“De politieke achtergrond van een stemmenteller is niet belangrijk”

Stemmentellers verwerken tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van 19 maart duizenden Amsterdamse stembiljetten.
Stemmentellers verwerken tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van 19 maart duizenden Amsterdamse stembiljetten.
Stempas mee, hokje in, bolletje kleuren. Bij het uitbrengen van een stem voor de gemeenteraadsverkiezingen kan in theorie weinig fout gaan. Tenminste, als de stemmenteller zich niet vergist. Hoe worden tellers geselecteerd? En kan een teller een stem laten ‘verdwijnen’?

Stemgerechtigd Amsterdam mag op 19 maart naar de stembus. Met de stempas, die over enkele weken op de deurmat valt, kunnen inwoners hun stem uitbrengen in één van de 570 stembureaus in Amsterdam. Achter de schermen werft de gemeente pakweg 3000 bureauleden om de stembureaus te bemannen. Daarnaast zijn 2700 tellers nodig. “Elk stadsdeel zorgt voor zijn eigen tellers”, zegt Jutta Ravelli, communicatieadviseur bij de Dienst Basisinformatie (DBI) van de gemeente Amsterdam.

Dat sommige stadsdelen daar uitzendbureaus voor inzetten, blijkt uit een poster van uitzendbureau Students for Students. Volgens een medewerker werft het bureau maar liefst 1800 stemmentellers in de gemeente Amsterdam. Ook uitzendbureau NuFlex is met deze taak belast. In de komende weken selecteert het bedrijf 240 stemmentellers voor stadsdeel Amsterdam Zuidoost. Directeur Roan Borhem: “We richten ons vooral op studenten, die we via sociale media en via folders willen bereiken. Studenten hebben meer tijd om stemmen te tellen dan mensen met een fulltime baan.”

Wat moeten stemmentellers op 19 maart precies doen?
Ravelli: “De tellers komen pas om 20.30 uur in beeld. Dan is de stembus gesloten. Ze voegen zich bij de stembureauleden om, in groepjes, te helpen tellen. Biljetten openvouwen, geldigheid checken en stemmen sorteren, dus. De tellers doen dubbel werk: één keer tellen ze op partij, één keer op kandidaat.”

Welke criteria worden aan tellers gesteld?
Ravelli: “Je moet achttien jaar zijn, of ouder. En je moet kunnen tellen en instructies op kunnen volgen.”
Borhem: “Als ik tellers selecteer, kijk ik alleen maar naar representativiteit. Laatst heb ik nog een dame op teenslippers afgewezen; op zulke schoenen kun je niet in een stembureau staan. Ik vind de opleiding of de politieke achtergrond van een stemmenteller niet belangrijk.”

Potentiële tellers hoeven geen Verklaring Omtrent Gedrag in te leveren, of zoiets. Bij de selectie gaat het om een intrinsiek gevoel.

Hoe weten jullie of de geselecteerde tellers betrouwbaar en nauwkeurig zijn?
Borhem: “Dat is een terechte vraag. In het selectieproces voor tellers kan ik daar weinig mee. Potentiële tellers hoeven geen Verklaring Omtrent Gedrag in te leveren, of zoiets. Het gaat om het intrinsieke gevoel; bij de selectie ga ik af op mijn gut feeling.”

In 2010 schreef NRC over Rotterdamse stemmentellers die mogelijk betrokken waren bij diefstal van stembiljetten. Kan zo’n papiertje niet gemakkelijk weggemoffeld worden?
Ravelli: “Elk stembureau heeft één voorzitter en drie stembureauleden. Die stembureauleden houden toezicht op de stemmentellers. Door de dubbele telling komen fouten onmiddellijk boven tafel; het totale aantal biljetten moet twee keer hetzelfde zijn.”

Maar wie controleert die stembureauleden dan?
Ravelli: “De gemeente heeft 140 wijkambtenaren aangesteld. Zij komen langs om de stembureauleden te beoordelen en te controleren. Vooraf moeten de leden zelf een e-cursus en een opleiding volgen. Ook worden ze na afloop geëvalueerd, dus ze kunnen er niet zomaar een potje van maken.”

Rond 25 februari krijgen Amsterdammers hun persoonlijke stempas thuisgestuurd. Wie de stempas met het identiteitsbewijs op 19 maart meeneemt naar een stembureau, mag het stemhokje in om een rondje rood te kleuren.