Dit is het beste gedicht van 2018

AMSTERDAM – Dichteres Meity Völke (38) uit Roermond is de winnaar van de tiende editie van de Turing Gedichtenwedstrijd, het grootste poëzieconcours van Nederland. Woensdagavond ontving zij in de Rode Hoed de hoofdprijs van tienduizend euro voor haar gedicht ‘Onder Water’.

Völke ontving met name lof over de verschillende interpretatiemogelijkheden van haar poëzie. ‘Een intrigerend gedicht van sterke beelden met een prachtige tendens door de regelmaat van telkens vijf regels’, aldus de juryvoorzitter Tsead Bruinja.

De feestelijke prijsuitreiking van de Turing Gedichtenwedstrijd vormt jaarlijks de afsluiting van de Poëzieweek in Nederland en Vlaanderen. Iedereen mag zijn of haar gedicht(en) insturen. Bij deze jubileumeditie ontving de organisatie ruim 7.100 gedichten van 2.442 verschillende deelnemers. Een vakkundige jury onder leiding van Bruinja, recent nog benoemd tot Dichter des Vaderlands, beoordeelde de gedichten anoniem.

De tweede prijs van vijfduizend euro werd toegekend aan Truus Roeygens uit het Belgische Mechelen. Willemijn Kranendonk uit Arnhem ging ervandoor met de derde geldprijs van tweeduizend euro.

Amsterdamse dichtkunst
In de top 100 verscheen ook het gedicht ‘Kleine kreeftjes grote dromen’ van Maxime Garcia Diaz (25). De Amsterdamse won zaterdag 2 februari eerder deze week nog het Nederlands Kampioenschap Poetry Slam in Utrecht. Hierbij gaat het naast de inhoud van een gedicht ook om de manier van voordracht.

De jonge dichteres ziet de Turing Gedichtenwedstrijd als een gevestigde maatstaf binnen de Nederlandse poëzie. ‘Deze wedstrijd is echt een weegschaal voor dichttalent. Als je in de top 100 belandt uit al die aanmeldingen, toon je aan dat je daadwerkelijk iets kunt’, zegt Diaz lachend.

Dat de wedstrijd jaarlijks een springplank voor dichters is, beaamt ook Ellen Wilbrink, directeur van de Turing Foundation. ‘Omdat iedereen zijn of haar gedichten anoniem in mag sturen en er dus niet gekeken wordt naar achtergrond en leeftijd, proberen wij poëzie op deze manier uit de ‘ivoren toren’ te halen.’

De gedichten die deze editie in de top 100 verschenen, zijn gepubliceerd in de nieuwe bundel ‘Steeds op reis en altijd thuis’.


Het winnende gedicht:

Onder water
Ik herinner me dat ik geboren ben met handen
van mijn vaderskant en wat daaruit is weggegleden.
‘Hou dat vast,’ zei de man die me twee keer twaalf
minuten had zien huilen als een baby en daar in
rechte lijnen een draai aan wilde geven.

Hij tekende een kubus op het bord. ‘Pas als je
niet meer om je eigen hoek komt kijken is het
plaatje rond, heb ik de kantjes gladgestreken.
‘Wie baart er nu een kreukvrij wezen, dacht ik maar
ik vroeg het niet. Kunnen blote handen naakten kleden?

Verder nooit begrepen dat slakken dakloos kunnen
zijn, dat een pasgeboren zeeschildpad alleen naar
het water kruipt. Misschien snap ik alleen de egel die
bij nood zijn kroost aanvreet maar ook niet helemaal.
Wie snoert de dierenriemen zo strak aan?

Soms voert men jonge muizen aan een zwangere
kat om haar kittens in een emmer te verzuipen.
‘Daarom dus,’ zei de man, ‘geef ik jou een goede kans’
en veegde met een natte vinger een hoekje van de kubus af.
Ik dacht: een pasgeborene kan ademen onder water.

Beeld: Jean Haasbroek