De laatste stuiptrekkingen van de Bos en Lommermarkt

AMSTERDAM – In de rubriek Verloren Amsterdam zoomen we dagelijks in op stukjes Amsterdam, die dreigen te verdwijnen of inmiddels al tot de historie behoren. Vandaag: de Bos en Lommermarkt, een markt onder druk.

‘Voor u vier eurootjes, meneer’, roept marktkoopman John Laurens (32) tegen een potentiële klant in een zwart trainingsjack. De man houdt de rode speelgoedracewagen boven zijn hoofd en richt zijn blik over het lege Bos en Lommerplein. ‘Dat is te veel’, zegt hij stellig, hopend op een tegenbod. Laurens knikt: ‘Dat weet ik, maar ik moet het er wel echt voor hebben.’

Op deze regenachtige vrijdag heeft het Bos en Lommerplein de aanblik van een après-skioord in de zomer. Slechts 9 van de 33 kraampjes zijn opgezet en de marktkooplieden wachten met hun handen in de zakken op de schaarse klanten. Twintig jaar geleden stonden er op deze markt 120 kramen, maar die tijden zijn vervlogen. Er staan nu nog maar 33 kooplieden ingeschreven, maar die komen lang niet altijd. John Laurens is een van de laatste overgeblevenen. Hij verdient op de markt nog net boven het minimuminkomen, maar zoals het ernaar uitziet is er vanaf volgend jaar geen plek meer op het Bos en Lommerplein voor Laurens en zijn collega’s. Stadsdeel West nam op 6 november vorig jaar het voorlopige besluit om de markt per 1 juli 2021 op te heffen.

‘Het is schandalig’, zegt Abdeslam Belfqih (38) voorzitter van de marktcommissie. ‘Ik geloof normaal gesproken niet in complottheorieën, maar ik denk dat de gemeente heeft geprobeerd om deze markt systematisch af te breken. Er staan geen bankjes meer, de pinautomaten zijn weggehaald en er liggen overal op het plein losse tegels’, zegt Belfqih. ‘Ik ga in de zomer naar Marokko, in Marrakech liggen de pleinen er beter bij.’

 

John Laurens helpt een vrouw op de Bos en Lommermarkt

Volgens Belfqih en Laurens heeft de gemeente nog geen goed alternatief geboden: ‘Bij andere markten moeten we helemaal onderaan beginnen. Op Plein 40-45 is de wachttijd voor een vaste plek meer dan zes jaar. Daar kunnen we niet op wachten’, zegt Laurens. Belfqih vult zijn collega aan: ‘Ze hebben ons aangeboden om naar de Van der Pekmarkt in Noord te gaan, dat is een dooie mus. Daar komt wit publiek en ik verkoop sjaals en hoofddoeken’, zegt Belfqih.

Stadsdeelbestuurder Melanie van der Horst (D66) herkent zich niet in de beschuldigingen van Belfqih. ‘Afgelopen jaren hebben wij 30.000 euro vrijgemaakt om de markt een boost te geven. Dat heeft helaas niet mogen baten. Op sommige dagen staan hier maar twee kraampjes, dat kun je haast geen markt meer noemen.’ Over drie weken neemt het Stadsdeel een definitief besluit over de markt. ‘We zien geen aanknopingspunten meer om de markt in deze vorm door te laten gaan.’ Wel wil Van der Horst ervoor zorgen dat de marktkooplieden een goede begeleiding krijgen wanneer de markt verdwijnt. ‘We gaan voor ieder individu een passende oplossing zoeken. Sommige mensen helpen we aan een plekje op een andere markt en anderen aan een nieuwe baan.’   

Claus van der Goot is een van de weinige marktkooplieden die het zich op deze vrijdag niet kan veroorloven om de handen in de zakken te houden. Bij zijn viskraam dringen de mensen zich samen als haringen in een ton. Van der Goot moet zich voelen als de eigenaar van een populaire attractie op een uitgestorven pretpark. ‘Ik ben helemaal klaar met deze markt. De marktkooplui hebben allemaal een grote mond, maar presteren niks’, zegt Van der Goot. ‘Ik sta hier zeventig tot tachtig uur in de week, terwijl de rest net aan de veertig komt’. Volgens Van der Goot krijgt hij bij sluiting van de markt een plek op de hoek van het plein. ‘Ik ben er blij mee. Ik heb een kar van twee ton en die betaal ik op de hoek sneller af, dan in dit tochtgat.’

Claus van der Goot in zijn vishandel

Laurens haalt zijn schouders op als hij de woorden van Van der Goot hoort. ‘Leven en laten leven heb ik altijd geleerd. Ik ben blij voor Claus, maar hoop wel dat de gemeente ook voor ons een oplossing vindt’, zegt hij. Laurens ziet het niet zitten dat hij op zijn tweeëndertigste nog op zoek moet gaan naar een ‘gewone’ baan. ‘Je kunt de koopman wel van de markt halen, maar de markt niet uit de koopman’, zegt hij terwijl hij de rode racewagen teruglegt op zijn plek.

Update 4 februari: Stadsdeel West laat in een persbericht weten dat de markt per 1 september 2021 definitief verdwijnt. Vanaf die datum komt er een wekelijkse markt. Lees hier meer.