Meer dan een ‘spinazieacademie’: onderzoek herwaardeert huishoudscholen

De Amsterdamsche Huishoudschool opende in 1896 zijn deuren aan het Vondelpark. Hier werden meisjes opgeleid tot professionele huisvrouwen. Huishoudscholen, afkeurend weggezet als ‘spinazieacademies’, werden vaak als onbelangrijk beschouwd. Historisch onderzoek in de stad probeert hier verandering in te brengen.

Met als doel de volksgezondheid te verbeteren, leerden vrouwen op de huishoudschool over de werking van het lichaam, voedingsstoffen en de spijsvertering. Ze kregen lessen in koken, sociale hygiëne, naaien en wassen, maar ook scheikunde, voedingsleer en warenkennis, over hoe voedsel het beste bewaard kon blijven.

Allard Pierson Museum

Historica Marit de Wit (26), Louise O. Fresco research fellow van het Allard Pierson Museum, doet onderzoek naar de Collectie Voedingsgeschiedenis. De handgeschreven kookboeken in de collectie staan vol met aantekeningen bij de huishoudlessen en uitgewisselde recepten. Zo geven ze een inkijkje in de levens van de vrouwen die aan huishoudscholen studeerden.

‘Ik ben geïnteresseerd in perspectieven die niet zo vaak naar voren komen in onze geschiedenisboeken, zoals die van vrouwen. De Collectie Voedingsgeschiedenis is echt een schatkamer van kleine fragmentjes van vrouwenlevens. Zo krijg je een beeld wat verder gaat dan strenge huishoudscholen, maar ook van de geleefde ervaring van de leerlingen.’

Aantekeningenboek voor een cursus huishoudkunde Bron: Marit de Wit.

‘’Het schuurt een beetje’

Huishoudscholen gingen uit van een traditionele rolverdeling: de mannen werken buitenshuis, de vrouwen zorgen voor het gezin. Om te zorgen dat de man genoeg energie had voor de arbeid, zorgde de vrouw voor een maaltijd met genoeg voedingsstoffen, die ook nog eens niet teveel geld kostte.

‘Het schuurt een beetje, en dat vind ik interessant aan de huishoudschool. Aan de ene kant is het heel gendernormatief: de plek voor de vrouw is de keuken in het huis. Aan de andere kant zegt het: de vrouw heeft een professionele rol te vervullen. Huishoudelijk arbeid is professioneel en wordt gelijkgesteld aan betaalde arbeid.’

‘Het idee dat vrouwen ook een beroep hebben begint zo te bestaan, maar dan nog wel binnen die kaders van de rol van de vrouw. En dat zie je dan ook later terug, in de jaren zestig, als er stevige kritiek komt op de huishoudscholen. Vrouwen willen meer worden dan alleen huisvrouw.’

Publieksgeschiedenis

Hoewel de Amsterdamsche Huishoudschool pas in 1983 de deuren sloot, is hier bij de meeste jongeren weinig over bekend. Lisa Haushofer en Laura van Hasselt, docenten bij de master publieksgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam, gingen daarom met studenten aan de slag om de geschiedenis van de huishoudscholen tastbaar te maken voor middelbare scholieren. Ze creëerden, op basis van gesprekken met oud-leerlingen en bronnen uit het Stadsarchief Amsterdam, een themasite.

‘We merkten bij oud-leerlingen soms dat er schaamte was om op een huishoudschool gezeten te hebben, maar ook dat ze blij waren dat er eindelijk iemand geïnteresseerd was in hun ervaring. Als je bedenkt hoeveel mensen op een huishoudschool hebben gezeten, dan verdient het echt een ander perspectief. Hun ervaring werd tot nu toe te veel als onbelangrijk gezien’, vertelt Haushofer.

Diversiteit van ervaringen

Ook zij ontwikkelde een nieuwe blik op de scholen. ‘Het verraste me dat de scholen een plaats waren voor vrouwelijke vriendschappen en sociale netwerken. Ik denk dat ik, zoals waarschijnlijk veel mensen, het idee had dat de huishoudscholen hele strikte plekken waren, maar er was een rijk sociaal leven met allerlei activiteiten.’

‘We hebben snel een soort karikatuur in ons hoofd die we graag belachelijk maken, van de strenge huisvrouw die lerares is op de huishoudschool. Ik denk dat we vrouwen in dat soort rollen hebben gedwongen, omdat er maar heel weinig acceptabele sociale rollen zijn die vrouwen in het verleden konden vervullen. Door ruimte te maken voor de diversiteit aan ervaringen van de vrouw, kunnen we deze gendergerichte manier van kijken naar de geschiedenis overwinnen.’