‘Katten met aids vang ik vooral in arme wijken’

Ook katten kunnen aids hebben. Jans Stroeve werkt bij de Stichting Amsterdamse Zwerfkatten en vangt katten die besmet zijn met de ziekte.

“Dat zijn plekken waar we sinds 2010 katten met aids vingen.” Jans Stroeve (44), kattenvanger en medewerker van Stichting Amsterdamse Zwerfkatten (SAZ) wijst naar een kaart aan de muur in het kantoor van de stichting. De kaart van Amsterdam is versierd met zo’n zestig blauwe prikkers.

De plekken waar Stroeve sinds 2010 katten met aids ving (Foto: Charlotte Waaijers)
De plekken waar Stroeve sinds 2010 katten met aids ving (Foto: Charlotte Waaijers)
De opgevangen katten bij de SAZ zijn geen schootpoezen. Een enkeling laat zich rustig aaien, de rest schiet weg als er mensen aan komen. Sommigen zijn gehavend van het vechten en hebben opgezwollen kopjes. Allemaal zijn ze na binnenkomst onderzocht door een dierenarts, gecastreerd of gesteriliseerd, ontwormd en ontvlooid. Gezonde wilde katten zet Stroeve terug op straat. De katten die met aids besmet blijken, laat de dierenarts inslapen.

De afgelopen vier jaar brachten de kattenvangers respectievelijk 947, 1028, 1214 en 1384 katten bij de stichting binnen. “Door de crisis zijn er steeds meer mensen die hun kat niet kunnen betalen en op straat zetten”, vertelt Stroeve. “Veel dierenasielen hanteren een wachttijd van drie maanden voordat een kat er terecht kan. Bovendien moeten mensen als ze hun dier afstaan nog enkele tientjes plaatsingsgeld betalen. Daardoor wordt de drempel om een kat naar het asiel te brengen voor sommigen te hoog en zetten ze hem op straat.”

Stroeve vertelt dat ze steeds meer katten met aids vangt. “Tien jaar geleden ontdekten we de eerste gevallen. Sindsdien vinden we er steeds meer. Van de 1384 katten die de stichting afgelopen jaar ving, bleken er 24 na testen besmet te zijn met het aidsvirus. Dat is twee keer zoveel als het jaar ervoor. Dit jaar hebben we al acht katten met aids gevangen en het is nog maar februari.” Waardoor de ziekte ooit begonnen is, blijft volgens haar onbekend.

Stichting Amsterdamse Zwerfkatten

Het merendeel van de meldingen die bij de SAZ binnenkomen, is van zwerfkatten in woonwijken en grote binnentuinen. Daar veroorzaken ze veel overlast, omdat ze krijsen als ze krols zijn of vechten. Ook de stank van kattenpis zorgt voor klachten. Om deze problemen op een diervriendelijke manier te bestrijden, richtten dierenbeschermingsorganisaties en de gemeente Amsterdam in 1994 de SAZ op. De organisatie telt drie vaste medewerkers en tientallen vrijwilligers.

Vooral in Diemen, Westpoort, Noord en Bos en Lommer vangt de SAZ katten die met aids zijn besmet. “Meestal in de armere wijken: wie minder geld heeft laat zijn kat minder snel castreren en gooit hem sneller op straat”, licht Stroeve toe. Omdat zwerfkatten zich tot één leefgebied beperken, kan de plek waarop een kat met aids gevangen wordt een aanwijzing zijn voor meer besmette katten.

Alleen de katten die uit een gebied in Amsterdam komen waar eerder katten met aids zijn gevonden, en de zogenoemde vechtkatten worden gericht op aids onderzocht. Vechtkatten zijn niet gecastreerd en hebben daarom nog hormonen die tot territoriumdrift en vechtgedrag aanzetten. Stroeve: “Als er een kat met vechtwonden binnenkomt, weten we dat de kans groter is dat hij aids heeft en zullen we hem testen. Het is simpelweg te duur om alle katten hiervoor te onderzoeken. Wij krijgen korting bij de dierenarts. Daarom kost een aidstest ons twintig euro, een kwart van de normale prijs. De kans dat een gecastreerde tamme kater aids heeft is heel klein. Hij vecht niet en heeft geen seks.”

Jans Stroeve is medewerker en kattenvanger bij Stichting Amsterdamse Zwerfkatten (Foto: Charlotte Waaijers)
Jans Stroeve is medewerker en kattenvanger bij Stichting Amsterdamse Zwerfkatten (Foto: Charlotte Waaijers)
Mensen kunnen niet besmet raken met kattenaids. Wel verspreidt de ziekte zich bij katten net zoals bij mensen tijdens seks of bij bloedcontact. Ook via de moederkoek bij het baren wordt aids doorgegeven. Ze vertonen dan symptomen als wit tandvlees, witte oogleden en vermagering. Katten kunnen drager zijn van het virus, zonder ziek te worden. In principe kunnen besmette katten dus oud worden met het virus. Maar nadat ze door de SAZ gevangen zijn, neemt de kans dat de ziekte zich uit toe. “Het vangen is heel stressvol voor een kat, en stress verlaagt de weerstand”, vertelt Stroeve.

Het heeft volgens Stroeve geen zin om wilde katten die aids hebben met medicijnen te behandelen. “Medicatie moet blijvend worden toegediend en is onbetaalbaar. Hoe duur precies weet ik niet, omdat wij aids niet behandelen. Als zieke katten weer op straat lopen, kun je ze gewoon geen medicijn meer toedienen. Dan gaan ze langzaam dood.” Zonder behandeling duurt het enkele weken voordat een kat die ziek is van het virus sterft.