Zeventig miljard dollar op negentig vierkante meter

3167491292_0292a6b3b2Aan de Amsterdamse Herengracht staat het hoofdkantoor van een van de grootste spelers op de internationale oliemarkt: Gunvor. De helpende hand van de Russische premier Poetin zou de sleutel zijn van het succes. Onzin, zegt Gunvor. Een portret.

AMSTERDAM, 13 feb. – Naar het schaarse interieur te oordelen zou je niet zeggen dat zich op Herengracht 498 het hoofdkantoor van ’s werelds op twee na grootste oliehandelaar bevindt – een ruimte van hooguit negentig vierkante meter met een paar bureaus, kamerplanten en een vergadertafel. Twee werknemers telt het op 12 juli 2007 opgerichte Gunvor International B.V. volgens gegevens van de Kamer van Koophandel. Zij beheren het officiële hoofdkwartier van een multinational met een verwachte omzet van 70 miljard dollar in 2008.

Gunvor groeide binnen vijf jaar uit tot een wereldspeler op de oliemarkt en is momenteel na Glencore en Vitol de grootste oliehandelaar ter wereld. Het stormachtige succes van de onderneming werd afgelopen jaar door The Financial Times en The Economist toegeschreven aan politieke connecties in het Kremlin. Topman Gennady Timchenko zou goed bevriend zijn met Poetin en daardoor tegen stuntprijzen olie kunnen kopen van de Russische staatsbedrijven Rosneft en Gaspromneft. De Financial Times suggereerde ook dat Poetin in het geheim mede-eigenaar van Gunvor zou zijn. Daarnaast zou de opmars van Gunvor samenhangen met de ondergang van het oliebedrijf Yukos van Poetins vijand Michail Chodorkovski, die momenteel een celstraf uitzit wegens belastingontduiking.

Gunvor ontkent de beschuldigingen met klem. In een reactie laat Gunvor weten dat het opereert op ‘een volledig competitieve markt’ en dat zakenpartners het bedrijf kennen als een ‘goed georganiseerde en betrouwbare partner’. Van de vermeende vriendschap tussen Poetin en Timchenko is geen sprake, aldus Gunvor. Alle aandelen zijn in handen van Timchenko, Tornqvist (tevens de Zweedse consul in Genève) en een Sint-Peterburgse zakenman wiens identiteit onbekend is. Tegen The Economist is vorig jaar een klacht ingediend die nog onder behandeling is bij de rechtbank.

De eigendomsconstructie van Gunvor is – net als bij concurrenten Glencore en Vitol – onduidelijk. De enige aandeelhouder van de Amsterdamse vestiging is Gunvor Cyprus Holding Limited, dat volgens de Financial Times op zijn beurt weer in handen zou zijn van de holding EIS Clearwater Advisors Corp op de Britse Maagdeneilanden. Een holding is een vennootschap dat aandelen houdt in één of meerdere andere vennootschappen, maar verder zelf geen activiteiten heeft. In wiens handen de aandelen van EIS Clearwater Advisors Corp zijn, is niet te achterhalen in  openbare registers van de Maagdeneilanden.

Volgens De Nederlandse Bank is Gunvor International B.V. een Bijzondere Financiële Instelling (BFI). Dit betreft in Nederland gevestigde dochters van buitenlandse bedrijven die gebruikt worden voor het doorsluizen van kapitaal. Omdat het moederbedrijf zich in het buitenland bevindt betalen BFI’s in Nederland weinig belasting. Aan de tweeduizend miljard euro van BFI’s die jaarlijks door Nederland stroomt, houdt de Nederlandse economie zo’n 1,5 miljard euro over.

Managing director Dirk Jonker van Gunvor International B.V. – een van de twee werknemers van de Amsterdamse vestiging – wil niet beantwoorden waarom het bedrijf juist in Amsterdam zijn hoofdkwartier heeft opgetrokken. Hij verwijst persvragen door naar het Londense kantoor van Weber Shandwick, een van de grootste pr-bureaus ter wereld. Via Weber Shandwick laat een Gunvor-woordvoerder weten dat het bedrijf zijn hoofdkantoor in Nederland heeft omdat Nederland met Rotterdam en Amsterdam een belangrijk knooppunt is voor de oliehandel. ‘Gunvor heeft opslag- en verkoopactiviteiten in Rotterdam en mengt benzine te Amsterdam.’ Een hoofdkantoor in Amsterdam is dan ook ‘niet meer dan natuurlijk’.