“Patiëntenstop transgenders was machtsmiddel”

Vorig jaar konden nieuwe transgenderpatiënten vijf maanden lang niet meer terecht in de Nederlandse ziekenhuizen. In mei 2014 werden afspraken gemaakt om het financieringsprobleem op te lossen. Hoe staat het nu met de transgenderzorg?

(Foto: Tatyana Kazakova)
(Foto: Tatyana Kazakova)
Op 18 december 2013 sloot het VU medisch centrum (VUmc) zijn deuren voor transgenders vanwege financiële problemen. Alleen de mensen die al op de wachtlijst stonden, zouden nog worden behandeld. Ook de academische ziekenhuizen in Leiden (LUMC) en Groningen (UMCG) sloten de wachtlijsten vanwege de plotselinge toestroom. Transgenders konden nergens meer terecht.

Zonder plafond
Het VUmc kon de transgenderzorg niet meer betalen vanwege een sterke stijging in het aantal patiënten: in 2010 meldden 150 mensen zich aan, in 2012 waren dat er al 400 en in 2013 600. De wachttijd bedroeg uiteindelijk anderhalf jaar. Het VUmc, dat 85 procent van de transgenderzorg in Nederland biedt, eiste structureel 10 miljoen euro per jaar extra van de zorgverzekeraars, bovenop de al beloofde 4,5 miljoen.

Eind mei 2014 bereikten de partijen overeenstemming. Zorgverzekeraars beloofden niet alleen meer geld, maar zouden voortaan alle zorgkosten van iedere binnenkomende patiënt betalen. “Zonder plafond. Dat had ik niet verwacht”, zegt jeugdpsychiater en bestuurslid Kennis en Zorgcentrum Genderdysforie van het VUmc Annelou de Vries. “Zorgverzekeraars maken gewoonlijk jaarlijkse budgetafspraken. Een genderbehandeltraject kan zes jaar duren, dus deze afspraken zijn erg uitzonderlijk.”

Psychische stoornissen
De patiëntenstop was reden voor de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) om de marktpositie van het VUmc te onderzoeken. “De patiëntenstop was een machtsmiddel”, geeft De Vries toe. “We lieten zien dat we een reëel probleem hadden, zonder acuut mensen te duperen.” Gedurende de patiëntenstop meldden zich 250 mensen tevergeefs aan. “Nieuwe patiënten hadden we toch niet kunnen helpen. Toen we na vijf maanden weer open gingen, nodigden we de laatste mensen op de wachtlijst uit.”

“De gevolgen voor Nederlandse transgenders waren zeer ernstig”, zegt Herman Groen, bestuurslid van genderpatiëntenorganisatie Transvisie. “Wanneer transgenders zich aanmelden, is de nood zeer hoog. Zij hebben al jaren, zo niet decennia, over de keuze nagedacht. Het is geen acute hartoperatie, maar onbehandelde genderproblematiek kan psychische stoornissen als depressies en zelfs zelfmoordneigingen in de hand werken.”

E-health
De NZa concludeerde in december dat het VUmc zijn macht niet had misbruikt, maar transgenderzorg in het vervolg wel meer moest spreiden door zijn expertise te delen met het LUMC en UMCG. “We delen nu behandelprotocollen en organiseren beleidsdagen”, aldus De Vries. “Ziekenhuisbesturen moeten vervolgens zelf met verzekeraars onderhandelen voor een uitbreiding.”

“Sinds vorig jaar hebben we onze intakecapaciteit verdubbeld”, laat LUMC-woordvoerder Niels Pols weten. Het LUMC behandelt alleen patiënten tot 18 jaar en opereert niet. Het UMCG behandelt alleen volwassenen (vanaf 18 jaar) en doet geen geslachtsaanpassende operaties van vrouw naar man. Beide ziekenhuizen geven aan uit te willen breiden, maar hoe is nog onduidelijk.

Het VUmc heeft uitgebreid. “We hebben meer psychologen aangesteld”, zegt De Vries. “We denken ook na over groepsconsulten en e-health, zorg op internet dus. Daarnaast huren we al operatiekamers in Ziekenhuis Amstelland. Zo streven we naar een wachttijd van zes tot twaalf weken voor volwassenen.” Nu is dat 22 weken. Herman Groen van Transvisie is tevreden. “De doorstroming is beter en de capaciteit is uitgebreid.”

Hij is een Zij
“We moeten nog wel hard werken”, waarschuwt De Vries. “De instroom is nu groot, maar de doorstroom naar opvolgende fases moet ook soepel verlopen. Het duurt even voordat genoeg mensen zijn opgeleid. Bij een plotselinge stijging in de aanmeldingen, moeten we weer aanpassen.”

Ondanks de vijf maanden patiëntenstop meldden zich bij het VUmc in 2014 evenveel mensen aan als in 2013: vierhonderd volwassenen en tweehonderd jongeren. Ook Herman Groen van Transvisie verwacht geen stijging in 2015. “Programma’s als Hij is een Zij hebben eventuele drempels weggenomen.” VUmc gebruikt een onderzoek uit 2012 dat het aantal transgenders met behandelwensen op circa 40.000 personen schat. De stap tot behandeling is dus nog groot.