Weespenaren hebben nog weinig met het Amsterdamse: ‘Ze zijn nog arroganter dan wij’

Weesp hoort sinds twee jaar bij de gemeente Amsterdam, maar of de geboren en getogen Weespenaren zich al Amsterdammer voelen? ‘Weesp moet dorps blijven.’

‘Die bakfietsen nemen Weesp over.’

‘Amsterdam wil alleen maar geld zien.’

‘Weesp moet ‘dorps’ blijven.’

Aan de grote houten tafel in café ‘t Helletje, een kroeg gelegen in het centrum van Weesp, moeten ze weinig hebben van het Amsterdamse.

‘Ze zijn arrogant’, zegt Hans (64), armen over elkaar. Na een slok koffie: ‘Nog arroganter dan wij.’ Cafébaas Pieter Kors (57), die tegenover hem zit, schiet in de lach. ‘Ze parkeren hun bakfiets gewoon op de stoep. Daar zouden ze belasting voor moeten betalen. Moet je nog koffie Hans?’

Fusie gemeente Amsterdam

Sinds maart 2022 hoort Weesp bij de gemeente Amsterdam. Maar van een opbloeiende liefde is nog geen sprake, bleek deze week uit onderzoek. Slechts drie van de tien ondervraagden Weespenaren voelt zich betrokken bij Amsterdam. Velen hebben het gevoel dat de Stopera zich weinig aantrekt van hun ‘dorpje’.

‘Het organiseren van evenementen is een stuk lastiger, sinds we bij Amsterdam horen’, zegt Koos (67), die aan tafel bij ’t Helletje een krantje leest. Hij is al vijfenveertig jaar actief bij de plaatselijke roeivereniging. ‘Vroeger betaalde we voor een jaar zevenduizend euro huur voor het clubgebouw. Komende jaren wordt dat vier keer zo veel.’

Cafébaas Pieter Kors toont de geschiedenis van ’t Helletje

Kors heeft het idee dat de regeldruk sinds de fusie is toegenomen. ‘Vroeger als ik een feest wilde organiseren liep ik naar het gemeentehuis en had ik binnen een uurtje een vergunning. Nu ben ik maanden bezig.’

Toegeven, Kors is ook wel blij met de ‘veramsterdamisering’ van Weesp. Het levert hem klandizie op. Afgelopen zomer had hij nog twee jonge Britten aan de bar. ‘Die huurden een Airbnb in Amsterdam, maar hadden de metro gepakt voor een dagje Weesp.’

Ook kapper Wouter van Maarsveen (32) is blij met de verjonging. Het maakt de stad drukker, dynamischer, zegt hij. Het was, acht jaar geleden, de reden voor het openen van zijn zaak. ‘Vroeger was hier helemaal niemand doordeweeks.’

In korte tijd steeg het aantal inwoners in Weesp naar meer dan twintigduizend. Dat had vooral te maken met de nieuwbouw buiten het stadscentrum. Amsterdamse dertigers vonden er een plek om ruimer en gezinsvriendelijker te wonen. Dat het stadsgezicht hiermee verandert, merk je als je een rondje loopt door het centrum. Om de haverklap zoeft er een elektrische bakfiets langs.

Bakfietsen zijn in trek

‘Het is gekkenhuis’, zegt fietsmonteur Mitchell Stokman (20). ‘Bijna elke dag verkopen we er wel eentje aan een jong stel. Parkeren is enorm duur, als je dan boodschappen wil doen met een kind is een bakfiets toch handiger dan een tweede auto.’

Sjoerd Addink (35), dochtertje in zijn bakfiets, woont nu tweeëneenhalf jaar in nieuwbouwwijk Weespersluis. Klassiek verhaal, zegt ‘ie. Er kwam ‘een tweede’. Samen met zijn vriendin zochten ze een ruimere woning dan hun appartementje bij Oostpoort. In Weespersluis leeft er een echt burengevoel, merkt hij. ‘Veel mensen hebben een vergelijkbare situatie als wij: jonge kinderen, werken in Amsterdam, verbouwing, dan kan je elkaar helpen.’ De kinderen, omgeven door leeftijdsgenoten, vinden het heerlijk.

Sjoerd Addink woont nu tweeëneenhalf jaar in Weesp


Addink snapt wel dat geboren Weespenaren de snelle demografische veranderingen lastig vinden. ‘Hier mag je niet fietsen!’, riep een man vanochtend nog naar hem, toen hij over de stoep ging met de bakfiets. Beetje overdreven reactie misschien, ‘maar hij had wel gelijk.’ Hij koos er bewust voor om zijn kinderen in het centrum op school te zetten, in plaats van in een van de nieuwsbouwwijken. ‘Dan komt oud en nieuw-Weesp toch nog een beetje met elkaar in contact.’

Banketbakkerij Wesselman huist al 123 jaar in het centrum. Jacob Wesselman, die de zaak van zijn ouders overnam, merkt dat de stad verjongt. Maar, zegt hij, ‘daar doe je niks aan’. Oude mensen sterven, nieuwe gaan erin. ‘Dat hoort bij een stad.’ Of het nou oud- of nieuw-Weesp is, hij verkoopt zijn Weespermoppen, een lokale specialiteit, met hetzelfde plezier. ‘Hier, wil je er een paar? Kan je die uitdelen in Amsterdam.’

Banketbakker Jacob Wesselman met zijn nog altijd populaire Weespermoppen