Het voetbalelftal van Senegal versloeg een week geleden Marokko in de zinderende finale van de Afrika Cup. Drie Amsterdammers met een Senegalese achtergrond vertellen NAP Nieuws over hoe zij de finale hebben beleefd en wat de winst voor ze betekent.
Het was een Afrika Cup-finale vol hoogte- en dieptepunten, vorige week zondag in de Marokkaanse hoofdstad Rabat. Voor hoe Marokkaanse Nederlanders die wedstrijd beleefden, was in Nederlandse media veel aandacht. Er zijn echter ook ruim tweeduizend Nederlanders met Senegalese roots. Ongeveer 450 van hen wonen in Amsterdam. Drie Senegalees-Nederlandse Amsterdammers vertellen NAP Nieuws over hun finaleavond en wat Senegals winst voor ze betekent.
Mbaye Ndiaye (40), coördinator afvalinzameling bij de gemeente

‘Samen met vrienden heb ik de enige kijkavond voor de Senegalese community in Nederland opgezet. We dachten dat er veertig man zou komen, uiteindelijk waren we met meer dan tweehonderd. Daarvan kenden we de helft niet eens. Het was een grote kans om weer nieuwe mensen naar onze community te brengen.
De laatste minuten van de wedstrijd waren heel bijzonder en heftig voor mij, voor ons, voor heel Afrika.
De scheidsrechter gaf toen een controversiële penalty aan Marokko. De Senegalese ploeg verliet eerst uit protest het veld, maar kwam uiteindelijk terug. De Marokkaanse spits Brahim miste vervolgens de penalty. Pas in de verlenging maakte Senegal het winnende doelpunt. Ik dacht: weer. Weer Afrika. Weer corruptie. Weer niet eerlijk. Ja, ik schaamde me als Afrikaan. In onze zaal waren mensen echt boos. Vijftien minuten lang stond iedereen, niemand zat. En schreeuwen. Ik heb nog nooit zo’n moment gezien van Senegalezen. Wij staan bekend als lieve, lachende, werkende, vriendelijke mensen. Maar toen zag ik: oh kijk, wij kunnen ook boos zijn!
Na zondag moest ik gewoon even vrij hebben. Toen ik weer terugkwam op kantoor, kwam iedereen naar me toe om me te feliciteren, ook Marokkaanse collega’s. ‘Dat Senegal van het veld af liep was niet oké’, zeiden zij ook. Dat is sport, hè. Als je verliest, ga je excuses zoeken. Maar het blijven collega’s, vrienden, broeders.’
Anna N’doye (28), werkt in een kinderopvang

‘De kijkavond was eigenlijk de eerste keer dat ik in contact kwam met meerdere Nederlandse Senegalezen. Jonge mensen, heel veel ‘dubbel bloed’, dus Nederlands én Senegalees zoals ikzelf. Daardoor kreeg ik het idee: oh ja, ik hoor hierbij. Toen die penalty werd gemist, hebben we geknuffeld, geschreeuwd, gedanst. Om iedereen zo happy te zien, dat was zo mooi.
Toch heb ik ook een dubbel gevoel. Het was een heftige wedstrijd. Er is veel haat op Instagram en TikTok. Dat het niet eerlijk is gespeeld, of AI-beelden van Senegalezen die voodoo, zwarte magie dus, gebruiken om de wedstrijd te winnen. Over voodoo kreeg ik daarna zelfs vragen op mijn werk. We durfden ook niet na afloop toeterend met de auto of met vlaggetjes de straat op. Ik heb mijn sjaaltje maar netjes weer in mijn tasje gedaan.
Normaal houd ik niet per se van voetbal, maar met de Afrika Cup heb ik echt iets, al sinds ik klein ben. De Afrika Cup betekent ook heel veel voor Senegal, omdat de mensen zo van voetbal houden. En, denk ik, omdat Afrikanen kansen krijgen in de Afrika Cup. Senegalezen zien dan: dat is een Afrikaans persoon die heel goed voetbalt. En ik zie het nu op tv!’
Moussa N’diaye (35), theatermaker en danser

‘Deze Afrika Cup was extra bijzonder, omdat het de laatste was van [aanvoerder, red.] Sadio Mané. Hij is onze superhero. Hij is heel rijk, maar houdt niet van private jets en heeft geen heel groot huis. Mensen moeten naar hem kijken om te zien hoe je met rijkdom om kunt gaan. Sadio moest na de overwinning in 2017 gewoon een tweede cup hebben. Het moest zo zijn.
Ik woon bijna dertien jaar in Nederland, en het is altijd moeilijk om de Senegalezen hier samen te brengen. Ze werken hard. Discipline, in huis blijven. Maar bij de finale was het gewoon één keer succesvol. Dit is het begin om meer samen te komen. Ik ben echt trots op mijn community. Het hele continent Afrika heeft gewonnen zondag. Alle Afrikaanse landen zien Senegal nu als rolmodel. Ik wil daar nu gewoon heen om het te vieren met de mensen, man.’
