kennis die ze al hebben opgedaan. Dat kan ook leiden tot verwarring, blijkt even later als Hop probeert uit te leggen wat een flauwe grap is. “Net zoiets als flauw eten?” probeert de Tsjechische Sara (23). Hop valt even stil, en schakelt dan uit noodzaak over naar het Engels: “It’s like a corny joke.”

Als de les bijna ten einde loopt komt een typisch Nederlandse bezigheid ter sprake. In het boek staat de vraag: ‘Wat is belangrijk bij het schaatsen?’. De bedoeling is dat er een antwoord wordt geformuleerd met het woord ‘houding’, maar tot groot vermaak van de klas geeft Sara snel en onbewust een betere repliek: “IJs!”.