Zijn er genoeg verschillende supermarkten in Amsterdam?

Bijna de helft van alle Amsterdamse supermarkten is een Albert Heijn. De grootste concurrent, Dirk, heeft nog niet eens 1/5e van het totaal aantal winkels. Hoe kan dat en is het erg?

Vrijdagmiddag, lunchtijd. In de onlangs verbouwde Albert Heijn (AH) aan de Wibautstraat lopen wat studenten rond met broodjes en flessen sap. Enkele ouderen duwen rustig een winkelwagentje voor zich uit. Erg druk is het niet in de ruim opgezette winkel. Toch komt aan de overkant van de straat nóg een grote Albert Heijn. Op nog geen 200 meter wordt het nieuwe woon-winkelblok ‘O1’ gebouwd, met onderin een supermarkt.

Hoe kan het dat er straks twee winkels van dezelfde keten op zo’n korte afstand van elkaar gevestigd zijn?

Albert Heijn is verreweg de grootste supermarktketen in Amsterdam. De keten heeft nu 89 winkels in de stad, plus nog een aantal in aanbouw. Dat is veel meer dan de veertien winkels van concurrent Jumbo, de landelijke nummer twee. Dirk, de Amsterdamse tweede, heeft maar zestien winkels. In stadsdeel Centrum is zelfs tweederde van de winkels een Albert Heijn, de overige negen supermarkten zijn verdeeld over vijf verschillende ketens.

Albert Heijn is zo groot in de stad omdat de keten eerder dan concurrenten inzag dat er in de stad geld te verdienen valt, analyseert Aart Jan van Buren van Bureau Stedelijke Planning, een onderzoeks- en adviesbureau dat werkt voor overheden en bedrijven. ‘Het is lastiger een supermarkt in de stad te houden dan in een woonwijk. Je hebt hogere kosten voor huur, logistiek en beveiliging. Andere winkels zijn twintig, dertig jaar geleden de stad uitgetrokken en zagen pas later dat daar veel groei is. Dirk had dertig jaar geleden bijvoorbeeld veel winkels in en rond de binnenstad, die zijn toen gesloten door de hoge kosten. Nu zie je dat ze terugkeren.’ Tegenover NAP Nieuws bevestigt Dirk te willen groeien in Amsterdam.

Concurrentie

Is het wel een eerlijke concurrentiestrijd, dat er steeds meer Albert Heijns bij komen? De Autoriteit Consument en Markt (ACM) zegt geen zeggenschap te hebben over waar supermarkten zich vestigen. De ACM controleert alleen of er geen te hoge concentratie van bedrijven komt waardoor er geen concurrentie meer mogelijk is. En dat is volgens een woordvoerder niet het geval in Amsterdam. ‘Juist in de supermarktwereld is een intensieve concurrentie op prijs gaande, wat als teken kan worden gezien dat de markt werkt.’

[aesop_quote type=”pull” background=”#282828″ text=”#ffffff” width=”30%” align=”right” size=”2″ quote=”De gemeente heeft geen invloed op welke winkel zich ergens vestigt” parallax=”off” direction=”left” revealfx=”inplace”]

Volgens Jessie Vols, omgevingsmanager van de Eerste Oosterparkstraat waar O1 wordt gebouwd, heeft de gemeente geen invloed op de winkel die zich in het pand vestigt. Als een winkelruimte als bestemmingsplan ‘detailhandel’ heeft, mag de eigenaar de ruimte aan elke vorm van detailhandel verhuren of verkopen. Een gemeentewoordvoerder vult aan dat de stad wel regels heeft over de spreiding van supermarkten over de stad, maar niet per winkelketen.’

Volgens onderzoeker Van Buren is het niet heel gek dat er twee supermarkten zo dicht bij elkaar zitten. ‘Supermarkten zoeken elkaar op. Er is veel bevolkingsgroei in de stad en al die mensen moeten gevoed worden.’ Wel vindt hij het ‘iets vreemder’ dat er twee AH-filialen zo dichtbij elkaar zitten.

Een woordvoerder van woningbouwcorporatie Stadgenoot, de opdrachtgever van O1, laat weten dat in 2008 al met Ahold is afgesproken dat het een supermarkt in het complex mocht openen. Het moederbedrijf van Albert Heijn bezat al een deel van het gebouw dat gesloopt moest worden. Van Buren vult aan dat de winkel in O1 al gepland was toen de supermarkt aan de Wibautstraat nog een C1000 was.

Behoeften van de buurt

Normaal gesproken werkt het volgens Stadgenoot anders. Als de corporatie nieuwe winkelruimte creëert komen er vanzelf snel winkelketens op af. ‘We hoeven er weinig ruchtbaarheid aan te geven’, vertelt de zegsman. De verhuurder kijkt vervolgens naar de behoeften van de buurt. Stadgenoot bezit vooral panden in de armere delen van de stad. ‘Albert Heijn is duur, een Lidl of Dirk is vaak voor huurders een aantrekkelijke optie. We kijken naar de belangen van de buurt, niet naar wat het meeste geld oplevert.’

Gegevens van de gemeentelijke dienst Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) bevestigen dit. Hoewel Albert Heijn in de hele stad goed is vertegenwoordigd, heeft het bedrijf met name in het dure centrum een monopolie. In de gebieden daaromheen zijn vaker goedkopere supermarkten als Dirk en Vomar te vinden.


Bekijk hier waar welke supermarkten zich in Amsterdam bevinden

De supermarkten in stadsdeel Centrum zijn bijna allemaal van Albert Heijn of van een duurdere keten als Marqt of EkoPlaza.

De data voor deze kaart is afkomstig van Onderzoek, Informatie en Statistiek van de Gemeente Amsterdam en is enige tijd terug samengesteld. Nieuwe supermarkten staan er mogelijk niet op. Mist u een winkel? Laat het ons weten.


Is het nou erg dat in bepaalde wijken alleen winkels van één bepaalde keten zijn te vinden? Volgens Pieter Tordoir, hoogleraar economische geografie aan de Universiteit van Amsterdam, heeft een supermarkt een monopolypositie als het de enige keten in de buurt is. ‘Bewoners met weinig mobiliteit zijn dan op die winkel aangewezen.’

De komst van duurdere winkels valt volgens hem te zien in het licht van gentrificatie, een proces waarbij armere delen van een stad aantrekkelijker worden gemaakt voor rijkere inwoners. Op den duur kunnen die de oorspronkelijke bewoners dan verdrijven. ‘Retail is daar onderdeel van. Als er duurdere winkels komen, wordt de oorspronkelijke bevolking niet meer bediend.’

 

 

 

Foto: Peter Eijkman via Flickr.