Vorige week werd bekendgemaakt dat het Bijlmer Parktheater een nieuw gebouw krijgt. NAP Nieuws spreekt Jeffrey Spalburg – comedian en MC van comedyshow FATU – over zijn tijd in het theater.
Hij zit er al, bij het raam aan het water. Omringd door een kop koffie, een opengeslagen Zuidoost-krant en de rijk-beplante foyer van het Bijlmer Parktheater. Voor Jeffrey Spalburg is deze plek als een tweede thuis.
Vorige week maakte de gemeente Amsterdam bekend dat er 27,5 miljoen euro wordt vrijgemaakt voor een nieuwe locatie van het enige theater in Zuidoost. Het nieuws betekent los van heel veel goeds, ook het gevoelsmatige einde van een tijdperk. In het theater in het Nelson Mandelapark, met de houten gevel, hebben talloze theater-, dans- en comedymakers hun eerste schreden in het creatieve werkveld gezet.
Foto: Biko van Deijck
FATU
Spalburg – geboren en getogen in Hengelo(-o-o) – maakte het allemaal mee. Toen hij twintig jaar geleden in Amsterdam Zuidoost ging wonen, werd hij benaderd door toenmalig programmeur Maureen Healy. Die vroeg hem of hij iets regelmatigs wilde organiseren in de Bijlmer – iets met comedy. Zo werd in 2006 de inmiddels langstlopende comedyshow van Nederland geboren: FATU.
De eerste drie jaar huisde FATU in het Krater Theater, onder in de flat Hofgeest die je door het raam van het Bijlmer Parktheater kunt zien liggen. Naar achteren wijzend: ‘Daar pasten honderd mensen in, maar dan was het wel helemaal stámpesvol’, memoreert Spalburg, die de comedyshows vanaf het begin al presenteert.
Toen in 2009 het Bijlmer Parktheater openging, was de vraag aan Spalburg of hij de hele boel mee wilde verhuizen naar de gloednieuwe theaterzaal met de kenmerkende oranje stoelen. ‘Ik wilde wel door, maar ik dacht: waarschijnlijk kunnen we de sfeer die we daar hebben nooit één op één hiernaartoe verhuizen. Het Krater Theater was klein en bedompt, de lach zat echt goed in de zaal. Maar de eerste keer dat we FATU in het Bijlmer Parktheater deden, in 2009, was het net alsof we dáar stonden. Toen zijn we maar gewoon doorgegaan.’
Nu zijn we zestien jaar verder en barst ook het Bijlmer Parktheater uit haar voegen. ‘Zuidoost is bijna verdubbeld qua inwonersaantal, en er is nog steeds maar één theater met 162 stoelen’, zegt Spalburg. ‘Het is heel erg positief dat de politiek nu ook inziet dat er meer ruimte nodig is.’
Voor shows van FATU worden er al zijtribunes bijgeplaatst die de capaciteit van de zaal naar 220 brengen. Haar twintigste jubileum, aankomende april, viert FATU bovendien in een uitverkocht Carré. Wat verklaart dat enorme succes?
‘FATU betekent niet voor niets ‘grap’ (in het Surinaams, red.), en óók het hebben van een goede tijd’, vertelt Spalburg. ‘Wij houden gewoon van lachen, het zit verankerd in de cultuur. Dat is ook het grote verschil met andere comedyshows.’
Nieuwe talenten
Door de jaren heen heeft FATU talloze bekende namen op het podium gehad. Denk aan Najib Amhali, Theo Maassen, Dolf Jansen en Ronald Goedemondt. ‘Dolf Jansen moest hier een keer optreden, maar die was te laat omdat hij een marathon had. Op een gegeven moment werd er op de achterdeur geklopt. Toen hebben we het gordijn weggetrokken en stond hij opeens midden in de zaal. Dat was natuurlijk een gouden opkomst.’
Maar los van de doorgewinterde comedians, biedt Spalburg ook een podium aan jonge comedytalenten. Voorbeelden van comedians die Spalburg door de jaren heen heeft begeleid zijn Lucinda Sedoc, Levenda Telesford en Daveson Ignatia. ‘Dat zijn allemaal mensen die nu bijna elke week op het podium staan, dus daar ben ik heel erg trots op.’
Het begeleiden van comedytalenten is iets dat Spalburg wil uitbreiden, omdat hij ziet dat er veel vraag naar is. ‘Wij zijn als FATU daarom ook op zoek naar onze eigen ruimte. We willen onze eigen comedyclub oprichten in Amsterdam Zuidoost.’
Spalburg hoopt dat FATU tegen de tijd van de verhuizing van het Bijlmer Parktheater een eigen locatie heeft. Maar of dat gaat lukken, blijft de vraag. ‘Kijk, als je achttien bent, ga je uit huis. Maar we zijn nu twintig en er is woningnood, dus we blijven nog wel éven thuis wonen.’
