Eerste Kamer debatteert over spreidingswet. Wat staat er op het spel voor Amsterdam? 

De Eerste Kamer debatteert vandaag voor de tweede dag op rij over de veelbesproken spreidingswet. De wet van asielstaatssecretaris Eric van der Burg (VVD) moet zorgen voor een eerlijke verdeling van asielzoekers over gemeenten en het overbelaste opvangcentrum in Ter Apel ontlasten. In uiterste gevallen maakt de wet het mogelijk gemeenten te dwingen meer asielzoekers op te vangen dan ze willen. Volgende week dinsdag volgt de definitieve stemming. 

De Tweede Kamer nam de wet in oktober al aan. In de Eerste Kamer, waar tegenstander BBB de grootste partij is, is een meerderheid niet vanzelfsprekend. Sinds de val van het kabinet steunt ook de VVD de wet van hun eigen staatssecretaris niet meer. Voorstanders GroenLinks-PvdA, CDA, D66, SP, ChristenUnie, Partij voor de Dieren en Volt komen in de senaat twee zetels tekort voor een meerderheid. Eenmansfracties Onafhankelijke Politiek Nederland (OPNL) en 50Plus zouden doorslaggevend kunnen zijn, maar ook bij VVD en BBB is het spannend. Er zal namelijk – ongebruikelijk voor de Eerste Kamer – hoofdelijk over de wet gestemd worden, waardoor individuele senatoren van de partijlijn zouden kunnen afwijken.

Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA), verantwoordelijk voor de opvanglocaties, denkt niet dat de spreidingswet voor Amsterdam grote gevolgen zou hebben. Woordvoerder Ronald Smallenburg: “Het kan altijd beter, maar al met al doet Amsterdam het goed. Het aannemen van de spreidingswet zou voor Amsterdam, denk ik, niet meteen een grote extra druk opleveren.’’

‘Gastvrije stad’

Terwijl bijna de helft van de gemeenten in Noord-Holland de afgelopen jaren geen opvang voor asielzoekers en statushouders aanbood, krikte Amsterdam het aantal opvangplekken eind vorig jaar nog vrijwillig op. De gemeente biedt nu 4000 plekken voor asielzoekers en statushouders. “En ze vangen daarnaast ook nog veel tijdelijke Oekraïners op’’, benadrukt Smallenburg. Volgens de gemeente waren dat er in december 3400. 

Van de 4000 asielzoekers en statushouders zitten 700 mensen in Amsterdams enige asielzoekerscentrum aan de Willinklaan. De rest zit verspreid over noodopvanglocaties. Dit voorjaar wordt gestart met de bouw van een nieuw asielzoekerscentrum met 500 plekken in Houthaven. Dat kan naar verwachting eind 2026 in gebruik worden genomen. “Amsterdam is een gastvrije stad en bekommert zich over het lot van vluchtelingen’’, zei wethouder Rutger Groot Wassink daar eind december over. De gemeente riep het kabinet al meermaals op om met de spreidingswet voor ‘menswaardige opvang’ te zorgen. Volgens Groot Wassink heeft Nederland dan ook ‘geen asielcrisis, maar een opvangcrisis’. 

COA-woordvoerder Smallenburg is het daarmee eens. “Op de instroom heeft Nederland weinig invloed en daar gaat de wet ook niet over, die gaat over een eerlijke verdeling.’’ Het COA hoopt dat de wet het gaat redden. “Dan staan we veel sterker in de onderhandelingen met gemeenten en kunnen we de opvangcrisis echt kleiner maken. Dan hoeven er geen mensen meer in tentjes te slapen in Ter Apel. Dat maakt niet alleen ons werk makkelijker, maar is ook beter voor Nederland.’’ 

Statushouders

Amsterdam vangt volgens Smallenburg dus genoeg asielzoekers op, met name in (nood)opvanglocaties. Wel heeft de gemeente het moeilijker met statushouders. “Dat is een belangrijk onderscheid, want statushouders hebben van de IND een verblijfsvergunning gekregen en moeten van de gemeente woonruimte krijgen. Dat is voor Amsterdam heel lastig.’’ 

Een plan van de gemeente om 1200 extra asielzoekers op te vangen, op voorwaarde dat 1200 statushouders naar andere Noord-Hollandse gemeenten zouden gaan, stuitte op verzet bij andere Noord-Hollandse gemeente, blijkt uit een brief in handen van RTL-nieuws. Tweede Kamerlid Mona Keijzer (BBB) diende daarover schriftelijke vragen in bij staatssecretaris Van der Burg en minister Hugo de Jonge. Smallenburg vindt niet dat Amsterdam het woningprobleem probeert af te schuiven op andere gemeenten: “Dat zou ik zeker niet zeggen. Er zijn gemeenten die echt meer kunnen doen, maar Amsterdam is een prettige partner.’’