‘De islam is als een supermarkt. Je kunt erin vinden wat je zoekt’

Michael Kemper
Michael Kemper

De Nederlandse politiek onderzoekt of salafistische organisaties verboden kunnen worden, maar zijn het wel zulke gevaarlijke clubs? Professor Michael Kemper weet het zo net nog niet. “Salafisten staan niet per definitie afwijzend tegenover de Nederlandse democratie.”

Salafistische imams weten de pers steeds beter te vinden. “Ik wil geen kalifaat oprichten”, zei Suhayb Salam van AlFitrah uit Utrecht vorige week in NRC. In hetzelfde weekend zei Jalal El Farissi van de stichting Dawah dat salafistische predikers jongeren met extremistische gedachten niet aansporen, maar juist weerhouden van aansluiting bij groepen als IS. Mahmoud El Shershaby gaat vandaag tegen NAP Nieuws nog een stapje verder: “Radicalisering heeft niets te maken met het islamitische geloof”, volgens de imam van het Amsterdamse El Tawheed.

Intussen onderzoekt de Tweede Kamer of een verbod op salafistische organisaties mogelijk is, omdat ze bezorgd is over de orthodoxe islamitische stroming. Jongeren zouden onder hun invloed kunnen radicaliseren en zelfs naar Syrië vertrekken om mee te doen aan de jihad, de strijd voor het islamitisch kalifaat. Wat is de aard van het salafisme? Is het een “kweekvijver van jihadisme”, zoals Tweede-Kamerlid Ahmed Marcouch (PvdA) bij het indienen van de motie tot het onderzoek zei?

“De islam is als een supermarkt. Je kunt erin vinden wat je zoekt”, zegt Michael Kemper, professor Oost-Europese studies aan de UvA. Hij houdt zich bezig met de islam in met name de Kaukasus. Daar speelt jihadisme ook een belangrijke rol. Van een salafistische kweekvijver wil hij niet spreken. “Dat is een retorische term, die suggereert dat er iemand is die kweekt en beheert. Je kunt het ook omdraaien. In de vijver zijn genoeg imams die niets met geweld te maken willen hebben, er juist vanaf willen.”

Handen afhakken
In de interviews vertellen de salafistische imams los van elkaar dat ze vredelievend zijn en alleen streven naar vroomheid en rechtvaardigheid. In de islam is geweld verboden, zei imam Shershaby zelfs. Klopt dat met de uitgangspunten van het salafisme? Volgens Kemper niet. “Geweld is in het islamitisch recht verankerd. Dan heb je het over straffen met een zweep of volgens sommigen het afhakken van handen.” De uitspraak dat geweld in de islam verboden is komt wel uit de Koran, uit een soera die zegt dat er ‘geen dwang is in religieuze zaken’, maar één soera betekent volgens hem nog niet dat het islamitische geloof als geheel al het geweld afwijst.

“In de Soenna heb je honderdduizend berichten van hoe bijvoorbeeld een gebed moet en die spreken elkaar ook tegen. Daarin moet geselecteerd worden, ook door salafisten.” Vanwege die selectie wil Kemper ook niet spreken van het salafisme als geheel: de ene salafist is de andere niet.

Wat betreft geweld in de salafistische islam verwijst Kemper naar de historische ontwikkeling van de islam. In Mekka (tot 622) waren Mohammed en zijn volgelingen in de minderheid en moesten ze onderhandelen om te overleven, terwijl ze na 622 in Medina juist vochten voor de herovering van Mekka. Salafisten kunnen putten uit beide periodes om hun argumenten kracht bij te zetten.

Red tapes
In Nederland hoeven we niet overdreven bang te zijn voor het toepassen van de geweldadige Medinaanse school. “Historisch is het gebruik van geweld in de islam heel pragmatisch geweest: er moet uitzicht zijn op een zege.” Die is er in Nederland niet, waardoor Kemper geneigd is om te geloven dat de salafistische imams in Nederland niet uit zijn op het stichten van een islamitische staat.

Een imam als Suhayb Salam van AlFitrah kan best salafist zijn en tegelijkertijd het democratisch gezag erkennen. Dat is niet onislamitisch: “Er zijn vele pogingen in het samenbrengen van de islam en democratie. Er zijn voor salafisten alleen een paar red tapes, zoals het handen schudden van vrouwen, maar het is ook weer niet zo veel dat ze de hele Nederlandse samenleving afwijzen.”

Zijn de zorgen van de Tweede Kamer over het salafisme in Nederland dan overtrokken? Zo ver wil Kemper ook weer niet gaan. Dat salafisme in de Nederlandse rechtsstaat past betekent niet dat er in de moskeeën geen radicalisering plaatsvindt. Het tegengaan van radicalisering is daarom wel degelijk een taak van de moskeeën, al vindt imam Shershaby van niet. Kemper: “Ik denk dat ze er goed aan zouden doen om melding te doen van radicalisering en in te praten op de mensen om wie het gaat. Om te voorkomen dat het gebeurt, maar ook om te voorkomen dat ze het imago krijgen dat ze meewerken aan radicalisering.”
—————————————————————————————————————-
Wat is salafisme?
Het salafisme is een fundamentele stroming binnen de islam. Dat betekent niet dat ze per definitie radicaal zijn: ze willen terug naar wat ze zien als de fundamenten van het geloof. Salafisten baseren zich daarbij alleen op het het woord van Allah in de Koran en het leven van Mohammed zoals in de Soenna staat. De dertien eeuwen van studie en interpretatie door schriftgeleerden verwerpen ze, in tegenstelling tot bijvoorbeeld soennitische moslims. Ook binnen het salafisme zijn er grote verschillen in gewoontes en gebruiken. De gemeenschappelijke deler is het toepassen van de manier van leven van Mohammed in het heden.