De lessen van de Kolenkit

De Kolenkitbuurt in Amsterdam West gold in 2007 als de slechtste wijk van Nederland. Miljoenen werden uitgetrokken en mooie plannen volgden. En toen kwam de crisis. Een portret van een zorgenkind.

De Blauwvoetstraat met rechts Lommerrijk. Foto: Alexander Leeuw

De zachtgele bakstenen zijn fonkelnieuw en de brede stoep vertoont geen gebruikssporen. En ook binnen in het huis van Niels Egberts is het strak vormgegeven kookeiland brandschoon. Zijn balkon kijkt uit op een binnenplaats met keurige perkjes. Een jaar geleden verhuisde de 31-jarige ICT’er naar dit luxueuze appartement in het nieuwe woonblok Lommerrijk in Amsterdam West en hij heeft er geen spijt van. Welkom in de Kolenkitbuurt, vijf jaar geleden nog slechtste wijk van Nederland.

Anno 2012 staan in de Kolenkitbuurt, ingesloten tussen de Ring A10 en het ringspoor, imposante nieuwbouwprojecten pal naast vervallen woonblokken. Tegen het grijze betonlandschap steekt het gele Lommerrijk fel af. En ook het nieuwe zwartrode appartementencomplex Scala staat in sterk contrast met de rest van de bebouwing.

Bij het betreden van de wijk, na het oversteken van de A10, verandert de Bos en Lommerweg van een kleurrijke winkelstraat in een levenloze trambaan waar je zo snel mogelijk overheen wilt razen. In de spaarzame winkels kun je terecht voor niet veel meer dan laminaat, meubels en tabakswaren. Voor een broodje, een cappuccino, een leuk café of een behoorlijke supermarkt moet je terug de ring over.

Het straatbeeld kenmerkt zich door satellietschotels en wasgoed over de balkonnetjes. Bij de sigarenboer hangen vaak groepjes jongeren en verder schuifelen vrouwen met hoofddoeken en boodschappentassen over straat. Nog niet bepaald het beeld van de architectenimpressies, waarop kinderen van allerlei pluimage vrolijk rondrennen over pleinen vol groen.

Architectenimpressie Nannoplein. Uit: Uitwerkingsplan Middengebied Eigen Haard

De stedelijke vernieuwing was rond de eeuwwisseling hoognodig: de krappe arbeidershuisjes, vlak na de oorlog gebouwd, voldeden allang niet meer aan de huidige standaard. Van de ongeveer zevenduizend bewoners was tachtig procent allochtoon, Marokkanen en Turken maakten samen meer dan de helft van de bevolking uit. De armoede was schrijnend. In 2007 was het inkomen per bewoner met 8400 euro het laagst van Amsterdam, ruim vijfduizend euro onder het gemiddelde. Hangjeugd teisterde de buurt en achter de voordeur speelden zich grote sociale problemen af.

Rond de eeuwwisseling sloegen overheid, gemeente, stadsdeel en corporaties de handen ineen om een masterplan te smeden. Naast tal van sociale en culturele initiatieven was het vooral een kwestie van stenen. Instroom van hoger opgeleiden en grootverdieners werd gezien als dé oplossing om de problematiek te verdunnen. Het aandeel sociale huur moest van 95 procent naar 55 procent. En dus werden er luxueuze woningen gebouwd voor welvarende huishoudens; de vraag op de markt was immers groot genoeg.

Bron: O+S

Een mooi plaatje
Niels Egberts heeft nooit het gevoel gehad dat hij in de slechtste wijk van Nederland woonde. Vanaf 2005 woonde hij in de Akbarstraat, waar hij goed contact had met zijn buren. Vorig jaar verhuisde hij naar nieuwbouwproject Lommerrijk op de Blauwvoetstraat. Hij had een van de velen moeten zijn, maar dat viel tegen. De eerste maanden was het wat stil, want buren had hij nauwelijks. En dat de woning bijna een kwart in waarde daalde is ook niet leuk. Maar je leert hier omgaan met teleurstellingen.

Egberts denkt dat de corporaties de markt verkeerd hebben ingeschat. “Stel je woont met je gezinnetje in Hoofddorp, dan ga je niet voor 350.000 euro in de Kolenkitbuurt wonen. Dat begrijp ik best. Iedereen die hier is komen wonen, kwam al uit Amsterdam.” En dus staan ook onder zijn blok de parkeergarages leeg. Net als een deel van de huizen. Dat woningcorporatie Rochdale is gaan bouwen terwijl er nauwelijks kopers waren betreurt Egberts. “Rochdale heeft gegokt en verloren. Een jaar lang woonden we met z’n drieën aan deze binnenplaats. Dan mis je toch de sociale controle.”

Zelf is Egberts erg tevreden met zijn woning, maar hij spreekt ook over andere buren die zich gevangen voelen. Binnen een jaar zijn sommige woningen, onder meer door prijsstunts van Rochdale, 70.000 euro minder waard geworden. “Als je gaat scheiden, of een baan aangeboden krijgt in Maastricht, kun je niet weg.” Er staan nog zo’n twintig woningen te koop. “En waarom zou je een huis overkopen als je precies dezelfde helemaal ongebruikt opgeleverd kunt krijgen?”

Binnenplaats Lommerrijk. Foto: Alexander Leeuw

Voor de crisis werden alle woningen als vanzelf door de markt geabsorbeerd, zegt een woordvoerder van Rochdale. De corporatie heeft dus geen fouten gemaakt, vindt hij. Met de andere eigenaren heeft Egbers gevraagd om financiële compensatie bij Rochdale. De corporatie begreep het probleem, maar kon niets doen. “Het is nou eenmaal overal crisis”, zegt Egberts. “Ik begrijp dat best. Soms voelt het gewoon onrechtvaardig. Ons is een mooi plaatje voorgeschoteld: een hele nieuwe wijk. Nu hoeven we de komende jaren nergens op te rekenen. Ik weet best dat beloftes geen garanties zijn. Toch is het wrang. Had niemand dit kunnen voorzien?”